
Gisteren debatteerde de Tweede kamer in eerste termijn over de SZW-begroting voor 2026. Hier zijn de belangrijkste discussiepunten en toezeggingen met betrekking tot armoede- en schuldenbeleid:
- Stijging van armoede en de impact van kabinetsplannen
- Kritiek op stijging armoede: Verschillende fracties (o.a. GroenLinks-PvdA, SP, 50PLUS, DENK) wezen op de verwachte toename van armoede door de kabinetsplannen, met name door bezuinigingen op sociale zekerheid, zoals de verkorting van de WW, verlaging van het maximumdagloon voor WIA en de AOW-leeftijd. De VVD en D66 benadrukten dat armoede ook om meer gaat dan alleen geld, zoals meedoen in de samenleving, maar dit werd door oppositiepartijen als onvoldoende gezien. NB. Op 26 februari werd de motie over ervoor zorgdragen dat de armoede in ons land in deze kabinetsperiode afneemt in plaats van toeneemt, met algemene stemmen aangenomen.
- Cijfers en definities: Er werd gediscussieerd over de definitie van armoede en de nieuwe armoedegrens. Het CDA en 50PLUS vroegen zich af of de nieuwe definitie niet te veel mensen “uit de armoede definieert” en of alle groepen voldoende in beeld zijn. Ook werd gewezen op de intensiteit en duur van armoede, die vaak onvoldoende worden meegenomen in beleid. ChristenUnie diende een motie in om het Nibud voorbeeldhuishoudens te laten doorrekenen, met extra aandacht voor huishoudens met zorgkosten en kinderen. Dit werd breed gesteund.
- Verlaging maximumdagloon WIA en verkorting WW: D66 en CDA gaven aan dat ze openstaan voor alternatieven als de verlaging van het maximumdagloon WIA juridisch niet houdbaar blijkt of als sociale partners met betere voorstellen komen. SP, SGP en JA21 vroegen om eerbiedigende werking bij de verlaging van het maximumdagloon en de verkorting van de WW, zodat bestaande gevallen niet geraakt worden. Het kabinet deed geen concrete toezegging.
- Vindbaarheid en toegankelijkheid van regelingen
- Complexiteit van regelingen: Meerdere fracties (o.a. D66, CDA, 50PLUS) benadrukten dat armoedebeleid alleen effectief is als mensen weten dat ze recht hebben op ondersteuning en deze ook daadwerkelijk kunnen vinden. Er werd gewezen op de verschillen tussen gemeenten in de uitvoering van regelingen, zoals de bijzondere bijstand, studietoeslag en kwijtschelding van lokale belastingen. Dit leidt tot een “postcodeloterij” waarbij mensen in de ene gemeente wel en in de andere gemeente geen recht hebben op bepaalde voorzieningen.
- Automatisering van toeslagen: Het CDA en GroenLinks-PvdA pleitten voor het automatisch toekennen en uitkeren van toeslagen, om onderuitputting en terugvorderingen te voorkomen.
- Schuldhulpverlening en schuldenindustrie
- Schuldenindustrie: De ChristenUnie (Ceder) wees op de problematiek van de schuldenindustrie, waarbij schulden onnodig oplopen door kosten zoals aanmaningen, incassokosten en rentekosten. Er werd toezegging gevraagd voor financiering van het collectieve afbetalingsplan, maar het kabinet gaf geen concreet antwoord.
- Vrijwilligersorganisaties, zoals SchuldHulpMaatje, spelen volgens ChristenUnie een cruciale rol spelen in het voorkomen van schulden en het bieden van hulp. Deze organisaties besparen de samenleving miljoenen euro’s per jaar, maar krijgen onvoldoende financiering en erkenning.
- Eerder aanpakken: Er werd opgeroepen om schulden eerder aan te pakken, bijvoorbeeld door samenwerking met huisartsen en buurthuizen, zodat mensen niet pas hulp krijgen als de schulden al hoog zijn.
- Betere begeleiding: ChristenUnie en DENK dienden een amendement in voor betere monitoring, begeleiding en nazorg in de schuldhulpverlening. Het kabinet werd opgeroepen om vrijwilligersorganisaties een vaste plek te geven als ketenpartner in de schuldhulpverlening.
- Stapeleffecten en kwetsbare groepen
- Stapeling van problemen: Het CPB liet zien dat risico’s in het leven zich vaak opstapelen (bijv. werkloosheid, gezondheidsproblemen, scheiding). Het kabinet werd opgeroepen om bij hervormingen rekening te houden met deze stapeleffecten, vooral voor kwetsbare groepen zoals jongeren, alleenstaande ouders en mensen met een arbeidsbeperking.
- Jongeren in armoede: DENK wees op de 350.000 kwetsbare jongeren in Nederland die te maken hebben met schulden, psychische problematiek en instabiele woonsituaties. Er werd gepleit voor meer ruimte voor gemeenten om deze jongeren te helpen, bijvoorbeeld via het Bouwdepot (een jaar lang maandelijkse bijdrage en begeleiding).
- Harmonisatie en uniformering van regelingen
- Landelijke regelingen: D66, Volt en CDA pleitten voor het harmoniseren en uniformeren van gemeentelijke regelingen, zoals de studietoeslag, individuele inkomenstoeslag en gemeentelijke zorgpolis. Dit zou de toegankelijkheid vergroten en de “postcodeloterij” verminderen.
- Nationale betaaldag: Het CDA en 50PLUS steunden het idee van een nationale betaaldag voor inkomensregelingen, om mensen meer grip te geven op hun financiën.
- Financiële educatie en preventie
- Financiële opvoeding: Er werd opgeroepen om financiële educatie op scholen te verbinden met vroegsignalering en schuldhulpverlening, zodat jongeren niet pas geholpen worden als de schulden al hoog zijn.
- Noodpakketten en maatschappelijke weerbaarheid: Volt en CDA vroegen aandacht voor noodpakketten en maatschappelijke weerbaarheid, vooral voor minima. Er werd voorgesteld om 15 miljoen euro uit het budget voor maatschappelijke paraatheid te halen om noodpakketten beschikbaar te stellen voor mensen die ze niet zelf kunnen betalen.
Dit debat wordt voortgezet op donderdag 19 maart (tweede termijn).





























































