Motie samenvoeging Wgs, Wsnp en schuldenbewind

Met het oog op het Kamerdebat op 11 november dienen we deze fictieve motie in, en geven we het startsein voor het ontwerpen van de Schuldenwet waarin de Wgs, Wsnp en schuldenbewind worden samengevoegd. Het systeem moet op de schop. De tijd van pleisters plakken is voorbij. (Klik om te vergroten)

De Schuldenwet wordt uitgevoerd door gemeenten en biedt als volgt een oplossing voor schulden:

Er is een standaardberekening voor de afloscapaciteit in 3 jaar, rekening houdend met eventuele inkomensstijging. De gemeente lost in de meeste gevallen met een saneringskrediet dat deel van de schulden direct af. Schuldeisers schelden de rest kwijt en sluiten de boeken. Je hebt nog maar één schuldeiser: de gemeente. Tijdens het traject word je geholpen met werk, scholing en ondersteuning op alle leefgebieden. De schuldhulpverlener beheert je inkomen en uitgaven. Na 3 jaar ben je schuldenvrij!

Maar schuldenaren moeten nu toch ook al 3 jaar maximaal aflossen? Klopt, de oplossing blijft hetzelfde. Er worden alleen overbodige stappen uit het proces gehaald, en het wordt strakker en uniformer georganiseerd, met minder ruimte voor gemeenten om af te wijken. De rechter komt er alleen aan te pas als het echt nodig is.

Optioneel is om de doorlooptijd van 3 jaar te verkorten naar bijvoorbeeld 2 jaar, waarbij niet de schuldeiser of schuldenaar maar de overheid het 3e jaar voor haar rekening neemt.

Dit voorstel bouwt voort op het 1 regeling voorstel van Taco Schaafsma, is het antwoord op de met algemene stemmen aangenomen motie over samenvoeging van het minnelijk traject en de Wsnp, is complementair aan doorpakkenopburgerschulden.nl en bevat elementen uit het Wet integrale schuldsanering voorstel van Maarten Bergman.

In de Schuldenwet staan de belangen van de schuldeiser en schuldenaar voorop.

Alleen maar voordelen

  • Cliënten hebben minder stress, want ze hebben 1 schuldhulpverlener en 1 schuldeiser en betalen elke maand hetzelfde bedrag. Ze hoeven niet meer naar de rechter voor Wsnp of schuldenbewind;
  • Kwetsbare en tijdrovende overdrachten tussen gemeente, rechtbank en bewindvoerder behoren tot het verleden. Er is minder bureaucratie en administratie. De doorlooptijden worden drastisch korter.
  • Er worden meer mensen geholpen en er is minder uitval.
  • Voor schuldenaren loont het om (meer) te gaan werken of naar school te gaan.
  • De kwaliteit en effectiviteit van de schuldhulpverlening neemt toe. Er is een duidelijk toetsingskader.
  • De maatschappelijke kosten zijn lager.
  • De schuldeiser krijgt direct een deel van zijn vordering, regelt direct BTW-teruggave, sluit de boeken en maakt geen incassokosten meer. Hij profiteert niet van inkomensstijging (die in de praktijk meestal tegenvalt), maar heeft ook geen last van inkomensdaling.
  • Schuldhulpverleners hoeven niet meer te ‘onderhandelen’ met schuldeisers, omdat alles gebeurt volgens de standaard. Er is rechtszekerheid voor schuldeisers: zij kunnen naar de rechter als zij vinden dat zij worden benadeeld.
  • Gemeenten regisseren de hulp op alle leefgebieden zoals gezondheid, werk, inkomen, huisvesting, dagbesteding, huiselijke relaties en verslaving. De integrale aanpak wordt effectiever en efficiënter.
  • Bedrijven beoordelen zorgvuldiger of iemand kredietwaardig is.
  • De informatievoorziening is minder versnipperd. BKR, beslagregister, VISH, Schuldenwijzer, Blauwe Knop, Centraal curatele- en bewindregister, Centraal Insolventie Register, systemen voor vroegsignalering, Schuldenknooppunt en andere bronnen en communicatiekanalen worden gekoppeld of samengevoegd waar mogelijk.

Denk mee

De komende tijd delen we onderdelen van het wetsvoorstel en zullen deskundigen zich erover uitspreken. Laat ook weten wat je ervan vindt!