UWV en SVB mogen straks ook akkoord gaan met nulaanbod

Het op 8 juli 2025 ingediende wetsvoorstel Wet handhaving sociale zekerheid geeft UWV, SVB en gemeenten bij het handhaven van de regels in de socialezekerheidswetten meer ruimte om rekening te houden met de persoonlijke situatie van mensen. Zolang de Tweede Kamer het voorstel nog niet heeft aangenomen, kan de regering nog wijzigingen aanbrengen. In de Nota van wijziging die minister Paul van SZW gisteren ondertekende, lees je dat UWV en SVB straks net als gemeenten akkoord mogen gaan met een nulaanbod:

Toelichting op p. 5: In de huidige wetgeving bestaat een bevoegdheid voor UWV, SVB en gemeenten om deel te nemen aan minnelijke schuldregelingen. Er bestaat een verschil tussen de wijze waarop dit geregeld is voor gemeenten en voor UWV en SVB. Gemeenten hebben de ongeclausuleerde mogelijkheid om deel te nemen aan schuldregelingen. UWV en SVB kunnen slechts gedeeltelijk afzien van een vordering binnen dit proces. Dit houdt in dat er in een schuldregeling altijd enige afbetaling moet zijn, willen UWV en SVB deel kunnen nemen. Hierdoor is gebleken dat UWV en SVB niet kunnen ingaan op schuldenregelingen ten aanzien van mensen die geen afloscapaciteit hebben. Deze personen bieden een schuldregeling zonder aflossing aan, waarbij schuldeisers akkoord gaan met een regeling waarbinnen in beginsel geen uitbetaling plaatsvindt. De schuldregeling kent de reguliere looptijd en de aflossing kan herzien worden indien iemand onverwacht toch afloscapaciteit krijgt. Daarna worden de schulden gesaneerd, ook als er geen uitbetaling heeft plaatsgevonden. Het voordeel van de mogelijkheid om deel te kunnen nemen aan een dergelijke regeling, is dat er nog de mogelijkheid bestaat van aflossing gedurende de looptijd. Bijvoorbeeld als iemand alsnog inkomen realiseert of bij het beschikbaar raken van vermogen. Daarnaast is het ongewenst om een persoon buiten een schuldregeling te moeten houden, of enkel te kunnen deelnemen aan een schuldregeling na gerechtelijke interventie via een dwangakkoord of wettelijke schuldsaneringsregeling.
Voorgesteld wordt om dit te wijzigen, zodat UWV en SVB in aanvulling op de huidige mogelijkheid om gedeeltelijk te kunnen afzien ook geheel te kunnen afzien van terugvordering. De bepalingen worden gelijk getrokken aan de bepalingen zoals deze in de Participatiewet bestaan, omdat de voorgestelde werkwijze daar praktisch kan. Dit komt de uniformiteit van overheidshandelen ten goede.

5% terugvorderingen uitkeringen leidt tot problematische schulden

Onderzoek van Ipsos I&O laat zien dat 60% van terugvorderingen van uitkeringen leidt tot negatieve effecten.

In een reactie noemt het kabinet de conclusie dat 25% van de betrokkenen ernstige negatieve effecten ondervindt van een terugvordering verontrustend. En bijzonder zorgwekkend is ook de bevinding dat een terugvordering voor 5% van de mensen tot problematische schulden leidt. Dit zou volgens het kabinet niet moeten mogen en het huidige vorderingenbeleid biedt ook waarborgen om dit te voorkomen. Terugvordering is een verplichting, maar er is recent meer ruimte ontstaan om in bepaalde situaties geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien.

Het kabinet wijst op verschillende maatregelen in het Nationaal Programma Armoede en Schulden en de herziening van het stelsel van civiele invordering om de negatieve effecten te voorkomen.

Lees de samenvatting van het rapport.

Gefaseerde invoering Participatiewet in balans

Het wetsvoorstel Participatiewet in balans is dit voorjaar aangenomen in de Tweede Kamer. Naar verwachting behandelt de Eerste Kamer het wetsvoorstel kort na de zomer. Bekijk alle stukken en de voortgang op eerstekamer.nl.

VNG, Divosa en SZW maakten een planning voor de implementatie van de ruim 20 wijzigingen. In onderstaand schema zie je dat je een aantal zaken direct al per 1 januari 2026 geregeld moet hebben (ervan uitgaande dat de Eerste Kamer dit najaar de wet aanneemt). Andere zaken kun je later regelen. Klik om te vergroten.

Hieronder de zaken meest relevant voor armoede- en schuldenbeleid:

Direct per 1-1-2026:

  • Giften tot € 1.200 vrijlaten. Je moet bedenken hoe je gaat communiceren en beoordelen. En je moet beleidsregels opstellen of wijzigen. Hogere vrijlatingsgrenzen zijn niet mogelijk, maar je kunt wel invulling geven aan het begrip ‘redelijkheid’ bij giften boven de € 1.200. Het bedrag wordt overigens geïndexeerd verhoogd.
  • Bevoorschotting moet maximaal 95% van de bijstandsnorm zijn, waardoor het bedrag onder de beslagvrije voet blijft. Dit voorkomt dat iemand door een disproportioneel hoog voorschot later met terugvorderingen komt te zitten waarvoor (te) weinig inkomen beschikbaar is.

Na 1-1-2026:

Na 1 januari mag je al het volgende doen, als je daar klaar voor bent. Vanaf 2027 moet je het doen.

  • Het bufferbudget toekennen. Dit is een nieuw maatwerkinstrument om de financiële problemen – die ontstaan door het verreken van inkomsten – op te vangen. Het bufferbudget bedraagt max. € 1.000 per jaar. Het bufferbudget wordt toegekend in een individueel geval als andere instrumenten zijn uitgeput of niet kunnen worden toegepast.
  • Bijverdiengrenzen verruimen. Bijstandsgerechtigden mogen gedurende max. 60 maanden max. € 2.597 per jaar bijverdienen zonder dat dit gekort wordt op de uitkering.
  • De individuele inkomenstoeslag ambtshalve toekennen aan personen die daarvoor naar het oordeel van de gemeente in aanmerking komen. Dit is een kan-bepaling (en niet een moet-bepaling zoals ik eerder schreef).

Lees meer in Gemeentenieuws van SZW 2025-4.

Ook goed om te weten: Minister Van Hijum stuurde eerder deze week het wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid naar de Tweede kamer. Lees meer.

Wetsvoorstel Participatiewet in Balans naar Tweede Kamer

Zojuist werd het Wetsvoorstel Participatiewet in Balans (spoor 1) openbaar.

Ten opzichte van de eerste contouren in 2022, de consultatie-versie van vorig jaar en de versie waarover de Raad van State vorige week adviseerde is er het een en ander veranderd. Zo is de mogelijkheid om bij AMvB aan te wijzen situaties categoriale bijzondere bijstand toe te staan, komen te vervallen.

Op p. 14 van de Memorie van Toelichting vind je een handig overzicht van de ruim 20 maatregelen. Ik heb het nog wat verder samengevat:

  • De aanvulling op de jongmeerderjarigen-norm (18-21 jaar) wordt in beginsel gelijk voor alle gemeenten. Dit betekent dat gemeenten aanvullend € 634 aan jongeren kunnen geven wanneer ze redelijkerwijs geen steun van hun ouders krijgen. Wanneer blijkt dat dit bedrag niet voldoende is, kan de gemeente het bedrag verhogen. Als blijkt dat het bedrag te hoog is, kan de gemeente het verlagen.
  • Introductie van een standaard giftenvrijlating van € 1200 per jaar. Niet iedere gift moet meer worden gemeld. Melding is alleen nodig, als het totaal aantal giften boven de € 1200 per jaar uitkomt. De giften die worden ontvangen, moeten worden bijgehouden door de bijstandsgerechtigde zelf.
  • Voortaan wordt er rekening gehouden met zowel het huidige vermogen als de huidige schulden. Melding (in het kader van de inlichtingenplicht) is alleen nodig wanneer toenamen in bezit leiden tot een vermogen boven de vermogensgrens en moeten dus door de bijstandsgerechtigde zelf worden bijgehouden.
  • De vierwekenzoektermijn voor jongeren tot 27 jaar blijft van kracht. De gemeente krijgt wel de mogelijkheid om in knellende situaties geen gebruik te maken van de vierwekenzoektermijn.
  • De gemeente krijgt de mogelijkheid om een bijstandsuitkering met terugwerkende kracht te verstrekken. De maximale lengte is tot en met 3 maanden terug.
  • Voorgesteld wordt de norm voor de niet-kostendelende bijstandsgerechtigde van 21 jaar of ouder met een niet-rechthebbende partner vast te stellen op het niveau van de alleenstaandennormen (ongeveer 70% van de gehuwdennorm).
  • Bijstandsnorm alleenstaande ouder zonder ALO-kop. Een bijstandsgerechtigde met een niet-rechthebbende partner (bijvoorbeeld omdat deze in het buitenland of in de gevangenis verblijft) en met in Nederland wonende kinderen, heeft geen recht op extra kindgebonden budget. Dit komt door verschillende partnerbegrippen in verschillende wetten. In jurisprudentie is bepaald dat de bijstandsuitkering in deze situaties wordt verhoogd. Dit wordt nu ook vastgelegd in de wet.
  • Voorgesteld wordt om de aanvraagdatum van de eerst aangevraagde uitkering (bijstand, Bbz, IOA, IOAZ) bij een gemeente als meldingsdatum voor een bijstandsaanvraag te hanteren.
  • De verschillende vrijlatingsregelingen worden hetzelfde gemaakt in één vrijlating. De vrijlating bedraagt 15% voor de periode van 1 jaar. De gemeente kan besluiten de vrijlating te verlengen als men niet meer uren kan werken wegens individuele omstandigheden. De structurele vrijlating voor mensen met een medische uren beperking blijft behouden.
  • De aanvraagprocedure wordt vereenvoudigd: Het wordt mogelijk om bijstand toe te kennen op basis van DigiD. Hierdoor kan de hele aanvraag digitaal plaatsvinden. Identificatie mag voortaan ook op basis van een rijbewijs. Bijstandsgerechtigden die uit de bijstand zijn gestroomd en binnen 12 maanden weer instromen kunnen gebruik maken van een verkorte aanvraagprocedure, waarbij gegevens van eerdere aanvragen gebruikt mogen worden.
  • Door een uniforme wijze van het berekenen van het netto-inkomen voor te schrijven, wordt (automatisch) verrekenen op basis van de gegevens uit de polisadministratie mogelijk gemaakt. Ook wordt het transactiestelsel verduidelijkt. Het loonstrookje hoeft niet meer in alle gevallen maandelijks te worden aangeleverd. Dit vermindert de lastendruk en kan het proces in veel gevallen bespoedigen.
  • Er komt regelgeving waarin de standaardwijze voor het verrekenen van de eindejaarsuitkering, vakantiebijslag en keuzebudget wordt opgenomen. Dit maakt het verrekenproces eenduidiger. Ook wordt voorkomen dat bijstandsgerechtigden met inkomen naast de bijstand door het verrekenen van dit inkomen op maandbasis onder de bijstandsnorm terechtkomen.
  • Met het bufferbudget wordt een nieuw maatwerkinstrument geïntroduceerd om de financiële problemen – die ontstaan door het verreken van inkomsten – op te vangen en het bijstandsniveau te kunnen garanderen. Het bufferbudget bedraagt maximaal € 1000 per jaar en wordt toegekend en beheerd door de gemeenten. Het wordt toegekend als andere instrumenten zijn uitgeput of niet kunnen worden toegepast.
  • De bijstandsgerechtigde heeft een generieke participatieplicht. Dit houdt in dat iemand naar vermogen algemeen geaccepteerd arbeid moet verkrijgen, accepteren, behouden en gebruik te maken van een door de gemeente aangeboden (re-integratie) voorziening. Standaard specifieke verplichtingen, zoals het bereid moeten zijn om drie uur te reizen voor werk, komen te vervallen.
  • Bijstandsgerechtigden die niet (direct) kunnen werken, krijgen meer ruimte om hun maatschappelijke participatie zelf vorm te geven. Daarbij kunnen zij aanspraak maken op ondersteuning, conform het gemeentelijk beleid.
  • Er komt een maatregelenbesluit waarin gemeenten meer ruimte krijgen om bij het opleggen van maatregelen rekening te houden met de individuele omstandigheden. De standaard-verlagingen die op dit moment in de wet zijn opgenomen komen te vervallen.
  • Er wordt in de wet opgenomen dat mantelzorg geen op loon te waarderen arbeid is en dat – als men samenwoont vanwege de intensieve mantelzorg die wordt verleend – dit niet als gemeenschappelijk huishouden kan worden gezien.

De inwerkingtreding is mede afhankelijk van wanneer behandeling plaats zal vinden in de Kamer. Ik verwacht inwerkingtreding per 1-1-2026.

Wat heb je gemist tijdens je vakantie

  • Nog net voor het zomerreces verzoekt de Tweede Kamer met een motie de regering om te voorkomen dat de armoede in Nederland toeneemt door de val van het kabinet-Rutte IV. Alleen FVD stemt tegen.
  • Tot 5 september kun je reageren op de internetconsultatie wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid. Het is een aanscherping van een eerder voorstel.
  • Er zijn belangrijke stappen gezet om wonen weer betaalbaar te maken voor meer mensen. Dat schrijft minister Hugo de Jonge in zijn voortgangsrapportage over het vorig jaar gelanceerde programma Betaalbaar wonen. Zo kregen 600.000 huurders met lage inkomens per 1 juli huurverlaging naar € 575 per maand.
  • De rechtbank kan niet uit de voeten met de nieuwe bepaling dat de Wsnp-aflosperiode wordt verkort met de periode waarin iemand al heeft afgelost in de Msnp. De rechter vindt het oneerlijk, omdat niet iedereen kan aflossen, bijvoorbeeld a.g.v. beslag. Ook vreest de rechter dat het leidt tot ongewenst gedrag van schuldeisers.
  • De VNG plaatst op 24 juli een nieuwe Q&A verkorting Msnp. Bovenstaande rechterlijke uitspraak is hierin nog niet verwerkt.
  • Diverse gemeenten overwegen om ook de Bbz-aflosperiode te verkorten. Gemeenten hebben hierin beleidsvrijheid. Er komt vooralsnog geen landelijke richtlijn.
  • Je kunt nog tot het eind van het jaar gebruikmaken van het tijdelijk verbrede waarborgfonds om te voorkomen dat schuldregelingen niet kunnen starten of worden afgebroken vanwege hoge energiekosten.
  • Er komt een andere verdeelsleutel voor de energietoeslag 2023. Het budget wordt verdeeld naar rato van het aantal langdurige minima tot 120% in de periode 2019-2021. Zijn er in jouw gemeente relatief veel of juist weinig langdurige minima, dan krijgt jouw gemeente waarschijnlijk een hoger respectievelijk lager bedrag dan vorig jaar. Zie hier mijn ruwe berekening.
  • De rechtbank oordeelt in hoger beroep dat de gemeente ‘s-Hertogenbosch bewindvoerders niet uit de markt mag drukken door geen bijzondere bijstand te verstrekken.
  • Ik heb 1x het boekje Schone Lei van Sandra Doevendans. Leuk om te lezen of weg te geven aan een cliënt. Mail me je adres, dan stuur ik het gratis toe. Wie het eerst komt… Boekje is inmiddels vergeven. Boris, veel leesplezier!

Wetsvoorstel om handhaving sociale zekerheid te versoepelen

Tot 6 maart kun je reageren op het wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid. Belangrijke onderdelen voor gemeenten (als bijstandsverstrekker):

  • Bij overtreding van de inlichtingenplicht wordt een boete van €450 opgelegd. Blijkt dat een boete zonder twijfel het aangewezen instrument is, dan bedraagt die €1.000. Deze boetes kunnen naar boven of beneden worden bijgesteld, waarmee vormen van maatwerk, evenredigheid en proportionaliteit worden ingevoerd. (Op dit moment kan de boete nog oplopen tot het benadelingsbedrag, Participatiewet art. 18).
  • Voorafgaand aan het opleggen van een boete voeren uitvoerders een toelichtingsgesprek, ter hoor en wederhoor. De uitkeringsinstantie legt de verplichting uit en vertelt hoe die in de toekomst nageleefd kan worden. Blijkt een gewaarschuwde uitkeringsgerechtigde niet mee te werken aan verplichtingen, dan worden maatregelen getroffen die gericht zijn op het wel laten meewerken van een persoon.
  • En is betrokkene wel bereid tot gedragsaanpassing, dan kan een maatregel worden teruggedraaid.
  • De gemeente kan eerst een waarschuwing opleggen. Die heeft nog geen financiële consequenties.
  • Personen die zich bezondigen aan ernstige misdragingen jegens een ambtenaar komen in principe voor de strafrechter. Maar de gemeente mag een bestuurlijke boete een bestuurlijke boete van €1000 opleggen als ze vindt dat het strafrecht niet de beste weg is.
  • Uitkeringen kunnen voortaan nog maar tot maximaal 5 jaar terug herzien worden.

Een deel van deze versoepelingen werd in juli 2022 aangekondigd. Bekijk alle (voorgenomen) beleidswijzigingen in de categorie Fraudewet.

Meer versoepelingen rond (terugvordering) uitkeringen

Vorige maand kondigde minister Schouten aan dat het kabinet de Participatiewet wil versoepelen. Ministers Schouten en Van Gennip kondigden eergisteren meer versoepelingen aan:

  • Onterecht uitbetaalde WW, AOW en bijstand kan voortaan tot maximaal 5 jaar nadien worden teruggevorderd. Tot nu toe was dat 20 jaar.
  • Het wordt voor uitkeringsinstanties makkelijker om een uitkering te stoppen als het het onmogelijk is om contact te krijgen met de ontvanger. Dit kan leiden tot misbruik van overheidsgeld omdat iemand onterecht een uitkering krijgt en het doorbetalen van de uitkering kan leiden tot steeds hogere terugvorderingen en boetes.
  • UWV en SVB verlenen bij alle geldschulden, op verzoek, uitstel van betaling verlenen tot maximaal 36 maanden. De afgesproken betalingsregeling moet eindig zijn. Mensen moeten perspectief hebben op het einde van de schuld en met een schone lei kunnen beginnen. Mede daarom is de mogelijkheid gecreëerd om mee te werken aan een minnelijke schuldregeling (dat laatste was al bekend).

De ministers hebben het voornemen om eind van dit jaar of begin volgend jaar een voorstel voor wetgeving voor internetconsultatie uit te zetten.

Kabinet versoepelt bijstand en wil ruimere mogelijkheden categoriale bijzondere bijstand

Minister Schouten schrijft aan de Tweede kamer dat ze de Participatiewet wil aanpassen. Veel aanpassingen werden al aangekondigd in het coalitieakkoord of zijn al in gang gezet onder het vorige kabinet. Maar er zijn ook een paar nieuwe voorstellen. Alle voorstellen op een rij:

  1. Verruiming bijverdiengrenzen. Maatregel uit coalitieakkoord.
  2. In schrijnende situaties afwijken van principe aanvraagdatum = ingangsdatum. Bijvoorbeeld tijdens/na afloop oproepcontract of bij pensionering/AIO komt het regelmatig voor dat aanvragers al één of enkele maanden nauwelijks inkomsten hebben ontvangen voordat ze een bijstandsuitkering aanvragen.
  3. Automatisch verrekenen van inkomsten uit arbeid. Door automatisch verrekenen op basis van gegevens uit de polisadministratie kunnen inkomsten worden verrekend zonder dat mensen elke maand hun loonstrook hoeven in te leveren.
  4. Verken mogelijkheden bufferbudget om de hierboven bedoelde inkomensschommelingen op te vangen.
  5. Recht op eigenstandig vormgeven van participatie, als arbeid geen optie is. Denk aan geen voorafgaande toestemming voor het verrichten van vrijwilligerswerk, mantelzorg of voor het volgen van een eigen opleiding.
  6. Versimpel het verrekenen van het vakantiegeld. Uit arbeid opgebouwd vakantiegeld wordt maandelijks op de bijstand in mindering gebracht. In de maand van uitbetaling van het vakantiegeld heeft betrokkene dan een extraatje, maar in de andere maanden beschikt hij over minder middelen dan de bijstandsgerechtigde zonder werk. Wijzigingen in de verrekensystematiek kunnen dit (deels) voorkomen.
  7. Eenvoudigere aanvraagprocedure. Onder andere voor personen die vanwege tijdelijke arbeid kortdurend bijstandsonafhankelijk zijn geweest. Hierdoor wordt een drempel om kortdurende arbeid te aanvaarden weggenomen.
  8. 4-weken-zoektermijn voor jongeren tot 27 jaar wordt kan-bepaling. Hierdoor kan maatwerk worden geboden. Jongeren blijven beter bij de gemeente in beeld, waardoor escalatie (denk aan dakloosheid) kan worden voorkomen.
  9. Merk ontvangsten uit giften, incidentele hobbymatige verkoop, ondersteuning uit eigen netwerk en geldleningen niet als middelen aan, tenzij dit vanuit een oogpunt van bijstandsverlening onaanvaardbaar is. In samenspraak met de uitvoering worden tot indicatieve maximale bedragen komen zodat de financiële prikkel om te werken behouden blijft.
  10. Kostendelersnorm n.v.t. bij vooropgezet tijdelijk verblijf. Denk bijvoorbeeld aan mensen in een crisissituatie, daklozen of mensen die dakloos dreigen te raken.
  11. Wegnemen van belemmeringen voor het verlenen van mantelzorg vanuit de bijstand. Indien arbeidsinschakeling op de korte termijn buiten beeld is, moet worden voorkomen dat andere maatschappelijk gewaardeerde werkzaamheden worden belemmerd.
  12. Harmoniseer de hoogte van de aanvullende bijzondere bijstand aan jongeren van wie ouders niet in beeld zijn of geen ondersteuning kunnen bieden door ziekte of armoede. Er zijn nu nog grote verschillen tussen gemeenten.
  13. Mogelijkheid tot verlening van categoriale bijzondere bijstand. Door de mogelijkheid te creëren om bij AMvB aan te wijzen situaties categoriale bijzondere bijstand toe te staan, kan soepeler worden ingespeeld op bredere behoeften aan inkomensondersteuning, zoals deze zich ook in het recente verleden hebben voorgedaan (Energietoeslag).
  14. Mogelijkheid om arbeids- en/of re-integratieverplichtingen af te stemmen op situatie van de bijstandsgerechtigde.
  15. Gemeenten mogen activiteiten gericht op maatschappelijke participatie verplichten. Voor bijstandsgerechtigden met grote afstand tot arbeidsmarkt.
  16. Gemeenten mogen maatregelen afstemmen op de individuele omstandigheden.
  17. Gelijke inlichtingenplicht bij gemeenten en SVB. Op basis van de Wet eenmalige gegevensuitvraag hoeven burgers al bekende gegevens niet opnieuw aan te leveren. Op dit moment zijn er verschillen tussen wat bij SVB niet en wat bij gemeenten wel moet worden aangeleverd.
  18. Verruim het experimenteerartikel, zodat meer onderzoek kan worden gedaan naar andere werkwijzen.
  19. Investeer in vakmanschap. Denk bijvoorbeeld aan het verankeren van inzichten uit pilots voor het bevorderen van de economische zelfstandigheid binnen het kader van ‘Vakkundig aan het Werk’.
  20. Bijstand afstemmen op individuele omstandigheden. Deze mogelijkheid bestaat al, maar wordt centraler in de wet te verankerd. Hierdoor wordt het professionele belang om steeds te toetsen of de algemene regels in deze situatie wel afdoende zijn sterker geëxpliciteerd.
  21. Expliciteer de maatwerkmogelijkheid binnen de kostendelersnorm. Ook deze mogelijkheid is er al. Maar door de mogelijkheid te expliciteren wordt handelingsverlegenheid voorkomen en meer rechtszekerheid geboden.

Schuldregelen bij uitkeringsfraude

Vanaf 1 januari 2022 mogen gemeenten (en SVB en UWV) bij fraude meewerken aan een schuldregeling, tenzij er sprake is van opzet of grove schuld. Dat wordt geregeld in de Verzamelwet SZW 2022.

Op p. 6 lees je, dat je hierop misschien binnenkort al vooruit mag lopen.* Ik hoop dat dat snel bekend wordt, want over een paar weken is het al 2022. Bovendien ligt dit wetsvoorstel al een jaar in de Eerste Kamer.

Overige fraudewetgeving

Door o.a. de boodschappenaffaire en toeslagenaffaire is de discussie over fraude begin dit jaar in een stroomversnelling geraakt. Meer omvattende wetswijzigingen worden pas weer opgepakt zodra er een nieuw kabinet is. Er liggen diverse voorstellen op tafel.

Hoe vaak opzet of grove schuld?

Uit CBS-onderzoek blijkt dat er in de meeste gevallen sprake is van ‘normale verwijtbaarheid’ (75%). Bij 18% is sprake van verminderde verwijtbaarheid en bij 6% is er sprake van aantoonbare opzet, grove schuld of is aangifte gedaan bij justitie.

* Aanvulling d.d. 11 november 2021: Gemeenten mogen vanaf 15 november vooruitlopen op de wetswijziging. Dat staat in Gemeentenieuws SZW.

Giften vrijgesteld tot € 1.200

Contante giften vanaf 2021 niet langer aftrekbaar - Accorde Accountants +  Adviseurs

Vorige week is de motie Van Dijk (SP) aangenomen waarin de regering wordt verzocht voor mensen in de bijstand een landelijke vrijstelling van giften te realiseren van € 1.200 per jaar.

Let op, dit is dus nog geen wetgeving. Maar je kunt in navolging van bijvoorbeeld Amsterdam, Utrecht, Arnhem en Nijmegen al wel je beleidsregels aanpassen.

In januari diende Van Dijk al een amendement in met vergelijkbare strekking, maar dan met een grens van € 1.500. Rond de ‘Wijziging van de Participatiewet met betrekking tot fraudevorderingen’ zijn ook andere amendementen en een initiatiefwet ingediend. Het debat hierover vindt plaats na de verkiezingen.

Je kunt er dus ook voor kiezen je beleidsregels pas aan te passen zodra er over al deze punten meer duidelijkheid is.

Naschrift d.d. 18 mei: Minister Koolmees reageert met één zin op de motie: ‘Een standaardvrijstelling past echter niet geheel binnen de bedoeling van de wet, omdat de wet vraagt om een individuele afweging per gift of deze verantwoord is met het oog op bijstandsverlening.’

Versoepeling fraudewetgeving (2)

In de Eerste Kamer ligt al het voorstel Wijziging van de Participatiewet met betrekking tot fraudevorderingen. Naar aanleiding van de boodschappenaffaire kwam de Tweede Kamer eerder deze maand met een amendement en initiatiefwet, zo schreef ik op 11 januari.

Gezien deze ontwikkelingen verzocht de staatssecretaris de Eerste Kamer vorige week om de behandeling van het wetsvoorstel aan te houden. Nog even geduld dus. Ik weet nog niet welke invloed de kabinetsval (die de dag erna plaatsvond) heeft op de besluitvorming.

Samengevat zijn dit de belangrijkste voorstellen die nu op tafel liggen:

  1. Uitsluiten van fraudevorderingen bij de vermogenstoets;
  2. Beperken van het verbod tot medewerking aan een schuldregeling bij een fraudevordering tot gevallen van opzet of grove schuld;
  3. Terugvorderingsplicht wordt kan-bepaling;
  4. Gemeente hoeft niet meer verplicht boete op te leggen.

Aanvulling d.d. 28/1: Hier komt nog een 5e voorstel bij: giften tot € 1.500 worden vrijgesteld. Amendement Jaspers (SP) vandaag ingediend. 8/2 debat in Tweede Kamer.

Versoepeling fraudewetgeving

Sociale recherche spoort bijna twee ton aan bijstandsfraude in Zwolle op -  RTV Oost

Op 8 september jl. nam de Tweede Kamer het voorstel Wijziging van de Participatiewet met betrekking tot fraudevorderingen aan. Een belangrijke wijziging is dat gemeenten straks mogen instemmen met een schuldregeling bij fraudevorderingen waarbij geen sprake is van opzet of grove schuld. Bij maar liefst 95% is daar geen sprake van. De Eerste Kamer behandelt op 19 januari dit voorstel. Ik heb ergens gehoord – weet niet meer waar – dat dit ingaat op 1 april 2021 en dat VNG en SZW onderzoeken of gemeenten hierop vooruit mogen lopen.

De ‘boodschappenaffaire’ heeft de roep om versoepeling in een stroomversnelling gebracht. Afgelopen vrijdag dienden CDA en D’66 een amendement in waarin staat dat de gemeente straks de teveel ontvangen bijstand geheel of gedeeltelijk kan terugvorderen. En de ChristenUnie heeft een initiatiefwet gemaakt om een einde te maken aan de verplichte boete.

Volgens mij is er een Kamermeerderheid hiervoor. En ook het kabinet bij monde van de staatssecretaris is op zoek naar de menselijke maat. Op 12 november jl. schrijft hij bijvoorbeeld dat hij wil kijken naar ‘de mogelijkheden om het geven van een waarschuwing verder uit te breiden en daarin aan te sluiten bij de praktijk’. NB. Gemeenten mogen nu geen waarschuwing geven voordat ze overgaan tot terugvordering en beboeting. In de praktijk gebeurt dat gelukkig wel.

Foutje bij aanvraag bijstand? Gemeente mag meewerken aan schuldregeling

Vandaag is in de Tweede Kamer een amendement aangenomen waarin staat dat het verbod tot medewerking aan een schuldregeling bij een fraudevordering alleen geldt als er sprake is van ‘opzet of grove schuld’. Dat verbod staat o.a. in de Participatiewet (art. 60c).

Mede-indiener René Peters (CDA) legt het uit:

Naschrift d.d. 8/10: de wijziging treedt in werking op 1 april 2021. De VNG onderzoekt met SZW of het mogelijk is dat gemeenten al vooruitlopend op de invoeringsdatum kunnen anticiperen op de werking van het amendement.

Arnhem scheldt bijstandsschulden kwijt

Arnhem gaat schulden kwijtschelden van mensen die drie jaar lang aan een betalingsregeling hebben meegewerkt. Het gaat om bijvoorbeeld leenbijstand of bijstandsuitkeringen die later terugbetaald moesten worden wanneer ontvangers werk kregen. Fraudeschulden worden niet kwijtgescholden.

Fraudeschulden mag je volgens de Fraudewet ook niet zomaar kwijtschelden. Dat mag pas na tien jaar. De boete mag je eventueel wel deels kwijtschelden, maar alleen in het kader van een schuldregeling.

Verder verlaagt Arnhem de incassokosten, wordt er geen rente meer in rekening gebracht over langlopende schulden en bedraagt de beslagvrije voet minimaal 95%. Dit laatste is in lijn met de oproep van de staatssecretaris.

PS: André Moerman, bedankt voor de correctie in mijn artikel!

Dwangakkoord mogelijk voor fraudeschuld aan gemeente

Mijn oud-collega Corinne Berhitu attendeert ons in een artikel in Binnenlands Bestuur op een interessante uitspraak van de rechter. De rechtbank in Rotterdam heeft een dwangakkoord opgelegd aan een gemeente met een fraudevordering op grond van de Participatiewet.

Afbeeldingsresultaat voor kredietbank rotterdam

Een inwoner met schulden werd geholpen door de gemeentelijke kredietbank. Aan de schuldeisers is een voorstel gedaan voor finale kwijting. Alle schuldeisers gingen akkoord, op 1 na, het Zorgcollege. De kredietbank wilde deze schuldeiser via een dwangakkoord laten instemmen met het aangeboden voorstel. Bij de rechtbank bleek echter dat in het schuldenpakket ook een fraudevordering van de gemeente zat. De gemeente is wel akkoord gegaan met het voorstel, maar niet met finale kwijting. Dit omdat de gemeente op grond van de artikelen 58, lid 7 sub a Pw en 60c Pw niet mag instemmen met een voorstel met finale kwijting.

Omdat de gemeente niet heeft ingestemd met finale kwijting van de restvordering, heeft de rechtbank de gemeente aangemerkt als weigerende schuldeiser. Daarom betrekt de rechtbank deze vordering ook bij het verzoek om een dwangakkoord. Lees meer.

Manifest Nederland #Schuldvrij

Ik nodig je uit het Manifest Nederland #Schuldvrij te ondertekenen. In het manifest worden vijf verzoeken aan Den Haag gedaan:

  1. Schuldvrij logo 4x3 grootstop met het beboeten van armoede. Geldgebrek los je niet op met boetes
  2. pak de wanpraktijken bij incassobureaus aan. Weinig schuldenaren kennen en halen hun recht
  3. draai de marktwerking voor deurwaarders terug. Eén deurwaarder op één gezin
  4. zorg voor samenhang. Geef de overheid één gezicht
  5. bied meer mensen een perspectief op een schuldvrij bestaan. Een schone lei moet sneller in zicht komen.

Lees het hele verhaal. Het manifest is een initiatief van Jesse Frederik (De Correspondent), Sarah Sylbing en Ester Gould (Schuldig), Annemarie Gehrels (lobbyist / budgetmaatje) en Pieter Hilhorst (Amargi).

Rekenschema voor vaststelling bestuurlijke boete

Afbeeldingsresultaat voor rekenmodelDe expertgroep Fraudewet heeft een rekenmodel ontwikkeld voor de vaststelling van de bestuurlijke boete. Dit rekenmodel is gebaseerd op de bepalingen in de wet, de uitspraak van de CRvB over draagkracht en op keuzen die door veel gemeenten zijn gemaakt.

In het rekenmodel wordt voor bijstandsgerechtigden een beslagvrije voet van 90% van de bijstandsnorm gehanteerd.

Het rekenmodel en meer info vind je op de website van de VNG.

Checklist beleidskeuzes bestuurlijke boete Fraudewet

Op 1 januari 2017 treedt naar verwachting de nieuwe Fraudewet in werking. De verandering betekent o.a. dat UWV, SVB en gemeenten de hoogte van de boete voor mensen met een uitkering voortaan moeten afstemmen op de ernst van de overtreding, de mate waarin deze verwijtbaar is en de omstandigheden van betrokkene.

Wat betekent dit voor de keuzes die uw gemeente maakt? Moet u wijzigingen doorvoeren? De Checklist beleidskeuzes bestuurlijke boete geeft een overzicht van de gevolgen van de wetswijziging voor de keuzes die u heeft gemaakt. Lees meer op VNG.nl.

Gemeente als schuldeiser

handreikingDe handreiking ‘Behoorlijke en effectieve invordering van geldschulden‘ van het Ministerie van BZK geeft aanbevelingen voor de manier waarop gemeenten en andere overheden het proces van invorderen van geldschulden het beste kunnen inrichten. De handreiking is bedoeld voor gemeenten, provincies, waterschappen en uitvoeringsinstanties. In het bijzonder voor de afdelingen die uitkeringen of subsidies verstrekken, belastingen innen, belast zijn met bestuurlijke handhaving of bestuurlijke sancties opleggen. Dus stuur deze handreiking door naar je collega’s van die afdelingen!

Dit schema vat het invorderingsproces samen:

schema

Tweede Kamer neemt wijzigingsvoorstel Fraudewet aan

De Tweede Kamer heeft 31 mei 2016 het wetsvoorstel Wijziging Fraudewet aangenomen. Of preciezer gezegd: het wetsvoorstel met een aanpassing van de Wet aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZW-wetgeving als ook aanpassingen van de socialezekerheidswetten op het punt van de regeling van de bestuurlijke boete. De verandering betekent dat UWV, SVB en gemeenten de hoogte van de boete voor mensen met een uitkering voortaan afstemmen op de ernst van de overtreding, de mate waarin deze verwijtbaar is en de omstandigheden van betrokkene.
De Tweede kamer heeft ook nog twee amendementen aangenomen:

  1. Een amendement waarin geregeld wordt dat in het geval van een bestuurlijke boete onder voorwaarden meegewerkt kan worden aan een schuldregeling.
  2. Een amendement dat regelt dat te allen tijde rekening moet worden gehouden met de beslagvrije voet.

Het wetsvoorstel Wijziging Fraudewet is tot stand gekomen naar aanleiding van uitspraken van de Centrale Raad van Beroep (24 november 2014 en 11 januari 2016). Door de uitspraken moet er bij het opleggen van een boete nu al rekening worden gehouden met de draagkracht van de overtreder. Hoe dat moet, staat in de Werkwijzer Draagkracht.

Bekijk alle Kamerstukken. Nu op naar de Eerste Kamer.

Pamflet MOgroep, VNG, Divosa en NVVK naar Tweede Kamer

Vanmiddag boden de MOgroep, VNG, Divosa en de NVVK de Tweede Kamer een pamflet aan met een aantal vergaande concrete maatregelen om armoede en schulden wel beter te voorkomen, signaleren en beperken (hyperlinks naar achtergrondinfo zijn van mijzelf):

Preventie en vroegsignalering

  • Financiële educatie in het onderwijscurriculum, zodat de financiële weerbaarheid onder jongeren wordt vergroot.

De overheid als schuldeiser

  • Opheffen preferenties en andere bijzondere incassobevoegdheden van overheden en andere publieke instellingen. (Rijksincassovisie gaat hierin niet ver genoeg)
  • Correct toepassen en vereenvoudigen van de beslagvrije voet.
  • Afschaffen bronheffing en de mogelijkheid bieden voor een aanvullende ziektekostenverzekering tijdens minnelijk traject schuldhulpverlening.
  • Wegnemen wettelijke belemmeringen voor saneren van vorderingen, bijv. CJIB-boetes en fraudevorderingen bij uitkeringen.

De overheid als systeemverantwoordelijke

  • Wettelijk breed moratorium invoeren.
  • Brede toegang organiseren tot het beslagregister voor de reguliere incasso en de schuldhulpverleners op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.
  • Eén moment van betaling regelen voor diverse uitkeringen, teruggaaf inkomstenbelasting, toeslagen en vakantiegelden.
  • Vereenvoudig het systeem van inkomensvoorzieningen en toeslagen zodat kwetsbare groepen hun weg kunnen vinden en zorg voor een bestaansminimum.

Budget armoede- en schuldenbeleid

  • Een budget voor beschermingsbewind vanuit het Rijk en de wettelijke mogelijkheid voor gemeenten om een rechter te adviseren bij een aanvraag voor beschermingsbewind.
  • Een toereikend budget voor het armoede- en schuldenbeleid voor gemeenten. De bijzondere bijstand wordt steeds vaker beschouwd als een ‘logische’ demping voor (onvoorziene) inkomenseffecten voor inwoners (kostendelersnorm, kindregelingen, beschermingsbewind, inrichtingskosten, rechtsbijstand). Gemeenten worden geacht bezuinigingen en maatschappelijke ontwikkelingen in het brede sociale domein steeds vaker op te vangen met de bijzondere bijstand. Uit de factsheet van Divosa blijkt dat gemeenten veel meer uitgeven aan bijzondere bijstand dan zij aan budget ontvangen.

CfR8TjUWIAA0vPf
Foto: Marcel Matthijsen

Volgende week vergadert de Kamer over armoede en schulden.

Zie ook: NOS journaal 5 april 2016

Werkwijzer draagkracht geactualiseerd

Naar aanleiding van uitspraken van de Centrale Raad van Beroep in januari 2016 is de Werkwijzer draagkracht, wat te doen als mensen de boete niet kunnen betalen? geactualiseerd.

Bij het opleggen van een boete in het kader van de Fraudewet moet er rekening gehouden worden met de draagkracht van de overtreder. Maar hoe ga je daar als gemeente mee om en wat betekent dat voor de schuldhulpverlening? De Werkwijzer draagkracht biedt hiervoor handvatten.

Fraudewet: de soep wordt niet zo heet gegeten

…als hij wordt opgediend. Er was vanaf het begin veel kritiek op de Fraudewet. Dat leidde ertoe dat gemeenten bij bijstandsverlening nu iets meer op maat mogen handhaven. Nu vindt ook de Centrale Raad van Beroep dat er op de voorgeschreven boetehoogte best wat af te dingen valt. Volgens de CRvB moet bij het vaststellen van de hoogte van een boete ook rekening worden gehouden met de draagkracht van de schuldige. Dat voorkomt dat diegene door de straf zeer langdurig op het absolute minimum moet leven. De CRvB gaat uit van een maximale termijn van twee jaar.

Eerste Kamer neemt Fraudewet aan

De Eerste Kamer heeft zojuist de wet Aanscherping handhaving- en sanctiebeleid SZW-wetten aangenomen. Deze treedt in werking op 1 januari 2013. De meest opvallende elementen binnen deze wet zijn: (a) de (her)invoering van de boete bij schending inlichtingplicht, (b) de terugvorderingsplicht bij fraudevorderingen en (c) het recht om bij recidive de opgelegde boete in de eerste drie maanden met de uitkering te verrekenen zonder rekening te houden met de beslagvrije voet.

Op maandagmiddag 29 oktober organiseert Stimulansz over deze wijzigingen een workshop in Utrecht. In deze workshop gaat – na een korte bespreking van de inhoud van de wet – de aandacht vooral uit naar de vraag hoe de wet is in te passen binnen het eigen gemeentelijke handhavingsbeleid. De focus ligt daarbij op de vraag op welke vlakken de gemeente nog beleidsvrijheid heeft en op welke wijze de gemeente met de aanwezige beleidsvrijheid de effecten van de wet kan beïnvloeden. Vragen die daarbij onder meer aan bod komen zijn:

  • Een nieuw sanctieregime. Wat vraagt dat procesmatig?
  • Is de boete zonder meer gelijk aan het benadelingsbedrag of is er ruimte tot bijstelling?
  • Hoeveel ruimte heeft de gemeente bij de vaststelling van de hoogte van de boete bij nulfraude en hoe kan zij aan die ruimte invulling geven?
  • Hoe kunnen (wellicht) ongewenste neveneffecten van het nieuwe sanctieregime worden ondervangen en wat vraagt dat beleidsmatig?

Daarnaast is er natuurlijk zonder meer aandacht voor de bij verordening te regelen verrekeningsbevoegdheid en zullen er tijdens de workshop verschillende voorbeelden worden gepresenteerd en hoe deze regeltechnisch vorm te geven.

Lees ook: Campagne moet boetes uitkeringsontvangers voorkomen (Divosa) en Minder ruimte voor schuldregeling bij bijstandsfraude.

Beslagvrije voet blijft gehandhaafd in fraudewet

Met een grote meerderheid is de Tweede Kamer vannacht akkoord gegaan met het “wetsvoorstel aanscherping handhaving en sanctiebeleid szw-wetgeving”. Lees meer op de website van het ministerie van SZW.

Door een aangenomen amendement van Kamerlid Sterk blijft de beslagvrije voet gehandhaafd (het wetsvoorstel ging uit van vervallen beslagvrije voet in de eerste 3 maanden).

Het wetsvoorstel gaat nu naar de Eerste Kamer. Minister Kamp en staatssecretaris De Krom roepen de Eerste Kamer op de wet snel te behandelen. De bewindspersonen willen dat de wet op 1 januari 2013 inwerking treedt.

Kamer over aanscherping sanctiebeleid bijstandsfraude

Gisteren debatteerde de Tweede Kamer over het wetsvoorstel aanscherping handhaving en sanctiebeleid szw-wetgeving. Het lijkt erop dat een meerderheid van de Kamer geen voorstander is van het tijdelijk afschaffen van de beslagvrije voet en het volledig stopzetten van de bijstand in geval van fraude: de overheid moet te allen tijde een bestaansminimum garanderen. Door tegenstanders wordt ook aangegeven dat de maatregelen indirect zullen leiden tot hogere maatschappelijke kosten door huisuitzettingen, kosten maatschappelijke opvang, criminaliteit, etc. Lees het korte of het uitgebreide verslag. Het debat gaat op een later moment verder.

Bijna alle Nederlanders (91%) vinden dat de uitkering bij fraude tijdelijk stopgezet moet worden. 38% vindt dit niet streng genoeg. Dit blijkt uit onderzoek van het ministerie van SZW. De VNG heeft echter kritiek op het onderzoek: ‘De ondervraagden geven aan dat ze niet goed weten hoe fraude wordt bestraft en dat ze geen idee hebben of uitkeringsfraude veel voorkomt. Belangrijkste factor hierbij is de berichtgeving in de media.’

En in Binnenlands Bestuur lees ik: bij mensen in de bijstand is vorig jaar volgens SZW voor in totaal 10 miljoen euro aan verzwegen vermogen, zoals huizen, in het buitenland aangetroffen.

Er wordt ontzettend veel getwitterd en anderszins gelobbyd over dit onderwerp. Uw onafhankelijk blogger van dienst spreekt nu maar eens niet zijn voorkeur uit (zoals ik meestal niet doe). Op 12 september zal ik stemmen.

Controversieel verklaarde onderwerpen

Op 5 juni heeft de Tweede Kamer een aantal onderwerpen controversieel verklaard. Deze onderwerpen zullen stil komen te liggen en pas weer door een nieuw gekozen regering worden behandeld. Dat geldt o.a. voor de Wwnv, maar dat wisten we al. Relevante onderwerpen die niet controversieel zijn verklaard, zijn:

De AMvB over private schuldbemiddeling tegen betaling wordt nog ambtelijk voorbereid en is nog niet bij de Tweede Kamer ingediend. Om die reden is de AMvB ook niet opgenomen op de lijst van de Tweede Kamer.

Bron: NVVK.

Minder ruimte voor schuldregeling bij bijstandsfraude

Minister Kamp en staatssecretaris De Krom van SZW hebben vandaag het wetsvoorstel ‘Aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZW-wetgeving’ naar de Tweede Kamer gestuurd. In het voorstel staat:

  • Uitkeringsontvangers die frauderen moeten vanaf 1 januari 2013 altijd de ten onrechte verkregen uitkering terugbetalen en krijgen daarnaast datzelfde bedrag aan boete.
  • De beslagvrije voet wordt in bepaalde gevallen drie maanden buiten werking gesteld. De gemeente kan dus beslag leggen op het volledige inkomen.

Gemeenten worden verplicht de sancties uit te voeren. De mogelijkheden om een schuldregeling te treffen worden zeer beperkt! Let op, in de wet gemeentelijke schuldhulpverlening (art. 3.3) staat een kan-bepaling: “Het college kan schuldhulpverlening in ieder geval weigeren in geval een persoon fraude heeft gepleegd […]”. Maar als het nieuwe sanctiebeleid wordt ingevoerd, heeft het dus niet zo veel zin om jezelf in het beleidsplan schuldhulpverlening veel ruimte te geven voor het treffen van schuldregelingen in geval van bijstandsfraude.

Lees ook de reactie van de VNG.