Nibud start campagne Financiële opvoeding

Met een gratis telefoonnummer, 0800- 221 21 21, radiospots, flyers, een internettest en een voorleesboek hoopt het Nibud ouders zover te krijgen de financiële opvoeding van hun kinderen serieus te nemen. Uit het vandaag gepubliceerde onderzoek Financiële Opvoeding blijkt dat ouders hun kinderen onvoldoende voorbereiden op het financieel zelfstandige bestaan dat ze vanaf hun 18de jaar hebben. De jong volwassenen hebben dan nog onvoldoende geleerd een bepaalde periode met een vast budget om te gaan waardoor de kans groot is dat ze later financiële problemen krijgen.

Het Nibud start daarom vandaag een financiële opvoedingscampagne. Het instituut wil ouders wijzer in geldzaken maken en duidelijk maken dat financiële opvoeding meer inhoudt dan alleen zakgeld geven. Lees meer.

Wetsvoorstel gemeentelijke schuldhulpverlening

De ministerraad heeft ermee ingestemd dat het wetsvoorstel voor advies aan de Raad van State zal worden gezonden. De tekst van het wetsvoorstel en van het advies van de Raad van State worden pas openbaar bij indiening bij de Tweede Kamer. Dat staat in een persbericht d.d. 16 oktober van SZW, waar verder niets nieuws in staat. Ik heb begrepen dat het wetsvoorstel naar verwachting in december zal worden aangeboden aan de Tweede Kamer.

Handreiking bestuursrechterlijke premieheffing wanbetaling zorgverzekeringen

De onlangs verschenen handreiking bestuursrechterlijke premieheffing wanbetaling zorgverzekeringen moet gemeenten hulp bieden bij het maken van bestuurlijke afwegingen voor het voorkomen en oplossen van wanbetaling bij zorgverzekeringen. Divosa organiseert samen met BS&F in december drie bijeenkomsten om de handreiking te presenteren en toe te lichten.

Schuldhulpverlening in EU (vervolg)

Naar aanleiding van mijn bezoek aan een Europese conferentie over schuldhulpverlening, hier wat nog wat ervaringen uit andere landen.

Moratorium in België

In België gaan in principe alle schuldregelingen via de rechter. De Openbaar Centra voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW) zorgen voor de toeleiding en voor de praktische uitvoering van o.a. inkomensbeheer en budgetbegeleiding. Het OCMW is een openbare instantie per gemeente in België. De Rechter doet zelf de schuldbemiddeling. Minnelijke regelingen vinden nauwelijks plaats. Wel geven de OCMW’s incidenteel advies aan schuldenaren hoe zij eventueel zelf hun schulden kunnen regelen. Er zijn geen standaardtermijnen voor het aflossen van de schulden (vgl. de 3 jaar in NL). Zodra de rechter een uitspraak heeft gedaan is er een moratorium van kracht.

Wellicht een optie voor Nederland? Wel een dure, want er wordt veel capaciteit van de rechtbanken gevraagd. Aan de andere kant zijn er minder minnelijke schuldhulpverleners nodig. Dit sluit geloof ik aan bij een advies van de commissie Kortmann (?) over de schuldhulpverlening in NL. Ik heb daarover even geen info of link bij de hand. Maar dit voorstel lijkt er ook op.

Wettelijk kader voor minnelijke schuldhulpverlening

In Zweden staat in de wet dat gemeenten schuldhulpverlening moeten uitvoeren. Het is erg summier en beperkt zich tot een paar regels over voorlichting, advies, budgetbegeleiding en schuldregeling. Maar dat is al meer dan op dit moment in NL het geval is. Gelukkig wordt er nu gewerkt aan een wettelijk kader voor de minnelijke schuldhulpverlening. Ik ben tijdens de conferentie in Wenen behalve Zweden geen landen tegengekomen waar ze een dergelijke wet al hebben.

In uiterste geval noodhulp via bijstand voor klanten DSB

Klanten die als gevolg van het DSB-faillissement in acute financiële problemen zijn geraakt moeten volgens staatssecretaris Klijnsma van SZW snel voor overbrugging zorgen. DSB-klanten hebben zelf de eerste verantwoordelijkheid om een oplossing te zoeken door bijvoorbeeld een betaalrekening te openen bij een andere bank of bij familie of vrienden geld te lenen. In het uiterste geval kunnen gemeenten op basis de Wet werk en bijstand ruimte bieden voor noodhulp aan mensen in acute financiële problemen. Gemeenten beoordelen in individuele gevallen of er sprake is van een acute noodsituatie en in welk geval bijstandsverlening noodzakelijk is. (bron: gemeenteloket SZW)

Schuldhulpverlening in EU

Ik neem deze week deel aan een conferentie van het European Consumer Debt Network (ecdn) in Wenen. Interessant om te horen hoe andere landen de schuldhulpverlening organiseren.

In Engeland werken ze met standard budgets, vergelijkbaar met de voorbeeldbegrotingen van het Nibud. Per klant wordt bekeken welke noodzakelijke uitgaven er zijn, en welk deel er kan worden aangewend voor aflossing van schulden. Volgens deze methode hebben huishoudens met een hoger inkomen ook hogere noodzakelijke uitgaven. Hun besteedbare inkomen is dus – na maandelijkse aflossing van schulden – hoger dan bij huishoudens met een laag inkomen. Er zit dus meer progressie in, en er wordt dus niet standaard uitgegaan van 90% van de bijstandsnorm zoals in Nederland. In Finland en Zweden hanteren ze overigens een periode van 5 jaar (i.p.v. 3 jaar zoals in Nederland). Mensen hebben in die periode wel een wat hoger inkomen dan in Nederland, namelijk 100% van de bijstandsnorm.

In Engeland hebben ze een informeel moratoirum van een jaar (op basis van convenanten). Dit geldt bij schulden tot 15.000 pond. Na 1 jaar worden schulden kwijtgescholden als er geen wijziging is (te voorzien) in het inkomen.

I’ll keep you posted!

Moties breed moratorium, wachtlijsten, kwaliteitseisen en vrijwilligersorganisaties

Kamerlid Karabulut (SP) heeft vorige week drie moties ingediend. In de eerste motie verzoekt zij de regering een breed moratorium in het wettelijk kader minnelijke schuldhulpverlening op te nemen. In de tweede motie verzoekt zij de regering om de wachtlijsten voor schuldhulpverlening bij de gemeenten inzichtelijk te maken en de Kamer hierover voor 1 januari 2010 te informeren. In de derde motie verzoekt zij de regering om minimale kwaliteitseisen op te nemen in het wetsvoorstel wettelijk kader minnelijke schuldhulpverlening. Alledrie de moties zijn verworpen.

Kamerleden Spekman (PvdA) en Ortega-Martijn (ChristenUnie) verzoeken de regering in een motie om van de 130 mln. extra middelen voor schuldhulpverlening een substantieel deel beschikbaar te stellen voor landelijke vrijwilligersorganisaties, die in samenwerking met gemeenten en/of professionele schuldhulporganisaties projecten starten die het ondersteunende «werk» van vrijwilligers bij schuldhulpverlening bevorderen en daarmee de effectiviteit van schuldhulpverlening verbeteren. Deze motie is aangenomen. Klijnsma stelt 5 miljoen euro beschikbaar.

Wijziging Faillissementswet leidt tot veel minder faillissementen

Deze week heeft minister Hirsch Ballin van Justitie de vijfde meting van de Monitor Wsnp aangeboden aan de Tweede Kamer. Ik zet een paar belangrijke conclusies op een rij:

Schone lei
Uit de monitor blijkt dat de hoofddoelstelling van de Wsnp – het bieden van een schone lei aan schuldenaren die te goeder trouw zijn – in circa 70% van de gevallen wordt gerealiseerd. Gedurende het bestaan van de Wsnp is dit percentage vrijwel gelijk gebleven.

Faillissementen
Het aantal faillissementen van natuurlijke personen is in 2008 drastisch gedaald tot 738 ten opzichte van 2.072 faillissementen in 2007 . Dit is het gevolg van een wijziging van de wet per 1 januari 2008. Het aangepaste artikel 350 Faillissementswet brengt met zich mee dat bij een verwijtbare tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling alleen dan een faillissement volgt, indien er voldoende boedelsaldo aanwezig is om een uitbetaling aan de schuldeisers te kunnen doen.

Dwangakkoord
Uit de monitor blijkt dat het dwangakkoord in 32% van de gevallen wordt toegekend, dat het «dreigen» met een aanvraag dwangakkoord vaak al helpt om een schuldeiser tot onderhandelen te krijgen in het minnelijke traject.

Moratorium
De eerste resultaten zijn volgens de Minister bemoedigend. In de rechtspraak wordt het moratorium in 51% van de gevallen toegekend.

Streep door schuldregistratie?

Het registeren van betalingsachterstanden mag niet van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP). Het college heeft voor de tweede keer negatief geadviseerd over de bouw van het zogenaamde Landelijk Informatiesysteem Schulden, het Lis. De stichting die het systeem van de grond moest krijgen heeft als gevolg van dit negatieve advies de handdoek in de ring gegooid. Lees meer.

Staatssecretaris Klijnsma liet gisteren in de Tweede Kamer weten dat ze dit ‘zeer betreurt’ en dat ze haar uiterste best zal doen om te kijken hoe het Lis mogelijk toch kan worden voortgezet. Lees meer.

Ook de VNG betreurt het stilleggen van Lis.

Problematische schulden bij 1 op de 10 huishoudens

Bijna 1 op de 10 huishoudens had vorig jaar voor kortere of langere tijd te maken met problematische schulden. Bij nog eens een kwart miljoen huishoudens is er sprake van een risico op problematische schulden. Dit blijkt uit onderzoek dat staatssecretaris Klijnsma gisteren naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Van problematische schulden is sprake als het ondanks een maximale inspanning meer dan drie jaar duurt om ze afgelost te krijgen. Uit het onderzoek blijkt dat bijna 700.000 huishoudens vorig jaar met zo’n situatie te maken kregen. Soms voor korte duur bijvoorbeeld doordat de kostwinner weer werk vond of de partner (meer) is gaan werken.

Niet alleen een plotselinge terugval in inkomen en het slecht kunnen omgaan met geld zijn belangrijke oorzaken voor het ontstaan van problematische schulden. Ook een te hoge levensstandaard zorgt ervoor dat bij veel huishoudens in ons land de schulden oplopen.

Lees ook de aanbiedingsbrief van Klijnsma.

Uitwisseling en quick scan preventie-instrumenten

Gemeenten en tal van maatschappelijke organisaties willen de handen ineen slaan om het ontstaan van problematische schulden te voorkomen. Op uitnodiging van CentiQ, Wijzer in Geldzaken kwamen op 22 september gemeenten, gemeentelijke kredietbanken en enkele landelijke partijen bij elkaar om de mogelijkheden te bespreken. De partijen, waaronder de VNG en CentiQ-partners NVVK, Nibud, MO-groep en Divosa, namen de preventiemiddelen onder de loep die gemeenten nu inzetten om schuldsituaties bij burgers te voorkomen.

De aanzet voor de bijeenkomst was een quick scan, uitgevoerd in opdracht van CentiQ, waarmee is nagegaan met welke instrumenten gemeentes burgers helpen de financiën op orde te houden. Uit die scan bleek onder andere dat in veel gemeenten preventie-instrumenten worden ontwikkeld, maar dat er onderling nog te weinig informatie wordt uitgewisseld. Ook wordt beperkt toegezien op de effectiviteit. Uit het overleg bleek een duidelijke behoefte aan ondersteuning door CentiQ-partners. Een platform, waarop digitaal informatie kan worden uitgewisseld en waarop bijvoorbeeld cursusmateriaal is te vinden, heeft volgende partijen een duidelijke toegevoegde waarde. Ook is er behoefte aan een terugkerend landelijk overleg, waarbij ervaringen en best practices kunnen worden uitgewisseld. Er wordt nu bezien wat door samenwerking van CentiQ-partners met de wensen van de deelnemers kan worden gedaan.

Centiq zal de resultaten van de quick scan presenteren in de bijeenkomsten van de platforms schuldhulpverlening op 14 en 15 oktober in Hilversum en Breda.

Aanvulling op dit bericht d.d. 30 okt.: inmiddels heb ik het rapport “Preventie: zeker nu!” met de resultaten van de quickscan bemachtigd. Je kunt het hier downloaden.

Stroomlijning van curatele, beschermingsbewind en mentorschap

 Er komt een wetswijziging aan, waarbij rechtspersonen tot mentor benoemd kunnen worden. Er komen kwaliteitseisen voor rechtspersoon-mentoren en een uniforme beloningsregeling. Kwaliteitseisen gelden voor de bedrijfsvoering van professionele mentoren, maar ook voor de scholing en de uitvoering van de taak. Verder worden eisen gesteld aan een minimum aantal opgedragen mentorschappen. Tot op heden was het niet mogelijk om twee mentoren te benoemen. Ook dit gaat, als het aan het wetsvoorstel ligt, veranderen. Het wetsvoorstel beoogt ook een stroomlijning van curatele, beschermingsbewind en mentorschap. Lees meer op de website van bPBI.

Wisselgeld voor Roma

Op 1 januari 2009 is de gemeente Nieuwegein met Wisselgeld gestart. Wisselgeld richt zich op de begeleiding van gezinnen die èn met veel problemen kampen en een Roma achtergrond hebben. Die problemen zijn vaak zo complex dat ze alleen aan te pakken zijn via een individuele of juist een gezinsbenadering. Maatwerk dus! Voor de uitvoering van Wisselgeld zijn drie intermediairs aangesteld. Zij maken per gezin een plan van aanpak en zorgen voor afstemming met andere betrokken partijen. Het is een integrale aanpak; van preventie tot en met repressie. Van zorg tot en met handhaving. Lees meer.

Extra geld gemeenten Noord-Holland

De provincie Noord Holland vindt het belangrijk dat kinderen gestimuleerd worden om aan kunst en cultuur te doen en heeft daarom voor de gemeenten die starten met een Jeugdcultuurfonds geld beschikbaar gesteld.

Iedere gemeente die een lokaal Jeugdcultuurfonds heeft opgericht of daarmee bezig is, kan een zogenaamde matching-subsidie aanvragen tot € 25.000. Er is voor 2009 nog geld beschikbaar, maar dat moet dan wel voor 14 oktober a.s. worden aangevraagd.

Ook onderzoekt de provincie of er voldoende interesse is bij Noord-Hollandse gemeenten in een Provinciaal Jeugdcultuurfonds dat de backoffice doet. Daarmee wordt gemeenten de financiële en administratieve afhandeling van de aanvragen uit handen genomen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: Ellen Koning, Provincie Noord-Holland, tel. 023-5143612, e-mail koninge@noord-holland.nl.

Arnhemse campagne ‘Wijzer met geld’ gaat van start

In aanwezigheid van wethouder Willem Hoefnagel en Paul Verhaegh, aanvoerder van voetbalclub Vitesse, wordt morgen (vrijdag 25 september) op de Arnhemse brede school de Malburcht op feestelijke wijze het startschot gegeven voor de campagne ‘Wijzer met geld’. Met deze campagne – gericht op het Arnhemse basisonderwijs – wil de gemeente leerlingen verantwoord om leren gaan met geld. Lees meer.

Workshop Over geld en opvoeden voor (allochtone) ouders

Allochtone gezinnen leven vier keer zo vaak in een huishouden met een laag inkomen dan Nederlandse ouders, zo blijkt uit cijfers van het SCP (Sociaal Cultureel planbureau). Het NIGZ en het Nibud hebben daarom het lespakket ‘Over geld & opvoeden’ ontwikkeld, speciaal voor allochtone ouders. Met praktische oefeningen en het bespreken van DVD-fragmenten worden ouders geholpen hun kinderen goed te leren omgaan met geld. 

Als professional kun je de workshop ‘Over geld en opvoeden voor (allochtone) ouders’ volgen, zodat je zelf cursussen met het lespakket kan geven. Na afloop van deze ‘train-de-trainer’ workshop krijg je het complete lespakket mee naar huis.

Meer informatie vindt je op de website van het Nibud

Verdeling middelen schuldhulpverlening

Zojuist gepubliceerd op het gemeenteloket van SZW, informatie over de 130 miljoen euro extra voor schuldhulpverlening:
–  Hoe vindt de verdeling van middelen plaats?
–  Waarvoor dienen de middelen te worden gebruikt?
–  Hoe moeten gemeenten de middelen verantwoorden?
–  Wat gebeurt er als de extra middelen niet worden besteed in het jaar waarvoor ze zijn toegekend?

De middelen voor 2009 worden naar verwachting als voorschot in oktober naar gemeenten overgemaakt. De middelen 2009 en 2010 worden via een zogenaamde meeneemregeling aan gemeenten beschikbaar gesteld. Hierdoor kunnen niet-bestede middelen in 2009 en 2010 worden meegenomen naar het volgende jaar c.q. het eindjaar 2011.

Is een breed moratorium haalbaar en wenselijk?

Staatssecretaris Klijnsma probeert de wettelijke regeling voor de gemeentelijke schuldhulpverlening ‘enkele maanden’ eerder in te voeren dan de aanvankelijk genoemde invoeringsdatum 1 juli 2010. De Kamer is overwegend positief over de voorstellen, dus ik verwacht dat dat wel gaat lukken.

Tenzij het moratorium een struikelblok wordt. Kamerleden willen dat er namelijk graag in hebben. En de VNG ook. Klijnsma wil het moratorium nu nog niet opnemen in de wet, omdat dit tot vertraging zou leiden. Ze geeft aan zorgvuldig de (juridische) haken en ogen te willen onderzoeken.

Het brede moratorium heeft zeer aantrekkelijke kanten. Door te verlangen dat schuldeisers tijdelijk hun incassomaatregelen staken, creëer je een afkoelingsperiode waarin je zorgvuldig de problemen in kaart kunt brengen en een oplossing kunt bedenken. Ik vraag me echter af of alle partijen zich voldoende hebben verdiept in de nadelen van het moratorium.

de_rechterHet inperken van eigendomsrechten van schuldeisers is een heel zwaar middel. Vooral als het niet eens zeker is dat het tot meer geslaagde schuldregelingen leidt. De rechter zal het instellen van het moratorium alleen overwegen als hij een goed beeld heeft van de situatie. Een dossier met alle argumenten en feiten moet door de schuldhulpverlener in een paar dagen tijd worden gemaakt, en soms wordt verlangd dat de schuldhulpverlener de schuldenaar begeleidt naar de rechtbank. Dat kost veel tijd en dus geld. Ook het beroep op de rechtbank neemt enorm toe. Om 55.000 klanten per jaar te kunnen behappen heb je meer dan honderd nieuwe rechters nodig.

De wet biedt al de nodige bescherming om over een inkomen ter hoogte van de beslagvrije voet te beschikken. Moet je niet eerst beter regelen dat dat wordt nageleefd door schuldeisers? Probleem is dat schuldeisers allerlei manieren vinden om toch hun geld te krijgen. Denk aan vrijwillig of zelfs onder de dreiging van openbare verkoop afgesloten betalingsregelingen of door een combinatie van beslagen, cessies en verrekeningen. De schuldenaar kan elke claim individueel aanvechten via de rechtbank. Maar wellicht is het beter om wettelijk te regelen dat de rechter kan bepalen aan welke schuldeiser(s) het deel boven de beslagvrije voet toekomt, onder bepaling dat elk middel (van deze of andere schuldeisers) dat de beslagvrije voet van betrokkene verder aantast, nietig is.
Om een weloverwogen keuze te maken met betrekking tot het moratorium, is het belangrijk alle argumenten en alternatieven op een rij te zetten. Ik discussieer graag verder op mijn weblog…

Web 2.0 tegen armoede

Stichting Recht op Regeling organiseert op 28 oktober in Utrecht een workshop over de toepassing van web 2.0 bij het terugdringen van niet-gebruik. Doelen van de workshop zijn:
• meer bekendheid geven aan web 2.0 en social networking in de sociale sector;
• het presenteren van concrete web-toepassingen waarmee het netwerkpotentieel van burgers of intermediairs ontsloten wordt, om het niet-gebruik terug te dringen (Denk bijvoorbeeld aan een prikbord waarop mensen potentieel niet-gebruik (van anderen) kunnen signaleren, waarna de gemeente gericht actie kan ondernemen);
• het onderzoeken van de randvoorwaarden voor implementatie van deze toepassingen.

Daartoe zullen in de workshop vraagstukken worden verkend, zoals: – hoe ga je om met privacybescherming van persoonsgegevens van burgers over wie informatie uitgewisseld wordt? – moeten deelnemers zich identificeren en zo ja, hoe? – hoe trek je deelnemers naar de web 2.0-toepassing? – wie mag de inhoud zien en wie niet, wie mag de inhoud wijzigen? – in hoeverre is er regie nodig over de inhoud en wie pakt dat op? – wat gaat er gebeuren met de resultaten van bijvoorbeeld een webdiscussie in een forum?

Als u interesse heeft in deelname aan deze workshop, neemt u dan contact op via stichtingror@gmail.com.
Lees meer over de aanleiding voor deze workshop.

Oplossing voor verlies kwijtschelding AOW’ers

Als onbedoeld effect van de koopkrachttoeslag AOW dreigde een deel van de AOW’ers dit jaar het recht op kwijtschelding van gemeentelijke heffingen te verliezen. De staatssecretaris van Financiën heeft laten weten dat dit probleem wordt opgelost door de inkomensnorm enigszins aan te passen, meldt Clip.

Breda kwam in actie tegen een ongewenst neveneffect van een op zich sympathieke maatregel en het ministerie van Financiën reageerde adequaat. Naar aanleiding van klachten van burgers en vragen van de PvdA-fractie heeft het college van B&W deze problematiek in juni 2009 in een brief bij de minister van Financiën aangekaart. Breda is uiteraard niet de enige gemeente die hiermee werd geconfronteerd. Ook ondermeer de VNG heeft dit probleem onder de aandacht gebracht van de minister.

In een brief van 1 september jl. laat de staatssecretaris van Financiën aan Breda weten dat hij dit knelpunt gaat wegnemen. De norm voor deze specifieke groep AOW’ers wordt verhoogd met precies het bedrag van € 21,59.

De afdeling Belastingen van de Gemeente Breda kan daardoor de ongeveer 120 aangehouden aanvragen kwijtschelding van AOW’ers gaan afhandelen en de in 2009 reeds behandelde aanvragen om kwijtschelding van deze groep opnieuw beoordelen en, indien nodig, alsnog kwijtschelding verschaffen.

Welke keuzes kan de gemeenteraad maken bij armoedebeleid?

Hoe groot is het budget, biedt de gemeente inkomensondersteuning proactief aan, wat is de verhouding tussen uitvoeringskosten en kosten van verstrekkingen? Dit zijn enkele van de vragen die komen kijken bij het opstellen van gemeentelijk armoedebeleid.

Armoedebeleid is continu in beweging. Vanwege politieke ontwikkelingen, zoals de invoering van de Wmo of de Wet inburgering. Maar ook vanwege de realiteit van alledag. Centrale vraag is steeds: hoe kunnen we kwetsbare inwoners helpen om te participeren in de samenleving?

Factsheet
De VNG heeft een factsheet gepubliceerd over armoedebeleid en schuldhulpverlening. Met deze factsheet willen wij gemeenten ondersteunen bij de keuzes die ze komende periode moeten maken. De factsheet is geïnpireerd op het boekje Gemeentelijk Armoedebeleid dat ik in 2008 schreef.

Een handige en welkome factsheet. Ik word elke maand wel een keer uitgenodigd om bij een gemeente een presentatie te geven en/of een discussie te leiden over armoedebeleid of schuldhulpverlening in de commissie sociale zaken. Er is zoveel informatie beschikbaar, en het is dus goed als dat een keer beknopt en overzichtelijk wordt gepresenteerd.

CG-Raad: Chronisch zieken komen tekort door rammelende Wtcg

De nieuwe Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Wtcg) schiet volgens de CG-Raad ernstig tekort. Veel mensen die vanwege hun medicijngebruik wél recht hebben op een uitkering op basis van de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Wtcg), krijgen dat geld niet omdat de gebruikte criteria niet deugen. Criteria zijn bijvoorbeeld dat de medicijnen op de officieel gehanteerde fkg-lijst (fkg = farmaceutische kostengroep) staan en dat er minimaal 180 dagdoseringen worden geslikt.

Veel chronisch zieken en gehandicpaten gebruiken hulpmiddelen als rolstoelen, hulpmiddelen voor slechtzienden en blinden en thuisdialyseapparatuur. Ook deze hulpmiddelen zouden volgens de CG-Raad moeten meetellen bij het beoordelen van de tegemoetkoming. Evenals vervoersvoorzieningen zoals een aangepaste auto of scootmobiel. Volgens de CG-Raad moet er een beter compensatiesysteem komen, waarbij niet wordt gekeken naar zorggebruik, maar naar de beperkingen die mensen ervaren in hun dagelijks leven. Dat is een betere indicatie of mensen meerkosten hebben als gevolg van hun ziekte of handicap.

De Tweede Kamer praat 23 september over de Wtcg.

Aanvulling op dit bericht n.a.v. zojuist verschenen nieuws van De Telegraaf: Chronisch zieken en gehandicapten met een laag inkomen gaan er fors meer in koopkracht op achteruit dan de rest van Nederland. Dit blijkt uit berekeningen van het Nibud.

2010 Stedenestafette tegen armoede en sociale uitsluiting

De gemeente Utrecht, Divosa, Movisie en het Verwey-Jonker Instituut organiseren in het kader van het Europees Jaar tegen Armoede een stedenestafette. De organisaties willen zo lokale Nederlandse initiatieven stimuleren en landelijke en Europese bekendheid geven.

Tijdens een startmoment in Utrecht wordt het initiatief van Europa naar de gemeenten gebracht en wordt het startsein gegeven voor de stedenestafette. De bedoeling van de estafette is om te laten zien hoe er in Nederland op lokaal niveau door overheid en particulier initiatief – en in de eerste plaats door de mensen die armoede en sociale uitsluiting aan den lijve ondervinden – wordt gewerkt aan bevordering van maatschappelijke participatie. Een menswaardig inkomen en kansen om “mee te doen” zijn daarvoor de basisvoorwaarden. Tegelijk willen de initiatiefnemers een extra impuls geven aan lokaal armoedebeleid door partners op lokaal niveau bij elkaar te brengen en door creatieve initiatieven landelijk in de kijker te plaatsen. Zo krijgt lokaal armoedebeleid een extra impuls en worden gemeenten gestimuleerd om er extra aandacht aan te besteden. Ten slotte hopen de initiatiefnemers dat hierdoor ook landelijk een publiek debat over armoede en sociale uitsluiting in Nederland gevoerd gaat worden en dat dit het landelijk armoedebeleid en de beeldvorming over armoede en zij die het ondervinden beïnvloedt.

StedenestafetteHet project bestaat uit vijf onderdelen, die allemaal met elkaar verbonden zijn. Begin en eind worden gevormd door een startmoment en een slotconferentie. Aan het begin van het jaar zal de Gemeente Utrecht tijdens een conferentie, wellicht in Den Haag, de stedenestafette aankondigen. De gemeente Utrecht zal vervolgens de aftrap geven tijdens een startmoment waarin zij het estafettestokje van de Europese Unie in ontvangst neemt om het vervolgens aan de andere deelnemende steden door te geven. Aan het eind van het jaar zal tijdens een slotconferentie (mogelijk tijdens de slotconferentie van het Ministerie van Sociale Zaken) de opbrengst van de Nederlandse stedenestafette worden gepresenteerd aan landelijke en Europese publieke en private actoren. Daarnaast bevat de campagne drie kernactiviteiten. Centraal staat een reeks “lokale manifestaties”. Gemeenten worden opgeroepen om op lokaal niveau iedereen die actief betrokken is bij de strijd tegen armoede en sociale uitsluiting bij elkaar te brengen om het bestaande lokaal armoedebeleid te evalueren en samenwerking voor de toekomst een nieuwe impuls te geven. Het is de bedoeling dat circa 40 gemeenten meedoen. De 40 lokale manifestaties zijn vooral bedoeld om in de eigen buurt te laten zien wat er allemaal is bereikt en welke voortgang en vaart in de armoedeaanpak zit.

In elk van de 40 gemeenten die aan de estafette meedoen wordt door het Verwey-Jonker Instituut een beschrijving gemaakt van de lokale (beleids)situatie met betrekking tot bestrijden van armoede en uitsluiting om – zo mogelijk op basis van bestaand onderzoek en al aanwezige kennis – op een landelijk vergelijkbare wijze in kaart te brengen welke publieke en private, professionele en vrijwilligersorganisaties binnen de gemeente betrokken zijn bij het armoedebeleid en welke rijkdom aan activiteiten er ontplooid wordt. Dit levert in de eerste plaats concrete, op de gemeente toegesneden, verbetersuggesties op, maar ook een landelijk overzicht van lokaal beleid en een praktijkboek voor bestrijding van armoede en uitsluiting door samenwerking.

Alle Nederlandse gemeenten (en andere organisaties) worden uitgenodigd om lokale initiatieven te nomineren voor een landelijke prijsvraag van innovatieve lokale initiatieven ter bestrijding van armoede en sociale uitsluiting.

Meer informatie hierover is verkrijgbaar bij Hugo Swinnen, projectleider stedenestafette: HSwinnen@verwey-jonker.nl.

Akte van cessie

Er is deze week veel aandacht geweest voor incassobureaus en banken die mensen onder druk zetten om een zogenaamde acte van cessie te tekenen. Een acte van cessie is zeg maar een zware vorm van loonbeslag. Het (toekomstige) inkomen van de klant wordt als het ware eigendom van de schuldeiser. Een acte van cessie maakt het daardoor welhaast onmogelijk om een schuld te regelen.

Tros Radar besteedde afgelopen maandag bijvoorbeeld aandacht aan de budgetcoaches van de DSB die hun klanten onder druk zetten om een looncessie te ondertekenen. SP en PvdA hebben Kamervragen gesteld. Gisteravond zei staatssecretaris Klijnsma dat dit wat haar betreft zeer ongewenste praktijken zijn, en dat klanten daarvoor gewoon naar de rechter kunnen stappen. SP vroeg of Klijnsma bereid is om door AFM een onderzoek te laten instellen. Klijnsma antwoordde dat zij die vraag samen met haar collega van Financiën zal beantwoorden, zoals gebruikelijk bij schriftelijke Kamervragen. Wordt vervolgd…

LCR: koopkracht uitkeringsgerechtigden blijft achter

De Landelijke Cliëntenraad is zeer bezorgd over de toename van het verschil in koopkracht van mensen met een uitkering en mensen met een laag inkomen. In de koopkrachtanalyse van de LCR van vorig jaar blijkt het verschil in koopkracht tussen deze groepen de afgelopen tientallen jaren groter en groter te worden. Volgens de LCR vormen 2009-2010 hier geen uitzondering op. 

De koopkracht van de Nederlander daalt volgend jaar gemiddeld met een kwart of een half procent. Gezinnen met één kostwinner en een modaal brutosalaris van 30.000 euro gaan er waarschijnlijk het meest op achteruit: min 1 procent. Kostwinners met twee keer modaal gaan er 0,75 procent op achteruit. Dat blijkt uit berekeningen die de ministerraad heeft besproken. De cijfers komen op Prinsjesdag officieel naar buiten.

Invoering zorgplicht wellicht eerder dan 1 juli 2010

In de wetsvoorstellen noemt staatssecretaris Klijnsma 1 juli 2010 als invoeringsdatum voor de wettelijke regeling voor de gemeentelijke schuldhulpverlening. Gisteravond zei zij echter – ook op aandringen van de Tweede Kamer – dat zij zal proberen om de wet ‘enkele maanden’ eerder in te voeren. Ze voegde eraan toe dat een soepele invoering ook afhangt van de reacties van de Tweede Kamer op haar voorstellen.

Moratorium
Klijnsma wil het brede moratorium – ondanks aandringen van Kamerleden – nu nog niet opnemen in de wet, omdat dit tot vertraging zou leiden. Ze geeft aan zorgvuldig de (juridische) haken en ogen te willen onderzoeken. In een later stadium kan het moratorium wellicht alsnog worden ingevoerd. Ze zal de Kamer informeren over de tijdsplanning.

Aanvulling op dit bericht d.d. 7-10-2009: het verslag van het Tweede Kamer-overleg op 10 september is inmiddels vastgesteld.

Kamer wil meer actie gemeenten tegen armoede

DEN HAAG (ANP) – Een meerderheid van de Tweede Kamer dreigt de touwtjes meer in handen te nemen als te veel gemeenten het laten afweten bij het bestrijden van armoede en schulden. De drie regeringspartijen CDA, PvdA en ChristenUnie kondigden dinsdag aan daartoe deze week voorstellen te doen tijdens debatten over armoede en schuldhulpverlening met staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken).

Zo zei PvdA-Kamerlid Hans Spekman zich zorgen te maken dat niet alle gemeenten gelden van het Rijk benutten om kinderen die opgroeien in armoede, aan sport te laten doen of muziekles te laten volgen. ,,Het ideaal dat gemeenten hun eigen beleid bepalen, weegt minder zwaar dan dat kinderen van minder rijke ouders een hobby wordt gegund”, aldus Spekman. De PvdA’er wees erop dat inmiddels ongeveer de helft van de gemeenten meedoet aan de kabinetsdoelstelling om het aantal kinderen dat door armoede niet aan sport of cultuur kan doen, te halveren. Dat is volgens Spekman en zijn CDA-collega Hein Pieper te weinig. Als dit niet is verbeterd, moet het kabinet minder vrijblijvend geld geven aan lokale overheden in de armoedebestrijding.

Verder willen de coalitiepartners dat gemeenten meer inzicht geven in wat ze doen aan schuldhulpverlening. CDA-Kamerlid Elly Blanksma zei eerder dit jaar al dat lokale overheden onvoldoende laten zien op dit vlak. Nu constateert ze dat er nog steeds te veel mensen te lang op hulp moeten wachten als ze met financiële problemen bij gemeenten aankloppen. Blanksma vindt een algemene wachttijd van vier weken, die Klijnsma in nieuwe wetgeving voor schuldhulpverlening wil vastleggen, te lang. Volgens het CDA-Kamerlid moet bij het eerste gesprek worden bepaald of iemand direct hulp krijgt of op de wachtlijst komt te staan. Volgens haar kunnen gezinnen met kinderen en mensen met bedreigende schulden, waardoor bijvoorbeeld een uithuiszetting dreigt, geen vier weken wachten. Bovendien wil de ChristenUnie dat gemeenten meer gaan doen aan het voorkomen van schulden. Daarbij moeten volgens de kleinste regeringspartij lokale overheden ook meer samenwerken met organisaties, zoals kerken, die veel aan armoedebestrijding doen.

Aanvulling op dit bericht d.d. 8 oktober 2009: het verslag van het Kameroverleg op 9 september is inmiddels gepubliceerd.

Stand van zaken certificering

Klijnsma informeerde de Tweede Kamer deze week over de certificering van de schuldhulpverlening. De brief bevat niet echt nieuws, maar voor de volledigheid is hij toch hier te downloaden. Enkele kernpunten:

‘Ik acht het primair de taak van het veld om draagvlak te creëren voor de norm. Ik ben voornemens om in een van de komende Verzamelbrieven aan gemeenten aandacht te besteden aan het certificeren van de schuldhulpverlening.
Over de norm met betrekking tot de looptijd van de schuldregeling schrijft zei: ‘Op het moment dat er een voorstel tot wijziging wordt ingediend zal de Normcommissie het voorstel in behandeling nemen. Van het NEN heb ik begrepen dat de VNG, Divosa, NVVK en schuldeisers in overleg met elkaar werken aan een voorstel. De verwachting is dat het voorstel begin 2010 zal worden ingebracht bij de NEN-normcommissie schuldhulpverlening. Met belangstelling zie ik de resultaten daarvan tegemoet.’

Ik zie dat ook gemeenten wachten, net als de staatssecretaris. In de discussie over de looptijd zie je, dat de looptijd de belangrijkste reden is om zich niet te laten certificeren. Is het geen optie om de specifieke norm m.b.t. de looptijd tijdelijk buiten beschouwen te laten, zodat het mogelijk wordt om in ieder geval alvast op de andere onderdelen te certificeren? Wellicht komt het vanavond aan de orde in de Tweede Kamer.

Klijnsma en Plasterk achten Jeugdcultuurfonds van grote waarde

Dit schrijven beide bewindslieden in hun brief aan de Tweede Kamer. Het minsterie van OCW is in gesprek met het landelijke Jeugdcultuurfonds om te bezien “hoe dit fonds in de komende jaren zo effectief mogelijk kan opereren en welke steun daarbij nodig is.” Kabinet en Kamer zijn begaan met het lot van kinderen uit arme gezinnen die niet mee kunnen doen aan sport of cultuur. Om die reden zijn er SZW convenanten afgesloten met gemeenten en is er 80 miljoen beschikbaar gesteld (in 2008 en 2009) voor de impuls Kinderen doen mee! Klijnsma en Plasterk constateren dat binnen gemeenten de contacten tussen de diensten cultuur en sociale zaken “nog maar mondjesmaat op gang komen” en dat met name cultuurambtenaren nog niet op de hoogte zijn van de impuls. Het Jeugdcultuurfonds vervult hierin een belangrijke rol. “Niet alleen omdat het Jeugdcultuurfonds kinderen helpt, maar ook omdat het fonds een agenderende, informerende en verbindende werking richting particuliere fondsen en gemeenten kan hebben.” Lees de volledige brief aan de Tweede Kamer.

Overleg in Tweede Kamer over armoede

Ik was gisteren bij een overleg over armoedebeleid in de Tweede Kamer. Het volgende verslagje heb ik deels uit Binnenlands Bestuur.

Staatssecretaris Klijnsma gaat gemeenten helpen meer aan armoedebestrijding te doen. Daarbij denkt ze aan positieve prikkels, zoals het voorstel van de ChristenUnie om een stimuleringspremie in te stellen voor lokale overheden die het goed doen. Een deel van de middelen die in het crisisakkoord zijn vrijgemaakt voor schuldhulpverlening wil Klijnsma beschikbaar stellen aan particuliere initiatieven zoals Jeugdsportfonds, stichting Leergeld of het Jeugdcultuurfonds. Ook kijkt de staatssecretaris naar het idee van de PvdA om een Taskforce Armoede in te stellen met deskundigen van organisaties op het gebied van armoede, die de gemeenten ondersteunt. Ze belooft de Kamer daarover in een brief te informeren.

CDA, PvdA en ChristenUnie zeiden eerder deze week dat het Rijk meer de regie moet nemen. Volgens de regeringspartijen benutten te veel gemeenten de budgetten onvoldoende om kinderen die opgroeien in armoede, bijvoorbeeld aan sport te laten doen of muziekles te laten volgen. Klijnsma wil niet zover gaan als haar partijgenoot, PvdA-Kamerlid Hans Spekman, en zijn collega Hein Pieper van het CDA. Zij pleiten ervoor gemeenten die het laten afweten, te straffen door te korten op hun budgetten. De staatssecretaris benadrukt dat het aan de gemeenteraden en plaatselijke instellingen is om slecht lokaal beleid aan te pakken. ‘Maar als ik signalen heb dat ik denk: dit kan wel een onsje enthousiaster, zal ik dat niet onder stoelen of banken steken’, zei Klijnsma. Ze wil gemeenten vooral op een positieve manier stimuleren door te laten zien hoe het beter kan.

Ruim de helft van de gemeenten heeft met het Rijk een convenant gesloten om mee te werken aan de kabinetsdoelstelling om het aantal kinderen dat door armoede niet aan sport of cultuur kan doen, te halveren. Dat vinden de regeringspartijen te weinig. De staatssecretaris stelt dat gemeenten die geen convenant hebben gesloten, niet per se niks aan armoedebestrijding doen. VVD-Kamerlid Cees Meeuwis: ‘Als kind ga je niet over waar je woont. Het mag niet zo zijn dat je buiten de boot valt, omdat jouw gemeente net geen convenant heeft gesloten.’ Spekman van de PvdA overhandigde Klijnsma deel twee van de PvdA-nota Alle Kinderen een goede start.

Het CDA opperde om een website te maken met goede voorbeelden van armoedebeleid. Klijnsma vindt dit meer een taak van de VNG. Het CDA vroeg ook extra aandacht voor armoede onder zelfstandigen. Pieper noemde onder andere boeren en tuinders die met hun gezinsbedrijf de touwtjes amper aan elkaar kunnen knopen en in stilte in armoede leven.

Er werd ook stilgestaan bij het ‘moeras’ aan regelgeving. Er zijn zoveel inkomensondersteunende regelingen ontstaan waardoor het inkomensbeleid onstuurbaar is geworden en de doelgroep door de bomen het bos niet meer ziet. Spekman van de PvdA vroeg de staatssecretaris om een overzicht van alle regelingen en een analyse van de wijze waarop deze regelingen elkaar beïnvloeden. Klijnsma geeft aan dit breed en integraal te willen oppakken met haar collega’s van andere departementen. Ik had natuurlijk graag gezien dat Klijnsma verwees naar www.berekenuwrecht.nl. Daar zijn vrijwel alle landelijke en gemeentelijke inkomensondersteunde regelingen overzichtelijk bij elkaar gezet.

Vanavond overlegt de Kamer over schuldhulpverlening. Ik zal er weer bij zijn.

Testimonium Paupertatis

Dit is de titel van een interessante scriptie van Wim Heersink over chronische armoede als bestuurlijk vraagstuk. Wim was tot voor kort beleidsmedewerker in Zwolle. Hij schreef de scriptie in het kader van de Masteropleiding Bestuurskunde in Utrecht. Vorige week had ik met hem (en zijn nieuwe collega Wilco Pelgrom bij het RCF Overijssel) naar aanleiding van zijn scriptie een boeiende, welhaast filosofische discussie over armoedebeleid. Lost het huidige gemeentelijke) armoedebeleid de armoede echt op? Of zou je kunnen zeggen dat het de armoede eerder bestendigt; dat het minima afhankelijk maakt? We geven vis, maar moeten we geen hengel geven? Moeten we de kerstboom aan landelijke en gemeentelijke minimaregelingen niet gewoon afschaffen en er iets anders voor in de plaats zetten? Is armoede überhaupt op te lossen, en hoe dan? Lees deze zeer lezenswaardige en inspirerende scriptie! Het voornemen is om de discussie binnenkort nog eens over te doen in het platform armoedebeleid.

Nibud lanceert werkloosheidsberekenaar

Geen geld meer kunnen opnemen, aanmaningen ontvangen en de huur of hypotheek niet op tijd kunnen betalen. Nederlanders die het afgelopen jaar hun baan hebben verloren, hebben twee keer zo vaak betalingsproblemen als mensen met een baan. Zo’n acht procent van de Nederlanders is tussen mei 2008 en mei 2009 zijn baan kwijt geraakt of is gedwongen minder gaan werken.

Dit blijkt uit het onderzoek ‘Rondkomen in economische onzekerheid’ van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud). Daarnaast verwacht nog eens één op de tien werkende Nederlanders binnenkort geen of minder betaald werk te hebben. Om in te kunnen schatten wat het verlies van baan betekent voor het netto maandinkomen heeft het Nibud de ’werkloosheidsberekenaar’ ontwikkeld, een nieuwe tool om mensen wijzer in geldzaken te maken. Met de nibud.nl/werkloosheidsberekenaar kan online worden berekend hoeveel je netto per maand minder in je portemonnee overhoudt als je een werkloosheidsuitkering krijgt. De berekenaar houdt ook rekening met eventuele toeslagen en belastingvoordelen die je krijgt bij een lager inkomen.

Tip voor de gebruiker: raadpleeg vervolgens ook www.berekenuwrecht.nl en bereken op welke aanvullende landelijke en gemeentelijke inkomensverruimende regelingen je recht hebt.

Voor meer informatie lees het volledige persbericht  van het Nibud.

Inkomensondersteuning via Internet

Stimulansz, het Nibud en het Ministerie van BZK (programma Regeldruk en Administratieve Lastenvermindering) nodigen u uit om u te laten informeren en kritisch mee te denken over de doorontwikkeling van Berekenuwrecht.

Berekenuwrecht
Berekenuwrecht is een instrument om het niet-gebruik van voorzieningen tegen te gaan. Deze website kan voor een gemeente op maat worden gemaakt, zodat de inwoners van de gemeente nauwkeurig kunnen berekenen op welke gemeentelijke regelingen zij recht hebben. In september 2007 lanceerde toenmalig staatssecretaris Aboutaleb de landelijke site http://www.berekenuwrecht.nl. Op dit moment zijn 120 gemeenten aangesloten bij Berekenuwrecht. Aanstaande maandag 7 september gaat de nieuwe vormgeving van het gemeentelijke deel van Berekenuwrecht online.

Berekenuwrecht+
Er wordt dit jaar gewerkt aan een uitgebreide versie: Berekenuwrecht+. Via deze plusvariant kunnen burgers met hun DigiD een digitale aanvraag doen. De gegevens van de klant zijn dan al van tevoren ingevuld en zij ontvangen daarna automatisch een beschikking. Met Berekenuwrecht+ kan de gemeente bovendien geautomatiseerd haar klantenbestand screenen op het recht op gemeentelijke en landelijke inkomensondersteunende regelingen. Berekenuwrecht+ maakt het de doelgroep gemakkelijk en de gemeente bespaart op de uitvoeringskosten.

Voor wie
De bijeenkomst is vooral bedoeld voor vertegenwoordigers van gemeenten. Zowel gemeenten die al een Berekenuwrecht-abonnement hebben als gemeenten zonder abonnement zijn welkom. Daarnaast zijn uitgenodigd: BKWI, CP-ICT, VNG, WIGO4IT en het Ministerie van SZW. Tijdens de bijeenkomst wordt ingegaan op zowel de techniek, beleid, consequenties voor de gemeentelijke werkprocessen als de kosten en tijdsinvestering voor de gemeente. Dit betekent dat vertegenwoordigers met verschillende achtergronden (bestuur, ict, etc.) aan de bijeenkomst en discussie kunnen deelnemen.

Kosten Berekenuwrecht+
Het Ministerie van SZW heeft een subsidie beschikbaar gesteld voor de ontwikkeling van Berekenuwrecht+. Het Ministerie van BZK overweegt de kosten voor de eerste gemeenten die zich aansluiten verder te compenseren indien er voldoende animo is. Tijdens de bijeenkomst wordt bekeken welke gemeenten interesse hebben in deelname.

Datum, plaats en aanmelding
De bijeenkomst vindt plaats op maandag 28 september van 13.00 tot 16.00 uur te Utrecht. Aan deelname zijn geen kosten verbonden. U kunt zich aanmelden via info@stimulansz.nl.

Wachtlijsten wegwerken via Rechtbank

Een opmerkelijk bericht op Nieuwsbank onder de titel ‘Rechtbank heeft voldoende capaciteit voor schuldhulpverlening’:

Terwijl de wachtlijsten bij de kredietbanken langer worden hebben de rechtbanken het rustiger gekregen met schuldsaneringen. Het aantal saneringen via de rechtbank is met de helft gedaald, terwijl de wachttijden bij de kredietbanken door de economische recessie oplopen. Het Ministerie van Justitie pleit er voor om bewindvoerders die door de rechtbank worden benoemd in te zetten bij het oplossen van wachtlijsten. * Hiermee kan Justitie het probleem van Sociale Zaken mee helpen op te lossen.

Schuldsanering via de rechtbanken is veel efficiënter dan het traject van Sociale Zaken (lees: de kredietbanken). Een traject via de rechtbank is meer dan de helft goedkoper dan een traject via de kredietbank. Daarbij kent het traject van de rechtbanken nauwelijks wachtlijsten. Het probleem is wel dat het Ministerie van Justitie geen budget heeft voor schuldhulpverlening terwijl Sociale Zaken er meer dan driehonderd miljoen euro voor beschikbaar heeft gesteld. De vereniging van kredietbanken (NVVK) vraagt nóg meer geld om de wachtlijsten weg te werken.

CDA Tweede Kamerlid Elly Blanksma heeft een werkbezoek gebracht aan Friesland en was onder de indruk van de efficiëntie van schuldsanering via de rechtbank.

In deze provincie is het al praktijk dat door de rechtbank benoemde bewindvoerders worden ingezet om mensen met schuldproblemen te helpen met het aanvragen van een schuldsanering via de rechtbank. Het gaat eerst alleen nog om (ex)ondernemers, maar ook particulieren kunnen op deze wijze worden geholpen. Het aantal saneringen via de rechtbank is in Friesland bijna verdubbeld. Binnen drie tot vier weken is een sanering opgestart.

Schuldsanering via het systeem van Justitie is erg succesvol gebleken. In zeventig procent van de saneringen wordt succesvol met schone lei beëindigd. Sanering via de kredietbank blijft steken op ruim dertig procent successcore. *
Ook voor de schuldeisers is een sanering via de rechtbank beter. In tweederde van de schuldzaken levert een sanering via de rechtbank voor schuldeisers méér op dan sanering via de kredietbank.

Begin september vergadert de Tweede Kamer (commissie Sociale Zaken) met Staatssecretaris Jetta Klijnsma over schuldhulpverlening.

De wachtlijsten bij de schuldhulpverlening kunnen efficiënt en zonder extra kosten worden weggewerkt door schuldenaren via de rechtbank te saneren.

* ) Bronnen: brief Ministerie van Justitie aan de Tweede Kamer, 20 augustus 2009 en bericht op website Raad voor Rechtsbijstand, afdeling WSNP. Maandcijfers uitspraken schuldsanering van Raad voor Rechtsbijstand www.wsnp.rvr.org. Vijfde monitor WSNP, Ministerie van Justitie.

Ik vind deze optie best het onderzoeken waard. Maar volgens mij is het moeilijk het minnelijke en het wettelijke traject te vergelijken op efficientie. De doelgroep van de Rechtbank is een andere dan die van het minnelijke traject: in het minnelijke traject heeft al een voorselectie plaatsgevonden voordat men zich bij de rechtbank meldt. Bovendien is het minnelijke traject veel breder en duurder, met budgetbegeleiding, psychosociale hulpverlening, etc. Belangrijk verschil is ook dat de rechter machtsmiddelen heeft die de gemeente of kredietbank niet heeft.

Op de website van Bureau Benedictus staat een cartoon die dit artikel mooi samenvat.