De Amsterdamse Doorstart | Begeleiding naar financiële weerbaarheid

In §5.5 van het beleidsplan De schuld voorbij – Schuldhulpverlening 2025–2028 introduceert Amsterdam de Amsterdamse Doorstart. ‘Via die werkwijze zorgen we dat Amsterdammers tijdens een hulptraject én daarna toekomstgerichte stappen kunnen zetten.’

De Doorstart is een stappenplan en een gereedschapskist met hulpmiddelen voor hulpverleners die Amsterdammers door hun schuldregeling heen coachen. Het concept gaat uit van een (deels) nieuwe rol; de doorstartcoach. Deze persoon heeft een andere rol dan reguliere schuldhulpverleners. Het is belangrijk voor Amsterdammers om een frisse start te kunnen maken na het treffen van hun regeling. Daarom worden ze overgedragen aan de doorstartcoach. Deze coach ondersteunt de Amsterdammer aan de hand van het stappenplan.

Het stappenplan omlijnt een aantal essentiële contactmomenten tussen coach en Amsterdammer en biedt handvatten voor de invulling van het gesprek. Deze gesprekken zijn ontworpen naar de behoeftes van Amsterdammers in die fase, en op basis van gedragswetenschappelijke kennis.

Daarnaast zijn hulpmiddelen ontwikkeld die die gesprekken ondersteunen. Dit zijn visuele gesprekskaarten en folders die Amsterdammers helpen te reflecteren, doelen te stellen of belemmeringen in hun leefwereld ter sprake te brengen. Het doel van het stappenplan en de bijbehorende hulpmiddelen is om doorstartcoaches (en andere hulpverleners) de ruimte te geven om maatwerk te leveren, ze zijn vrij om de gesprekken te herhalen of anders in te richten naar eigen inzicht, en kunnen de hulpmiddelen zo inzetten als ze zelf willen.

De nieuwe werkwijze is ontstaan uit een samenwerking tussen de gemeente Amsterdam, de buurtteams en Social Designbureau INK, dat het concept van de doorstart heeft uitgewerkt. Komend jaar start de Doorstart met een pilot met 150-200 cliënten.

Klik om te vergroten

Basisdienstverlening

De Doorstart is een uitwerking van o.a. het element begeleidingstraject van de basisdienstverlening schuldhulpverlening. Lees voor meer inspiratie nog eens de in november vernieuwde handreiking begeleiding (VNG).

Meer info

De methodiek wordt op 20 januari 2025 toegelicht tijdens de NVVK-bijeenkomst Duik diep in de financiële begeleiding te Amsterdam. Ook Den Haag en Stadsbank Oost-Nederland leggen daar uit hoe zij de financiële begeleiding vormgeven. (De bijeenkomst is helaas al vol).

Neem voor meer info over de Amsterdamse Doorstart contact op met Wouter Wamelink, kwaliteitsfunctionaris schuldhulpverlening bij gemeente Amsterdam.

Werkwijzer interculturele hulpvragers

De nieuwe werkwijzer interculturele hulpvragers van de NVVK geeft je handvatten om goed om te gaan met culturele verschillen.

Werkwijzers zijn praktische handleidingen van de NVVK met tips, tricks en tools die je werk als schuldhulpverlener makkelijker maken. Eerder zijn al werkwijzers gepubliceerd over het werken met ondernemers en (ex-)gedetineerden

Basisdienstverlening voor gemeentelijke armoededienstverlening

We moeten terug naar de situatie waarbij het Rijk het bestaansminimum garandeert en gemeenten maatwerk leveren. We stellen gemeentelijke basisdienstverlening en model-beleidskaders vast om te voorkomen dat maatwerk leidt tot willekeur, niet-gebruik en ongewenste verschillen tussen gemeenten. Dat is simpel gezegd de oproep in de Verkenning armoededienstverlening uitgevoerd door Divosa in opdracht van VNG.

De oproep sluit aan op de wens van het huidige kabinet om een model-beleidskader te ontwikkelen (dat lazen we in juni ’25 in het Nationaal Programma Armoede en Schulden) en de Hervormingsagenda Inkomensondersteuning van het Rijk (juli ’25). Je herkent daarnaast ook voorstellen van het Instituut voor Publieke Economie en de Commissie Sociaal minimum. De oproep om te komen tot een eerlijker en eenvoudiger (gemeentelijk) armoedebeleid vond je ook in de verkiezingsprogramma’s van een aantal politieke partijen. De analyses en oproepen zijn dermate eensluidend dat je verwacht dat ook het nieuwe kabinet hiermee voortvarend aan de slag zal gaan.

Negen adviezen

In de verkenning geeft Divosa negen adviezen:

  1. Werk met gemeenten, Rijk, maatschappelijke en publieke partners aan een landelijk armoedekader met een duidelijke norm voor een toereikend inkomen. Doe dit op basis van gedeelde principes, waarden, doelen en gewenste effecten.
  2. Zorg dat de taken en verantwoordelijkheden van het Rijk en gemeenten beter op elkaar aansluiten en functioneer als gezamenlijke overheid.
  3. Organiseer het netwerk voor een krachtige lobby voor een toereikend, zeker en voorspelbaar inkomen van rijkswege.
  4. Bepaal samen met het Rijk bij de medebewindstaak bijzondere bijstand welke regelingen bij de landelijke norm horen en welke bijzondere normen bij gemeenten passen. Zo passen een aantal regelingen beter bij een landelijk minimum en daarmee bij een centrale uitvoering. Denk aan de individuele inkomenstoeslag, collectieve aanvullende verzekering en studietoeslag.
  5. Werk aan een basisdienstverlening voor armoededienstverlening [afgekeken van basisdienstverlening schuldhulpverlening, red.], die de volgende elementen bevat:
    ● vraaggestuurde dienstverlening;
    ● bredere begeleiding van inwoners in armoede;
    ● eenvoudige toegang;
    ● samenwerking met lokaal middenveld;
    ● vakmanschap.
  6. Voorkom dat de dienstverlening is gebaseerd op tegenstrijdige werkende principes.
  7. Zorg voor ruimte en sturingskracht op lokaal en individueel niveau. Maak een handelingsperspectief om lokaal keuzes te maken, politieke sturing te geven en in te spelen op geografische verschillen en verschillende behoeften van doelgroepen. Ontwikkel ook een kwaliteitskader voor maatwerk voor individuele verschillen, met als uitgangspunt: ongelijk investeren in ongelijke situaties, ongeacht waar iemand woont.
  8. Verbind de ontwikkelingen van armoededienstverlening (en bestaanszekerheid) met andere dossiers, waarin er overlappende ontwikkelingen plaatsvinden.
  9. Neem als VNG en Divosa de regie om samen met het Rijk en maatschappelijke en publieke partners beweging op gang te brengen, zoals een landelijk armoedekader, de normen voor bijzondere bijstand en basisdienstverlening.

Klik om te vergroten:

Meer over dit onderwerp

In de media was veel te doen over dit onderwerp. Van oud naar nieuw:

Meer armoede in Nederland na wegvallen energietoeslag

Voor het eerst in vijf jaar leven er weer meer mensen in armoede. Volgens het CBS hadden vorig jaar 551.000 mensen te maken met armoede, 3,1% van de bevolking. Deze groep mensen houdt na het betalen van de grootste vaste lasten (wonen, energie, zorg) te weinig geld over voor de andere minimale levensbehoeften.

De toename van de armoede heeft te maken met het wegvallen van de energie­maatregelen in 2024 en dan vooral de energietoeslag van veelal € 1.300. Met andere koopkracht­verhogende maatregelen zoals de verruiming van de huurtoeslag en de verhoging van het kindgebonden budget bleef het armoedepercentage in 2024 wel onder het niveau van 2021.

Ook armoede-intensiteit toegenomen

Armen komen inkomen tekort. In 2024 was het inkomen in doorsnee 19% lager dan de armoedegrens. Dat betekent dat de helft van de mensen in armoede meer dan 19% onder de armoedegrens verkeerde. Het tekort was in 2018 nog 12% en liep vooral in 2022 en 2023 op. In die jaren maakten bijstandsontvangers door de energietoeslag een minder groot deel uit van de arme bevolking en werkenden juist een groter deel. In arme huishoudens die voornamelijk inkomen uit werk hebben, komen mensen in doorsnee meer inkomen tekort dan in bijstandshuishoudens. In 2024 ging het bij bijstandsontvangers om 13%. In werknemers­huishoudens was het tekort 22% en in zelfstandigen­huishoudens 33%.

Betalingsachterstanden en andere financiële problemen

Het merendeel van de (bijna-) armen had onvoldoende geld om versleten meubels te vervangen, jaarlijks een week op vakantie te gaan of regelmatig nieuwe kleren te kopen. Ook had 17% achterstanden bij de betaling van de maandelijkse huur- of hypotheeklasten, de elektriciteits-, water- of gasrekeningen of bij het afbetalen van een lening of op krediet gekochte artikelen. Mensen die niet arm en ook niet bijna-arm zijn, hadden hier relatief weinig mee te maken.

Van de mensen die arm of bijna-arm zijn, gaf 35% in 2024 aan (zeer) moeilijk te kunnen rondkomen. Bij de mensen die niet arm en niet bijna-arm zijn, was dat 5%. Het percentage armen en bijna-armen dat zegt schulden te moeten maken, kwam uit op bijna 12. Van de mensen in huishoudens met meer inkomen of een voldoende vermogens­buffer was dat 2%. Arme en bijna-arme mensen hebben bovendien vaker problematische schulden en komen vaker in de schuldsanering terecht dan mensen die dat niet zijn. Ook zijn armen en bijna-armen minder tevreden over hun financiële situatie en somberder over de financiële toekomst.

In 2024 had 30% van alle mensen die in armoede leven, te maken met geregistreerde problematische schulden. 1 op de 5 armen heeft al drie jaar op rij problematische schuld.

Cijfers per gemeente

De top vijf van gemeenten met de meeste armoede werd aangevoerd door Vaals (6,9%). De andere gemeenten in de top vijf waren Amsterdam (6,7%), Den Haag (6,4%), Rotterdam (6,3%) en Groningen (5,8%). Bekijk de cijfers per gemeente op Statline. De zijn de cijfers met de nieuwe armoededefinitie. Hier vind je het aantal huishoudens met een inkomen tot x% van het sociaal minimum. Let op, je kunt zelf de variabelen aanpassen en tabellen samenstellen.

Meer lezen

Zie hier de inhoudsopgave van het CBS-rapport:

  1. Kijk op armoede
  2. Hoeveel mensen zijn arm?
  3. Hoeveel kinderen zijn arm?
  4. Hoeveel werkenden zijn arm?
  5. Wie zitten er net boven de armoedegrens?
  6. Wat is de financiële situatie bij armoede?
  7. Wat betekent armoede voor de leefsituatie?
  8. Hoe is de leefsituatie van arme kinderen?
  9. Hoeveel mensen in de Europese Unie zijn arm?

Landelijke campagne ‘Stap naar hulp’ voor werkenden rond armoedegrens

In Nederland leven zo’n 355.000 werkenden met een inkomen tot 125% van het sociaal minimum.* Alleenstaande werkenden zijn oververtegenwoordigd. Ze zijn financieel kwetsbaar, hebben vaker schulden en weten de weg naar hulp en inkomensondersteunende regelingen niet altijd goed te vinden. Daarom lanceert het ministerie van SZW de campagne ‘Stap naar hulp’, waarin het werkenden met een laag inkomen stimuleert contact te zoeken met Geldfit.

Op campagnetoolkits.nl vind je middelen die je kunt gebruiken voor een lokale campagne.

Onderzoek

Werkenden maken relatief minder gebruik van regelingen als bijzondere bijstand, kwijtschelding gemeentelijke belastingen, toeslagen en minimaregelingen, omdat ze denken dat deze niet voor hen bedoeld zijn. Of omdat ze bang zijn geld te moeten terugbetalen. In een Ipsos I&O-peiling gaf 35% van de alleenstaande werkenden aan hier bang voor te zijn, vooral mensen tussen de 25 en 35 jaar.

* Bekijk het aantal werkende minima per gemeente (CBS).

SZW merkt uitbetaling Groupcard-tegoed niet aan als inkomensbeleid

Door het faillissement van Groupcard hebben inwoners van veel gemeenten hun tegoedpas van dit jaar niet geheel kunnen verzilveren. De tegoedpas is bijvoorbeeld in het kader van gemeentelijk minimabeleid verstrekt. Meerdere gemeenten verkennen de mogelijkheden om het resterende tegoed op de pas alsnog aan de betreffende inwoners te geven, bijvoorbeeld door een zelfde bedrag over te maken op de bankrekening of via breed geaccepteerde cadeaubonnen.

Een dergelijke uitbetaling van vrij besteedbaar geld past normaliter niet binnen de kaders van gemeentelijk minimabeleid of de bijstand. Aangezien een nieuwe tegoedpas voor de meeste gemeenten niet op korte termijn haalbaar is, biedt het ministerie van SZW in dit specifieke geval de onderstaande ruimte en adviezen voor een uitbetaling. Het ministerie vertrouwt erop dat gemeenten dit als uiterste mogelijkheid benutten en zich ervoor inspannen dat de uitbetaling volgens de bedoeling van de tegoedpas wordt besteed.

  1. Het ministerie van SZW zal bij uitzondering de uitbetaling van het resterende tegoed niet aanmerken als inkomensbeleid.
  2. De gemeente kan in de bepaling van het recht op bijstand het uitbetaalde bedrag uitzonderen van de middelen (inkomen en vermogen). Gelet op de eerdere toekenning van de tegoedpas en de uitzonderlijke omstandigheden kan het uitbetaalde bedrag worden beschouwd als gift die verantwoord is vanuit het oogpunt van bijstandsverlening. Het bedrag hoeft dan niet met de uitkering te worden verrekend.
  3. Gezien de bijzondere omstandigheden, waarin het resterend tegoed verloren is gegaan door het faillissement, ligt het voor de hand dat de uitbetaling de fiscale kwalificatie volgt van het oorspronkelijke tegoed op de pas. Het is de verantwoordelijkheid van gemeenten om hun (minima)regelingen zoals de tegoedpas zo vorm te geven dat deze niet belast zijn als periodieke uitkeringen en verstrekkingen (zie hierover de eerdere Kamerbrief). Als de tegoedpas onbelast was, geldt in beginsel hetzelfde voor de uitbetaling ter hoogte van het door het faillissement verloren gegane resterende tegoed op de pas. De uiteindelijke beoordeling blijft voorbehouden aan de inspecteur van de Belastingdienst. Gemeenten die zekerheid willen hebben, kunnen zich wenden tot de inspecteur. Onbelaste verstrekkingen hebben geen invloed op de toeslagen.

Bovenstaande is niet van toepassing als de inwoner dubbele compensatie krijgt. Gemeenten die uitbetalen wordt daarom geadviseerd om ervoor te zorgen dat de rechten op een tegoed bij een doorstart of op een compensatie door de curator toekomen aan de gemeente.

Bron: Gemeentenieuws van SZW, 8 dec. 2025)

Gemeenten kunnen in het VNG-forum Groupcard in vertrouwelijkheid met elkaar kennis en expertise delen.

Tot slot, vorige week was er opnieuw een tegenslag voor Groupcard. Er gaat een streep door een doorstart, omdat overnamepartij Winst uit je Woning eveneens bankroet is.

Winstbeogende bewindvoerders en schuldhulpverleners vrijgesteld van BTW

Zojuist heeft de Eerste Kamer de Fiscale Verzamelwet 2026 aangenomen. Dat betekent dat bewindvoerders en schuldhulpverleners met een winstoogmerk vanaf 1 januari 2026 vrijgesteld zijn van omzetbelasting. Het is een verplichte vrijstelling. In de Memorie van Toelichting vind je op o.a. p. 54 een toelichting.

Voor gemeenten die kosten van bewind vergoeden vanuit de bijzondere bijstand is dit gunstig. Het levert namelijk een besparing op van 21% in die gevallen waar nu nog BTW wordt gedeclareerd. Maar reken je niet meteen rijk, want tegelijkertijd gaan ook de tarieven voor bewindvoerders omhoog. Lees meer over de verwachte besparing.

Eerste Kamer

Sterkere positionering van schuldhulpverlening in het sociaal domein

Schrijf je een beleidsplan schuldhulpverlening? Doe dan als Montferland en zorg voor een sterkere positionering van schuldhulpverlening binnen het Sociaal domein.

Net als beleidsadviseur Han Muurmans vind ik het een gemiste kans dat schuldhulpverlening nog te vaak wordt gezien als een losstaande wet, die bovendien in de praktijk ondergeschikt lijkt aan de drie grote sociaal-domeinwetten: de Participatiewet, de Wmo en de Jeugdwet.

Han vulde de sociale domein wetten aan met de Wet Inburgering en de Wgs en onderzocht de overlappen. Het plaatje dat dan ontstaat geeft een heel ander inzicht dan de bekende stellingname dat er weinig overlap is binnen de drie sociaal domeinwetten. De overlap met de Jeugdwet en de Wet Inburgering is een schatting vanuit de praktijk.

In dit plaatje is schuldhulpverlening de gemene deler in het sociaal domein:

Gebruik dit plaatje in al je beleidsstukken, want het zegt meer dan duizend woorden!

Ik zal begin 2026 het beleidsplan van Montferland delen zodra het openbaar is.

Stella-team van de Belastingdienst helpt bij knellende situaties

Het Stella-team helpt bij complexe en dringende problemen met belastingen of toeslagen. Het Stella-team wil mensen met individuele ondersteuning en maatwerk een nieuw perspectief bieden.

‘We behandelen casussen van mensen met complexe schulden bij de Belastingdienst, soms met een belastingachterstand van zo’n € 40.000, omdat zij bijvoorbeeld jarenlang geen aangifte hebben gedaan. Tel daar de andere schulden nog eens bij op, zoals bij het CAK, de SVB, de zorgverzekeraar of bij particuliere webshops”, vertelt Stella-regisseur Marleen. Zij begeleidt de werkprocessen voor het Stella-team. “Met daadkracht kunnen we gezamenlijk deze knellende situaties bij mensen oplossen. Daarom ben ik blij dat onder andere schuldhulpverleners, sociaal raadslieden, bewindvoerders en budgetcoaches ons goed weten te vinden voor mensen met een belastingachterstand.’

Werkwijze Stella-team

De doorlooptijd voor het behandelen van een Stella-casus varieert. Samenwerking en maatwerk staan voor het team voorop. Sandra bekijkt bij de start altijd de beschikbare ruimte binnen de wet- en regelgeving. ‘Hebben mensen bijvoorbeeld een verwijtbare schuld of niet? En in hoeverre komen zij in aanmerking voor een kwijtschelding van verzuimboetes of voor een speciale betalingsregeling? Als vast contactpersoon bespreek ik in alle rust hoe mensen aangiftes uit vorige jaren kunnen doen. Na alle definitieve aanslagen start vaak het overleg met de afdeling invordering binnen Stella voor een passende oplossing binnen de Belastingdienst. Dat is bijvoorbeeld een betalingsregeling op maat, daarna kunnen mensen hun leven opnieuw oppakken en vooruit kijken. Het geeft mij veel voldoening als je ziet dat mensen deze kans met beide handen aangrijpen’, legt Sandra uit.

Mensen eerder in beeld

Medewerkers van het Stella-team merken dat mensen zich dikwijls schamen voor hun situatie. Zij melden zich pas bij een wijkteam of sociaal raadslid als zij financieel met de rug tegen de muur staan. Marleen: ‘We horen het binnen het Stella-team dagelijks: de financiën werden onoverzichtelijk of jaren niet bijgehouden na het overlijden van een partner, een echtscheiding, het verliezen van een betaalde baan of door grote onvoorziene uitgaven. Dit kan iedereen overkomen, maar zonder vangnet kunnen óók de financiële gevolgen enorm zijn. Mensen raken in paniek en stellen acties uit. Maar durf die drempel voor hulp te nemen.’

‘Net zoals gemeenten, energieleveranciers, woningcorporaties, banken en zorgverzekeraars zetten wij in op vroegsignalering. We helpen mensen graag vóórdat hun financiële problemen zich opstapelen. Daarom nemen we ook zélf contact op met mensen als we zien dat zij over meerdere jaren geen belastingaangifte hebben gedaan. Door te bellen of een contactkaartje te sturen, krijg je mensen met betalingsachterstanden eerder in beeld. Op zo’n moment ervaren we de voordelen van zowel maatwerk en korte lijnen binnen het Stella-team als een goede samenwerking met alle partners’, schetst Marleen de voor het team ideale werkwijze.

Ook een Stella-casus aanmelden?
Mail naar stella.maatschappelijk.dienstverleners@belastingdienst.nl    
Voorwaarde is dat een burger zelf actief meewerkt aan een mogelijke oplossing.

‘Bereken Je Recht’ volledig vernieuwd

Twintig jaar geleden legde mijn favoriete ex-collega John Nuyten bij de gemeente Goirle de basis voor Bereken Je Recht; de online tool waarmee je berekent of je in aanmerking komt voor gemeentelijke minimaregelingen. Bij Stimulansz, waar ik toen projectleider was, ontwikkelden we Bereken Je Recht door tot een instrument waarop ook andere gemeenten eenvoudig kunnen aanhaken. We gingen samenwerken met het Nibud, zodat gebruikers ook het recht op landelijke regelingen kunnen berekenen. En we introduceerden Bereken Je Recht Plus waarmee inwoners direct voor meerdere regelingen tegelijk via DigiD een aanvraag kunnen doen. Anno 2025 heeft Bereken je recht nog niets aan betekenis ingeboet.

Recent is Bereken Je Recht volledig vernieuwd:

  • BerekenUwRecht is nu Bereken Je Recht.
  • Slimmere, selecterende vraagstelling, waardoor gebruiker minder hoeft in te vullen.
  • Toegankelijke tekst en vormgeving.
  • Gebruiksvriendelijk op smart phone.

Vóór de jaarwisseling worden de laatste gemeenten overgezet op de nieuwe versie. Krimpen aan de IJssel werd als één van de eerste gemeenten overgezet. Neem een kijkje op berekenjerecht.nl/krimpenaandenijssel.

Plan een demo en kijk hier hoe jouw gemeente kan aansluiten.

Huurtoeslag verandert vanaf 2026; pas je woonkostentoeslag aan!

Per 1 januari 2026 verandert een aantal belangrijke zaken in de huurtoeslag:

  • De maximale huurgrens vervalt als toegangsvoorwaarde. Dat betekent dat ook huurders met een hoger huurbedrag straks aanspraak kunnen maken.
  • De huurtoeslag wordt berekend op basis van kale huur. De servicekosten tellen niet meer mee.
  • De leeftijdsgrens voor ‘jongeren’ gaat van 23 jaar naar 21 jaar. Jongeren van 21 en 22 jaar krijgen straks dus eerder meer huurtoeslag.

Gevolgen voor de Woonkostentoeslag

Gemeenten ondersteunen via de Woonkostentoeslag of soortgelijke bijzondere bijstandsregelingen huurders die buiten de landelijke huurtoeslag vallen, bijvoorbeeld doordat hun huur boven de grens ligt. Zie dossier Woonkostentoeslag. Door de wetswijziging verandert de situatie:

  • Tot 2026 vielen huurders met te hoge huur vaak helemaal buiten de huurtoeslag – en kwamen zij in aanmerking voor WKT omdat de huur te hoog was. Met de nieuwe situatie kan de huurder wel huurtoeslag krijgen, maar de toeslag dekt niet het volledige huurbedrag — de huurder blijft dus met een ongesubsidieerd huurdeel zitten.
  • Omdat de huurtoeslag onderdeel wordt van de voorliggende voorziening voor meer huurders, verandert de rol van gemeenten: niet meer primair om de groep zonder toeslag te ondersteunen, maar om het gedeelte boven wat de huurtoeslag vergoedt te compenseren.
  • Het huidige gemeentelijke beleid is vaak nog ingericht op het criterium ‘geen recht op huurtoeslag vanwege te hoge huur’. Dat criterium vervalt of verschuift per 2026 — dus zonder aanpassing loopt een gemeente het risico dat de WKT-regeling juridisch en beleidsmatig niet meer goed aansluit.

Woonkostentoeslag aanpassen

Hieronder een paar concrete stappen:

  1. Inventarisatie
    • Breng in kaart welke huishoudens momenteel de WKT ontvangen op basis van een te hoge huur.
    • Informeer deze doelgroep tijdig dat per 2026 de regels voor huurtoeslag wijzigen, en help hen eventueel bij het aanvragen of herberekenen van huurtoeslag.
  2. Doorrekenen
    • Maak voor de betrokken huishoudens een financiële doorrekening: wat is de verwachte huurtoeslag in 2026? Hoe groot is het resterende ongesubsidieerde huurdeel dat zij zelf moeten dragen?
    • Identificeer welke huishoudens erop achteruitgaan of in grotere financiële knel kunnen komen.
  3. Beleidsherziening
    • Formuleer het WKT-beleid voortaan als aanvullende bijzondere bijstand voor het deel van de huur dat niet door de huurtoeslag wordt vergoed.
    • Stel vast tot welk huurbedrag de gemeente woonkosten als ‘noodzakelijk’ erkent, en welke grenzen gelden voor verhuisplicht of andere voorwaarden.
    • Verwijder of herzie beleidsregels die uitgaan van het criterium ‘geen recht op huurtoeslag vanwege te hoge huur’ — dat is straks niet meer toereikend.
    • Bekijk of de verhuisplicht in huidige vorm realistisch is, zeker in de vrije sector/woningmarkt waar verhuizen lastig is.

Deel je beleidsregel!

Heb je de beleidsregel WKT al aangepast of een goed concept? Of een rekentool? Dan deel ik deze graag op mijn blog, desgewenst geanonimiseerd. Mail naar info@martijnschut.eu.

Erik, bedankt voor de attendering!

Updates

Breaking: gemeenten krijgen € 30 miljoen om mensen met een laag inkomen en hoge energierekening deze winter te helpen

Met dit geld kunnen gemeenten meer doen om huishoudens met geldzorgen te bereiken en hulp bieden bij het verduurzamen van hun woning. Dat schrijft staatssecretaris Nobel in een Kamerbrief. Vorige maand al schreef hij dat dit een mogelijk alternatief was, mocht een herhaling van het energiefonds deze winter niet haalbaar blijken.

Anders dan bij het energiefonds mogen gemeenten geen geld uitkeren. Gemeenten kunnen dit geld besteden binnen de huidige wettelijke kaders en huidig instrumentarium. Denk bijvoorbeeld aan versterking van energiecoaches, Fix-brigades, Energiehelden, duurzame witgoedregelingen en andere initiatieven in het kader van de SPUK Energiearmoede. Er komt deze keer dus geen wettelijke mogelijkheid om bijvoorbeeld een energietoeslag of anderszins geld uit te keren.

Update 17 nov: Ik krijg vaak de vraag of het niet toch mogelijk is om inkomensondersteuning te bieden. In de Kamerbrief wordt immers gesproken over ‘inkomenssteun’ en in de beslisnota over ‘inkomensondersteuning’. Het antwoord is: ja, je mag individuele bijzondere bijstand verstrekken als de hoge energiekosten voortvloeien uit bijzondere omstandigheden, bijvoorbeeld als iemand op doktersadvies de verwarming hoger zet. Dat mochten gemeenten altijd al. Het feit dat nu de energietarieven hoog zijn, is (wettelijk gezien) geen bijzondere omstandigheid. Wat dus niet mag is generieke categorale bijstand zoals bij energietoeslag en energiefonds. Ik houd me aanbevolen voor goede ideeën om binnen de wettelijke kaders toch de nodige inkomensondersteuning te bieden of anderszins inwoners deze winter te helpen!*

* Update 21 nov: Hier een begin van een lijstje met mogelijke maatregelen, rijp en groen door elkaar, en mogelijk niet allemaal (snel) haalbaar:

  • Bied energieadvies en – coaching.
  • Ondersteun bij kleine energiebesparende maatregelen (tochtstrips, ledverlichting, radiatorfolie, cv-ketel optimaal instellen, slimme thermostaat, etc.).
  • Geef of leen geld voor grote energiebesparende maatregelen (zonnepanelen, muurisolatie, warmtepomp, etc.).
  • Help bij het kiezen van de beste energieleverancier.
  • Sluit een collectief energiecontract af voor minima.
  • Verstrek duurzaam witgoed in het kader van bijzondere bijstand.
  • Geef de mogelijkheid een brommer in te ruilen voor een e-bike.
  • Ga bij minimaregelingen uit van besteedbaar inkomen en houd rekening met energiekosten zoals Wageningen.
  • Verhoog goed gebruikte minimaregelingen zoals IIT, stadspas of meedoenregeling. Let op: dit is ongericht.
  • Verhoog in de regeling voor chronisch zieken en gehandicapten de tegemoetkoming voor energiekosten.
  • Corrigeer in de schuldhulpverlening het Vrij Te Laten bedrag (VTLB) maximaal voor energiekosten.
  • Maak een lokaal publiek-privaat energiefonds.

Lijst met inwoners die aanvraag deden bij Energiefonds

Binnenkort worden via een portal de data van 151.000 huishoudens gedeeld met gemeenten. Deze huishoudens hebben bij hun aanvraag bij het Energiefonds afgelopen voorjaar aangegeven open te staan voor hulp bij het verlagen van hun energierekening. In november ontvangen 6 tot 8 pilotgemeenten de data. Na een evaluatie begin december, ontvangen alle gemeenten de data. Update 12 jan: Onderteken deze overeenkomst (.doc) en mail hem naar naar pmo@noodfondsenergie.nl. Je ontvangt vervolgens de lijst.

Verdeelsleutel

Gemeenten ontvangen in 2025 via de decembercirculaire € 10 miljoen en vervolgens in 2026 bij meicirculaire € 20 miljoen. In totaal dus € 30 miljoen. Dit wordt verdeeld op basis van het percentage energiearmoede per gemeente. Het is een ‘Decentralisatie-uitkering’ dus door gemeenten naar eigen inzicht te besteden.

Update 19 nov: Van SZW kreeg ik de energiearmoedepercentages 2024 die zullen worden gebruikt als verdeelsleutel (waarvoor dank!). In Verdeelsleutel_Energiearmoede_2024.xls heb ik op basis daarvan de bedragen per gemeente berekend. Volgens mij klopt het zo, maar voor de zekerheid zeg ik erbij dat je hieraan geen rechten kunt ontlenen. Let op: de percentages wijken voor sommige gemeenten best flink af van die van 4 jaar geleden (p. 7) die ik eerder deze week deelde.

Update 16 dec: Op p. 52 van de Decembercirculaire 2025 vind je de definitieve bedragen 2025 per gemeente. De bedragen voor 2026 volgen in de Meicirculaire 2026.

Volgend jaar: landelijk energiefonds

In de brief legt Nobel uit waarom een landelijk publiek-privaat energiefonds deze winter niet mogelijk is. In de winter van 2026/’27 komt er wel een publiek energiefonds.

Meer lezen

Werkwijzer (ex-)gedetineerden

Hoe zit het met schulden als iemand vastzit? En wat kun je er tijdens detentie al aan doen? De nieuwe werkwijzer (ex-)gedetineerden van de NVVK laat stap voor stap zien wat je tijdens en na detentie kunt doen en waar je op moet letten.

Wegwijzer Van schuldregeling naar Wsnp

Hoe zorg je dat inwoners soepel kunnen instromen in de Wsnp? En hoe bied je als gemeente begeleiding aan inwoners die zijn toegelaten tot de Wsnp? Dat lees je in de Wegwijzer Van schuldregeling naar Wsnp van de VNG.

  1. De wegwijzer gaat eerst in op goede aansluiting Msnp > Wsnp, zodat de periode van de Msnp meetelt als looptijd van de Wsnp.
  2. Daarna in 5 stappen tips die helpen om inwoners te ondersteunen in toeleidingsperiode. Denk aan informatievoorziening, verzamelen en aanleveren van documenten, opstellen verzoekschrift en voorbereiden op en bijstaan tijdens de zitting.
  3. Tot slot wordt ingegaan op begeleiding tijdens de Wsnp. Met daarbij extra aandacht voor inwoners die zijn toegelaten tot de Wsnp, maar nog niet bij de gemeente bekend zijn.

Bills

Een creatieve manier om je schulden op te lossen: maak kunstwerken van je facturen en verkoop ze voor het factuurbedrag.

Gisteren bewonderd in museum Singer Laren: De reeks Bills van Daniëlle van Ark ontstond tijdens de pandemie toen kunstenaars geen mogelijkheden hadden hun werk te tonen en te verkopen. Terwijl de vaste lasten, zoals de huur van een atelier en het aanschaffen van materialen, doorliepen, bleven de inkomsten uit. Van Ark gebruikte haar inkomende facturen als basis voor haar tekeningen en collages. Het bedrag van de factuur werd zowel de titel als de prijs waar­voor ze het werk vervolgens via Instagram verkocht.

Modelbeleidsregels schuldhulpverlening

Gisteren publiceerde de VNG de nieuwe modelbeleidsregels schuldhulpverlening plus een implementatiehandleiding inclusief modelbeslisnota.

De beleidsregels zijn toekomstbestendig gemaakt door de elementen basisdienstverlening, de recent vernieuwde handreiking Begeleiding en het inwonersperspectief uit het basisproces van de routekaart Financiële Zorgen erin te verwerken. Hierdoor kan het voorkomen dat er bepalingen in staan die (nog) niet aansluiten bij de huidige praktijk in jouw gemeente. Je kunt zelf bepalen of en wanneer je deze overneemt.

Beleidsregels worden vastgesteld door het college. Beleidsregels schuldhulpverlening zijn niet verplicht, maar wel gewenst! Artikel 2 Wgs verplicht gemeenten wel om een beleidsplan te laten vaststellen door de gemeenteraad.

Op 18 maart 2026 zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Overleg met je wethouder of die nog voor die tijd de beleidsregels wil vaststellen.

Lees de VNG-ledenbrief aan colleges en gemeenteraden (18/10/2025).

Verkiezingsprogramma’s over armoede en schulden

Op 29 oktober 2025 is de verkiezing voor de Tweede Kamer. Wat willen de grootste partijen (volgens de peilingen) op het gebied van armoede en schulden? In willekeurige volgorde:

GroenLinks-PvdA

  • Lagere energierekening door woningisolatie.
  • Huurverhogingen aan banden. Huurkorting als huisbaas de woning niet isoleert. Meer sociale huur.
  • Lagere prijskaartjes ov.
  • Forse verlaging zorgpremie en eigen risico.
  • Verhoging minimumloon (naar € 18 per uur) en uitkeringen. Behoud koppeling. Vanaf 18 jaar iedereen minimumloon.
  • Progressiever belastingstelsel.
  • Gewone erfenissen niet belast. Belasting op grote erfenissen omhoog.
  • Ingrijpen bij grote prijsschokken zoals Prijsplafond Energie.
  • Van elke euro die wordt verdiend minimaal 80% naar werkenden en niet naar bijv. aandeelhouders.
  • Belasting op werk omlaag. Belasting op inkomen uit vermogen omhoog.
  • Verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers, met bijdrage opdrachtgever en inkomensafhankelijke premie.
  • Er komt een Wet reductie kinderarmoede, die de overheid verplicht ervoor te zorgen dat kinderarmoede fors daalt.
  • Afschaffing kostendelersnorm.
  • Eerste jaar bijstand staat in teken van persoonlijke ontwikkeling en groei. Lichtere eisen voor spaargeld, auto en huis.
  • Verkorting WW teruggedraaid naar twee jaar.
  • Toeslagen overbodig met o.a. gratis kinderopvang, lagere zorgpremies en hogere inkomens.
  • Overheid informeert mensen actief over waar zij recht op hebben, bij o.a. grote levensgebeurtenissen.
  • Inkomensondersteuning wordt z.v.m. automatisch uitgekeerd.
  • Belastingdienst benadert minima die geen aangifte doen als ze geld terugkrijgen.
  • In armoedefinitie worden ook schulden, hoge zorgkosten en studenten meegenomen.
  • Overheidsinstanties stoppen excessief ophogen van boetes en vorderingen bij betaalachterstanden.
  • Afschaffing Wanbetalersregeling.
  • Huisuitzettingen alleen toegestaan vanwege criminele activiteiten en niet meer vanwege betaalachterstanden.
  • Afsluiten van gas, water en licht wordt verboden.
  • Schuldhulpverlening mag alleen nog uitgevoerd zonder winstoogmerk.
  • Gemeenten krijgen regie over bewindvoering.
  • Financieringsstelsel gaat op de schop, zodat mensen niet meer hun eigen bewindvoering hoeven te financieren vanuit bijzondere bijstand.
  • Verlaging maximale incassokosten en rente op krediet.
  • Buy Now Pay Later: verbod in fysieke winkels. Minimaal 1/3 aankoopprijs moet vooraf voldaan. Minimumleeftijd 21 jaar. Nieuwe aankopen onmogelijk als er nog een aanzienlijk bedrag openstaat. Als bedrijven niet hebben gecontroleerd of mensen de aankopen wel kunnen betalen en de minimumleeftijd hebben, vervalt de schuld.
  • Zorgplicht en verbod op reclame-uitingen van gokbedrijven strenger in wet vastgelegd, evenals speellimiet.
  • Deurwaarders melden verplicht bij gemeentelijke schuldhulp.
  • Deurwaarders komen in overheidsdienst. Eén deurwaarder per regio.
  • Wanneer iemand schuldhulp accepteert, vervalt beslag op loon, goederen of uitkering.
  • Iedereen die onder sociaal minimum dreigt te komen door schulden, krijgt automatisch recht op betalingsregeling.
  • Gemeenten krijgen meer bevoegdheden om deze betalingsregelingen af te dwingen bij schuldeisers.
  • Verhoging beslagvrije voet tot sociaal minimum.

VVD

  • In Koopkrachtwet wordt vastgelegd dat werkenden er ieder jaar in koopkracht méér op vooruit moeten gaan dan niet-werkenden.
  • VVD wil af van de doorgeslagen nivellering via toeslagen, aftrekposten en heffingskortingen door toe te gaan naar een simpeler belastingstelsel. Hierbij koopkracht van middeninkomens verhogen en werken laten lonen.
  • Gemiddeld krijgen mensen met een uitkering ruim € 200 per maand aan gemeentelijke regelingen. Bovendien verschillen deze regelingen enorm per gemeente waardoor het een postcodeloterij is of werken voldoende loont. We hervormen deze lokale nivelleringsmachine door meer landelijke voorwaarden te stellen en regelingen waar nodig in te perken of landelijk te organiseren, zodat we ook bureaucratie verminderen. Invoering uitkeringsplafond op de totale steun die één huishouden kan ontvangen. Het mag niet meer gebeuren dat iemand door een stapeling van uitkeringen en toeslagen meer te besteden heeft dan iemand die hard werkt om rond te komen.
  • Verlagen energiebelasting
  • De VVD wil dat vrouwen altijd zelfstandig met de gemeente kunnen spreken over werk, inkomen en schulden, zonder tussenkomst van man, familie of gemeenschap. Vaak wordt alleen de man van een statushoudergezin door de gemeente uitgenodigd om te solliciteren.
  • De kinderopvangtoeslag wordt afgeschaft en kinderopvang wordt bijna gratis voor werkende ouders.
  • Bijstandsgerechtigden die aan de slag gaan, mogen als dat nodig is tot zes maanden na het beginnen met een voltijdsbaan een bedrag claimen dat hun inkomen aanvult tot het niveau dat ze hadden.
  • Corporaties worden in staat gesteld en verplicht aanzienlijk meer sociale huurwoningen te bouwen.
  • Jaarlijkse inkomenstoets voor sociale huurwoningen, om te bepalen of de huurprijs nog passend is.
  • In de sociale huursector wordt de woontoeslag rechtstreeks aan woningcorporaties uitbetaald en verwerkt in een lagere huurprijs.

D66

  • Tijdelijke crisisregel: Iedereen mag één kamer verhuren zonder dat dat negatieve financiële gevolgen heeft voor een uitkering, de belasting, de huur of een hypotheek.
  • Bij nieuwbouw in elke gemeente minstens 30% sociale huur.
  • Verhogen minimumloon en minimumjeugdloon. Bijstand stijgt in verhouding mee. Vanaf 18 als volwassene betaald.
  • Op lange termijn toeslagen vervangen door basisbedrag voor iedereen. De eerste belangrijke stappen zijn het invoeren van dat basisbedrag, het afschaffen van de zorgtoeslag en het samenvoegen van kindgebonden budget en kinderbijslag.
  • Ondersteuning vanuit gemeenten is ontzettend belangrijk om in te spelen op specifieke situaties, maar niet om aan te vullen waar het Rijk tekortschiet. Gemeenten kunnen hun budget weer gebruiken waarvoor het bedoeld is.
  • Schuldenstelsel simpeler: één volledig overzicht, één overheidsincasso en één duidelijk traject voor schulden. Onderzoeken hoe de overheid als schuldeiser kan meewerken aan oplossingen.
  • Online bestellen op afbetaling (Buy Now, Pay Later-diensten) veroorzaakt veel
    schuldenproblematiek. Aanbieders worden verantwoordelijker gehouden om schulden tegen te gaan, vooral bij jongeren.
  • Aanpassing WW: wie werkloos wordt, krijgt direct aan het begin een hogere uitkering, zodat de terugval in inkomen kleiner is. De duur van de uitkering wordt korter, omdat mensen tegenwoordig vaak sneller dan vroeger een nieuw werk vinden.
  • Pensioenopbouw wordt daarom verplicht, met oog voor wat haalbaar is voor beginnende ondernemers.
  • Jaarlijkse tandartscontrole in basispakket.
  • Eigen risico blijft €385. Je betaalt niet meer dan €150 per behandeling. Voor chronisch zieken en mensen met een beperking gaat het eigen risico met meer dan de helft omlaag.
  • Verhoging basisbeurs. Aanvullende beurzen Mbo, hogeschool en universiteit worden gelijkgetrokken. Rente op studieschuld vastgezet op max. 2,5%. ‘Pechgeneratie’ betaalt geen rente.
  • Ondersteuning mensen met lage inkomens bij verduurzaming woning. Denk aan subsidies, persoonlijk advies en energiecoaches.
  • Noodfonds Energie structureel en budget groter.

CDA

  • Afschaffing kostendelersnorm in Participatiewet.
  • Minder inkomensafhankelijke regelingen, waar minder mensen gebruik van hoeven maken en met minder hoge toeslagen, zodat marginale druk omlaaggaat.
  • Harmoniseren begrippen die verschillen per regeling: bijvoorbeeld één inkomensbegrip in verschillende regelingen of dezelfde vermogensgrenzen: in de fiscaliteit, toelagen, sociale zekerheid, Wlz, Wmo, etc.
  • Aantrekkelijker voor werkgevers om te helpen bij terugbetaling studieschulden.
  • In overleg met gemeenten komen tot vereenvoudiging en een basisniveau van gemeentelijke regelingen, met mogelijkheden voor maatwerk. Stimuleren van samenwerking met particulier initiatief.
  • Vereenvoudigen en verruimen financiële kindregelingen. Ondersteunen financieel kwetsbare gezinnen door bijna gratis kinderopvang.
  • Lokaal georganiseerd loket voor laagdrempelige informatie, advies en hulp bij financiële zaken.
  • Eén overzicht van schulden en betalingscapaciteit, zodat schulden verantwoord kunnen worden geïnd en huishoudens niet onder het sociaal minimum belanden.
  • Een Nationale Betaaldag voor alle inkomensregelingen.
  • Europees verbod op lootboxes en buy now pay later en strengere regels voor finfluencers.

PVV

  • Sociale huren met 10% verlagen.
  • Inkomensgrenzen voor betaalbare huurwoningen verhogen.
  • Woningbouwcorporaties krijgen de taak om niet alleen sociale huurwoningen, maar ook middenhuur woningen te bouwen.
  • Statushouders krijgen nooit meer voorrang bij een huurwoning – ook niet met urgentie.
  • Eigen risico geheel afschaffen
  • Tandarts in het basispakket.
  • Btw op energie omlaag van 21 naar 9%. Btw op boodschappen geheel schrappen. Geen accijnsverhoging op brandstof.
  • Financiële steun aan ouderen met een laag inkomen voor dierenartskosten.

JA21

  • Werken weer laten lonen. Een vangnet dat mensen activeert om weer te gaan werken. Ondersteuning moet altijd gericht zijn op het herstel van zelfstandigheid. Geen betutteling, maar vertrouwen in mensen om zelf de juiste keuzes te maken. Gerichte hulp voor wie het echt nodig heeft, zonder bureaucratische rompslomp.
  • Sterk vereenvoudigd stelsel van toelagen, dat niet primair inkomensafhankelijk is en waarmee de marginale druk fors omlaag gaat.
  • Kortere loondoorbetaling bij ziekte, snellere re-integratie, en hervorming van het systeem dat nu werkgevers afschrikt om vaste contracten te geven. Ontslagrecht versoepelen.
  • Erf- en schenkbelasting afschaffen.
  • De recent voorgenomen verlaging van het eigen risico ongedaan maken.
  • Salarissen in de lagere schalen mee laten stijgen met inflatie.

SP

  • Werken moet lonen, belasting moet omlaag.
  • Maximumprijzen voor basisproducten.
  • Géén kind en volwassene meer in armoede. Deze rechten worden juridisch afdwingbaar en de overheid krijgt de taak om deze rechten te garanderen.
  • Afschaffen eigen risico en zorgpremie inkomensafhankelijk.
  • Gratis openbaar vervoer voor iedereen.
  • Verhoging minimumloon, bijstand en AOW. Door alle inkomens te verhogen en publieke taken weer publiek te organiseren, maken we het toeslagenstelsel overbodig.
  • Iedereen krijgt recht op een baan en begeleiding. We zorgen voor een sociaal ontwikkelbedrijf met een volwaardig loon en goede cao.
  • Sterker herverdelen. Verhogen belasting voor inkomen uit kapitaal naar niveau inkomstenbelasting.
  • Eén miljoen extra betaalbare huurwoningen, met een maximale huur van € 800 euro.
  • Bevriezen huren.
  • Gemeenten krijgen voldoende geld om zorg te bieden aan ouderen, mensen met een beperking en mantelzorgers. Afschaffen eigen bijdrage. Er komt een gemeentelijk basispakket voor huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding en respijtzorg.
  • Invoering 4-daagse werkweek.
  • Kinderopvang gratis.
  • Afschaffing minimumjeugdloon vanaf 18 jaar.
  • Kwijtschelding € 3 miljard aan problematische schulden. Landelijk aanvalsplan om schulden te voorkomen en te bestrijden. Verbod verdienmodellen achter commerciële schuldenindustrie.
  • Afschaffen vrijwillige ouderbijdrage. Scholen krijgen hiervoor een bedrag van de overheid.
  • Verhogen studiebeurs. Ruimhartige compensatie voor de schuldengeneratie. Rente naar 0%.
  • Inkomensafhankelijke boetes.
  • Totaalverbod op gokreclames.
  • Erfenissen kleiner dan € 100.000 belastingvrij. Voor erfenissen € 100.000 – € 500.000 wordt tarief gelijkgesteld met de inkomstenbelasting (37,5%).

Aanvullingen d.d. 23 oktober 2025

Kijk het Armoededebat terug:

Luister de verkiezingsreeks van de podcast Schuldenstress:

Bekijk de bijdrage van FvD in de comments.

€ 50 miljoen voor Energiefonds heel misschien via gemeentefonds

Staatssecretaris Nobel reageerde vorige week op een motie die oproept om deze winter opnieuw directe inkomenssteun te organiseren voor huishoudens die hun energierekening niet kunnen betalen en om vaart te maken met de inrichting van een publiek energiefonds als opvolger van het Tijdelijk Noodfonds Energie (TNE).

Nobel schetst verschillende scenario’s waarvan één scenario eigenlijk geen optie is: op korte termijn een publiek Energiefonds zonder private inleg. Dat leidt volgens Nobel tot forse financiële, juridische en maatschappelijke risico’s.

Scenario 1: Opnieuw een publiek-privaat fonds deze winter

Het eerste realistische scenario is dat er toch weer een publiek-privaat fonds komt. Bij het TNE werd meer dan één derde van de middelen door de energiesector ingelegd. Als de energiesector hiertoe opnieuw bereid is en de stichting TNE dit wil uitvoeren, kan voor komende winter opnieuw een TNE ingericht worden.

Scenario 2: € 50 miljoen via gemeenten naar financieel kwetsbare huishoudens

Een tweede scenario om deze winter alsnog de huishoudens in de financieel meest kwetsbare situatie te helpen is om eenmalig de € 50 miljoen deze winter te verstrekken aan gemeenten via het Gemeentefonds. Hiermee kunnen gemeenten ervoor kiezen om deze middelen in te zetten voor de huishoudens die financieel het meest kwetsbaar zijn. Individuele gemeenten zijn echter vrij om te kiezen hoe zij deze aanvullende Gemeentefonds-middelen besteden. De besteding kan dus per gemeente verschillen en daarmee betreft dit een ongerichte maatregel. Het Rijk kan wel aan gemeenten de suggestie doen om de middelen te besteden aan bijvoorbeeld de individuele bijzondere bijstand, vroegsignalering of bijvoorbeeld energie(besparings)hulp. Met het bovenstaande wil Nobel dan ook benadrukken dat dit scenario een wezenlijk ander effect heeft dan met het TNE de afgelopen jaren is bereikt. Dit scenario moet nog wel nader met de VNG besproken worden.

Vervolg

Het kabinet ziet het eerste scenario nu als de eerst te nemen stap, maar benadrukt ook dat als er wordt ingezet op één van de twee bovenstaande scenario’s, de € 50 miljoen niet meer kan worden ingezet als cofinanciering van het met Europese middelen op te zetten Sociaal Klimaatfonds, en dat er een groot risico op vertraging ontstaat in de geplande openingsdatum van het publieke energiefonds (winter 2026/2027), ook omdat dit veel ambtelijke inzet vraagt.

5% terugvorderingen uitkeringen leidt tot problematische schulden

Onderzoek van Ipsos I&O laat zien dat 60% van terugvorderingen van uitkeringen leidt tot negatieve effecten.

In een reactie noemt het kabinet de conclusie dat 25% van de betrokkenen ernstige negatieve effecten ondervindt van een terugvordering verontrustend. En bijzonder zorgwekkend is ook de bevinding dat een terugvordering voor 5% van de mensen tot problematische schulden leidt. Dit zou volgens het kabinet niet moeten mogen en het huidige vorderingenbeleid biedt ook waarborgen om dit te voorkomen. Terugvordering is een verplichting, maar er is recent meer ruimte ontstaan om in bepaalde situaties geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien.

Het kabinet wijst op verschillende maatregelen in het Nationaal Programma Armoede en Schulden en de herziening van het stelsel van civiele invordering om de negatieve effecten te voorkomen.

Lees de samenvatting van het rapport.

Lijst met inwoners die aanvraag deden bij Energiefonds

Bij de aanvraag voor een tegemoetkoming uit het Tijdelijke Noodfonds Energie konden inwoners vrijwillig toestemming geven om hun gegevens te delen met hun eigen gemeente.

Als je de samenwerkingsovereenkomst ondertekent die de VNG dit najaar rondstuurt, dan ontvang je de lijst met inwoners die toestemming gaven. Je kunt die inwoner dan heel gericht attenderen op mogelijkheden om de energierekening omlaag te brengen. Stuur bijvoorbeeld een energiecoach, Energieheld of Fixbrigadier eropaf!

In een pilot wordt onderzocht of en hoe dit een structurele aanpak kan worden bij de opvolger van het Energiefonds.

Lees meer op vng.nl

Rijk doneert refurbished laptops aan mensen met een laag inkomen

Tienduizenden laptops van ministeries krijgen een tweede leven. De apparaten worden aangekocht door het ministerie van BZK, opgeknapt en daarna gedoneerd aan mensen die het zelf niet kunnen betalen. De uitvoering van het project ligt bij stichting Allemaal Digitaal. De laptops worden verspreid via maatschappelijke organisaties als bibliotheken en welzijnsorganisaties. Het project duurt in ieder geval tot 2030.

Lees het nieuwsbericht op rijksoverheid.nl.

Kinderombudsman: zet 14 omgevingsvoorwaarden centraal in aanpak kinderarmoede

Initiatieven als schoolontbijten, laptops en sportabonnementen helpen niet goed genoeg, concludeert Kinderombudsman Margrite Kalverboer. Uit hun onderzoek blijkt dat kinderen die in armoede leven hun leven een lager cijfer geven dan leeftijdsgenoten met genoeg geld thuis. Voor het onderzoek hebben bijna 10.000 kinderen 8 jaar lang vragenlijsten ingevuld. In Nederland leeft 1op 28 kinderen in armoede (3,6%). Bekijk de cijfers van jouw gemeente.

Aanbevelingen voor gemeenten

De Kinderombudsman stelt dat de verschillen tussen gemeenten in strijd zijn met het recht op gelijke behandeling (artikel 2 van het Kinderrechtenverdrag). Gemeenten zouden ‘integraal armoedebeleid’ moeten voeren. De focus ligt nu te eenzijdig op het verstrekken van fietsen, laptops en sportabonnementen en dergelijke. De Kinderombudsman heeft de volgende aanbevelingen voor gemeenten:

  • Maak voor de invulling van integraal armoedebeleid gebruik van de 14 omgevingsvoorwaarden (p.23 van het rapport): Aandacht van ouders, Structuur, Voorbeeld ouders, Interesse van ouder, Opvoeding, Veiligheid thuis, Verzorging, School en vrije tijd, Vrienden, Andere volwassenen, Voorbeeld andere volwassenen, Respect, Veiligheid buurt en Zekerheid en toekomstperspectief.
  • Kijk wat nodig is binnen je organisatie voor een integrale aanpak van armoede onder kinderen. Wie moeten de verschillende onderdelen van de levens van deze kinderen onderzoeken en meenemen in besluiten? Gaat het om verschillende afdelingen of organisaties? Hoe hebben die contact met elkaar en met gezinnen? Hoe wordt bepaald wat een gezin nodig heeft? En hoe wordt daarna gekeken of dat klopt?
  • Zet getrainde professionals in die met kinderen praten over de kwaliteit van hun leven. En gebruik daarbij de 14 omgevings­voorwaarden. Het is belangrijk dat kinderen hun antwoorden delen met de juiste professionals. Dat moeten mensen zijn met kennis over de ontwikkeling van kinderen.
  • Vraag ouders hoe zij de 14 omgevingsvoorwaarden ervaren. En laat hen aangeven op welke onderdelen zij hulp of ondersteuning nodig hebben.

Voor het eerst in jaren meer toekenningen Wsnp

Op bureauwsnp.nl zie je dat de instroom in de Wsnp vorig jaar steeg:

In de volgende grafiek zie je dat dat voor het eerst is sinds 2011:

(Klik om te vergroten. Toelichting in dossier Cijfers)

Op bureauwsnp.nl zie je ook de cijfers van jouw Rechtbank:

De stijging heeft zeer waarschijnlijk te maken met de versoepeling van de Wsnp per 1 juli 2023.

  • Aanvulling 26/9/2025: in de figuur in het dossier cijfers is te zien dat het aantal lopende schuldenbewinden in 2024 opnieuw daalde, terwijl het aantal lopende toestandsbewinden opnieuw licht steeg.

Geen nieuwtjes in Miljoenennota 2026

ANP

Normaal gesproken heb ik een dagtaak aan het analyseren van de Miljoenennota, maar deze keer ben ik snel klaar. De Miljoenennota is namelijk behoorlijk beleidsarm, wat niet gek is gezien de aanstaande verkiezingen. Alles met betrekking tot armoede- en schuldenbeleid lazen we al in het Nationaal Programma Armoede en Schulden (juni 2025).

Het kabinet noemt in de Miljoenennota en Begroting SZW de volgende highlights:

  • Het aantal mensen en kinderen in armoede neemt door het kabinetsbeleid naar verwachting af, zo blijkt uit de prognose van het CPB. Het aandeel mensen in armoede daalt van 2,9% naar 2,6% van de bevolking en het aandeel kinderen daalt met dezelfde percentages. Deze (kinder)armoedecijfers komen niet uit boven het referentiejaar 2024, waarmee de kabinetsdoelstelling wordt gehaald.
  • Het armoedebeleid in Nederland kan effectiever en eerlijker. Rapporten van onder meer de Commissie sociaal minimum, Nibud, FNV en IPE laten zien dat er soms grote verschillen zijn tussen gemeenten. Het doel is een eenvoudiger en effectiever armoedebeleid met minder (ervaren) rechtsongelijkheid. Daarbij blijft het uitgangspunt dat werken moet lonen.
  • Het kabinet reserveert € 60 miljoen om een meerjarig publiek energiefonds op te zetten. Dit is bedoeld voor het ondersteunen van huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten. Ook komt hiervoor nog € 174,5 miljoen beschikbaar vanuit het Europees Sociaal Klimaatfonds.
  • Als er schulden ontstaan, willen we op drie punten verbetering: een kleine vordering moet klein blijven, mensen met schulden moeten overzicht houden en er moet sneller en goede schuldhulpverlening beschikbaar zijn. We hebben bestuurlijke afspraken gemaakt om een minimaal niveau van dienstverlening in elke gemeente te garanderen. Daarnaast werken we aan betere borging van het bestaansminimum bij beslag. En aan het verbeteren van het stelsel van publieke en private invordering door schulden in een vroeg stadium op te lossen.
  • Er is € 15,3 miljoen aan subsidies beschikbaar voor het armoedebeleid specifiek voor kinderen en € 10,0 miljoen in het kader van Geldzorgen, Armoede en Schulden.

Septembercirculaire

In de bijlage Taakmutatie 2025, september 2025 bij de septembercirculaire zie je op tabblad ‘IBO problematische schulden’ welk deel jouw gemeente in 2025 krijgt van de € 18.670.000 voor vroegsignalering (voeg eerst op het 2e tabblad je gemeentecode in). De bedragen 2026 e.v. staan nog niet in de taakmutaties. SZW wil eerst nog bestuurlijke afspraken maken over de inzet van deze middelen.

Reacties

Leidraad Vroegsignalering volledig vernieuwd

Tien jaar na de eerste Leidraad Vroegsignalering werd vandaag, tijdens de jaarlijkse landelijk bijeenkomst vroegsignalering, de volledig vernieuwde Leidraad Vroegsignalering door VNG en Divosa aangeboden aan het ministerie van SZW.

Sinds vroegsignalering in 2021 een wettelijke verplichting werd, is het aantal signalen fors gegroeid en de verwerking daarvan geprofessionaliseerd. Het aantal signalen steeg naar ruim 1 miljoen in 2024. Gemeenten bereikten 157.000 inwoners.

Ten opzichte van de vorige versie is in de Leidraad o.a. het volgende verwerkt:

Monitor

Vandaag werd ook de nieuwste editie van de Divosa Monitor Vroegsignalering schulden gepresenteerd. Daarin is de vroegsignaleringsaanpak van 158 gemeenten in kaart gebracht. Een paar interessante cijfers:

  • Dit jaar 10% meer signalen dan vorig jaar.
  • 70% gemeenten hanteert drempelbedrag van gemiddeld € 50.
  • Telefonisch contact bereikt de meeste inwoners.
  • Huisbezoeken zijn het meest effectief voor hulpacceptatie.
  • Gemeenten zetten gemiddeld 0,28 fte per 10.000 inwoners in.
  • Het doorsneebudget voor vroegsignalering is € 1,95 per inwoner.

Meer info over vroegsignalering vind je in het dossier vroegsignalering op dit blog.

Wetsvoorstel wet proactieve dienstverlening naar Tweede Kamer

Minister Keijzer diende gisteren het wetsvoorstel wet proactieve dienstverlening in bij de Tweede Kamer. De strekking is op hoofdlijnen dezelfde als die van het ontwerpbesluit waarvan ik in april een samenvatting maakte.

De belangrijkste aanvullingen:

  • De minister wil de uitvoering landelijk coördineren. ‘Hierdoor kan de uitvoering relatief snel en ontstaan er niet te grote verschillen tussen gemeenten.’
  • SZW zal faciliteren dat gemeenten, UWV en SVB met het Inlichtingenbureau afspraken maken om hen praktisch te ondersteunen.
  • In een AMvB worden regels gesteld over de vormgeving van de samenwerking tussen gemeenten, UWV en SVB, waaronder technische en organisatorische waarborgen en bewaartermijnen. Het concept-AMvB lag tot 14 mei 2025 ter consultatie.
  • Ook de toepassing van proactieve dienstverlening voor schuldhulpverlening, de kwijtschelding gemeentelijke belasting en gemeentelijke armoederegelingen wordt nader uitgewerkt in het AMvB.
  • In art. 73b lid 3 staat dat gegevens niet mogen worden gebruikt voor handhaving.
  • Art. 73b lid 1 lid geeft bevoegdheid om in het kader van onderzoek ook gegevens te gebruiken die in die administraties zijn opgenomen in het kader van wettelijke taken die buiten het SUWI-domein vallen, zoals voor gemeenten taken die zij uitoefenen op grond van de Gemeentewet (denk aan stadspassen), Wmo en Jeugdwet. Let op: als je iets doet op grond van de Gemeentewet is vereist dat je het hebt vastgelegd in een verordening (dat is althans de strekking van de consultatieversie van de AMvB, zie toelichting bij art. 5.4 op p.22).
  • Het voorstel geeft geen grondslag voor ambtshalve toekenning. In paragraaf 3.4.3 van de MvT wordt de relatie tussen proactieve dienstverlening en ambtshalve toekenning verduidelijkt.
  • Bij AMvB worden regels gesteld over de inrichting van een fysiek en digitaal loket door UWV, SVB en gemeenten, dat dient om mensen te ondersteunen met informatie en advies. Als voorbeelden worden genoemd Berekenuwrecht, Voorzieningenwijzer en Geldfit.
  • In paragraaf 7.4 van de MvT lees je dat er 10 categorieën van persoonsgegevens verwerkt kunnen worden: NAW-gegevens; Contactgegevens; BSN; Inkomensgegevens; Gegevens over woningdelers; Financiële gegevens anders dan inkomensgegevens; Werkgerelateerde gegevens; Aanwezigheid van een arbeidsbeperking; Gegevens over re-integratie; Gegevens over de schuldeiser en werkgever van betrokkene. Welke gegevens nodig zijn, hangt af van de regeling(en) waarvoor proactieve dienstverlening wordt toegepast. De enige categorie bijzondere gegevens die kan worden verwerkt, betreft gezondheidsgegevens.
  • Er komen handreikingen, communicatie en pilots gericht op professionals en het publiek.
  • De beoogde datum voor inwerkingtreding is 1 juli 2026.

Introductie gemeentelijk armoede- en schuldenbeleid

Ben je nieuw bij de gemeente? Houd je je bezig met armoedebeleid en wil je meer weten over schuldhulpverlening, of andersom? Of misschien werk je niet bij de gemeente, maar heb je er wel vaak mee te maken. De eendaagse introductiecursus gemeentelijk armoede- en schuldenbeleid is interessant voor iedereen die wil weten hoe gemeenten beleid maken.

Stuur deze uitnodiging door naar je nieuwe collega!

Je krijgt antwoord op vragen als:

  • Welke beleidsvrijheid hebben gemeenten?
  • Welke wet- en regelgeving is relevant?
  • Hoe werkt schuldhulpverlening?
  • Welke gemeentelijke minimaregelingen zijn er?
  • Wat kun je doen aan preventie?
  • Wat is de aard en omvang van de problematiek in mijn gemeente?
  • Wat zijn relevante trends en ontwikkelingen?
  • Welke bevoegdheden hebben college en gemeenteraad?
  • Hoe werkt de gemeentebegroting?

De cursus wordt twee keer gegeven, op 6 en 15 oktober. Lees meer.

Faillissement Groupcard treft derde van alle gemeenten

Het faillissement van Groupcard raakt ongeveer een derde van de gemeenten. Groupcard regelde tegoedpassen zoals stadspassen voor gemeenten. Nu de kaarten niet meer geldig zijn, zijn gemeenten de kosten voor de aanschaf van de kaarten kwijt. Dit heeft grote gevolgen voor zowel de gemeenten als de inwoners die gebruik maakten van deze passen. De VNG schat dat de schade in de miljoenen loopt.

Doorstart en onderzoek

De curator heeft laten weten dat er voor delen van Groupcard al een koper is gevonden. De stadspasactiviteiten zouden naar IT-bedrijf Centric gaan, maar het is nog onduidelijk wat dit betekent voor de tienduizenden mensen met een pas van Groupcard. Centric bekijkt nog of deze doorstart daadwerkelijk gerealiseerd kan worden en is hierover in gesprek met de curator en betrokken gemeenten.

VNG faciliteert gedupeerde gemeenten

Diverse gemeenten willen kennis en ervaringen uitwisselen en samen bekijken of dit publiek geld kan worden verhaald. Om gemeenten hierin te faciliteren heeft de VNG een apart forum Groupcard ingericht onder forum-groep Klimaat. En op donderdag 11 september organiseert de VNG een webinar.

Bronnen: VNG, Divosa, NOS.

Updates

Kabinet presenteert Hervormingsagenda inkomensondersteuning

Afgelopen vrijdag informeerden minister Van Hijum en staatssecretaris Nobel van SZW de Tweede kamer over de hervormingsagenda inkomensondersteuning. Lees de brief en 6 bijlagen. Deze agenda vervangt het programma met de citroen frisse naam Vereenvoudiging Inkomensvoorzieningen voor Mensen (VIM).

“Te vaak zijn regelingen binnen het huidige stelsel van inkomensondersteuning onvoorspelbaar, ontoegankelijk of onrechtvaardig. Dat komt doordat de wetgeving door de jaren heen steeds complexer is geworden. Het zorgt voor onzekerheid in mensen hun bestaanszekerheid en voor problemen bij uitvoerders als UWV, SVB en gemeenten.” Duidelijk is dat de komende jaren ‘werk’ centraal moet staan en ‘meer moet lonen’ en dat de bijstand binnen de agenda als sluitend vangnet ‘een activerend karakter’ moet hebben en dat de hoogte van de bijstand ‘het noodzakelijke niet te boven gaat’.

Politieke besluitvorming

De haalbaarheid en uitvoerbaarheid van de hervormingsagenda zullen per stap worden getoetst, en de voorstellen moeten vervolgens gewogen worden in het (volgende) kabinet en de Kamer, inclusief de budgettaire randvoorwaarden. Jaarlijks zal de stand worden opgemaakt binnen welke trajecten vereenvoudigingsopties gereed zijn voor de voorjaarsbesluitvorming.

7 sporen

De agenda volgt 7 sporen:

Spoor 1 is voor (gemeentelijk) armoedebeleid het meest relevant:

In spoor 1 herhaalt SZW wat ze eerder al schreven in o.a het Nationaal Programma Armoede en Schulden over gemeentelijk armoedebeleid:

  • Kabinet wil aantal gemeentelijke regelingen verminderen en komt met model-beleidskader om uniformiteit en effectiviteit te verbeteren. Tegelijk moet er ruimte blijven voor maatwerk.
  • In de hervormingsagenda wordt niet gerept over centralisering van gemeentelijke regelingen (maar we weten dat Nobel gecharmeerd is van de voorstellen van IPE om bijvoorbeeld de kinderopvang-, laptop- en meerkostenregelingen en de studietoeslag, collectieve zorgverzekering en individuele inkomenstoeslag te centraliseren. De studietoeslag wordt overigens waarschijnlijk sowieso al gecentraliseerd in vervolg op een aangenomen motie).
  • Gemeenten, UWV en SVB gaan samenwerken aan loketten met (vooringevulde) aanvragen en gegevensdeling. Er komen experimenten met gegevensdeling voor betere (proactieve) dienstverlening in gemeenten die koploper willen zijn.
  • Op middellange termijn verkent SZW waar automatische toekenning mogelijk en wenselijk is, te beginnen met gemeentelijke minimaregelingen, de Toeslagenwet en de kwijtschelding van gemeentebelastingen. (Ambtshalve toekenning IIT mag vanaf 1-1-2026).
  • Specifiek voor de kwijtschelding van gemeentebelastingen voor mensen met een Wajong- of WIA-uitkering is aan lokale overheden gevraagd de eerder gecommuniceerde, tijdelijke oplossing te continueren.

Toereikendheid sociaal minimum

Het kabinet heeft de analyse van de Commissie sociaal minimum uit 2023 geactualiseerd op basis van de nieuwe armoededefinitie van het CBS, Nibud en SCP en de onderliggende minimum voorbeeldbegrotingen. Daaruit blijkt dat huishoudens in principe voldoende inkomen hebben voor minimaal noodzakelijke uitgaven, als zij de uren werken waar zij toe in staat zijn, alle landelijke regelingen aanvragen waar zij recht op hebben, goed met geld kunnen omgaan en geen onvermijdbare hoge uitgaven hebben. Een aantal huishoudtypen heeft ook enige ruimte om tegenvallers op te vangen, al is deze ruimte beperkt. De financiële situatie van veel huishoudens rond het sociaal minimum is verbeterd ten opzichte van 2023, mede door de verhogingen van het kindgebonden budget en de huurtoeslag in de afgelopen jaren. Hoewel het sociaal minimum op papier dus toereikend lijkt, toont de analyse aan dat in de praktijk veel mensen niet rondkomen door complexiteit, niet-gebruik, afhankelijkheid van toeslagen en onvoorziene uitgaven.

Gefaseerde invoering Participatiewet in balans

Het wetsvoorstel Participatiewet in balans is dit voorjaar aangenomen in de Tweede Kamer. Naar verwachting behandelt de Eerste Kamer het wetsvoorstel kort na de zomer. Bekijk alle stukken en de voortgang op eerstekamer.nl.

VNG, Divosa en SZW maakten een planning voor de implementatie van de ruim 20 wijzigingen. In onderstaand schema zie je dat je een aantal zaken direct al per 1 januari 2026 geregeld moet hebben (ervan uitgaande dat de Eerste Kamer dit najaar de wet aanneemt). Andere zaken kun je later regelen. Klik om te vergroten.

Hieronder de zaken meest relevant voor armoede- en schuldenbeleid:

Direct per 1-1-2026:

  • Giften tot € 1.200 vrijlaten. Je moet bedenken hoe je gaat communiceren en beoordelen. En je moet beleidsregels opstellen of wijzigen. Hogere vrijlatingsgrenzen zijn niet mogelijk, maar je kunt wel invulling geven aan het begrip ‘redelijkheid’ bij giften boven de € 1.200. Het bedrag wordt overigens geïndexeerd verhoogd.
  • Bevoorschotting moet maximaal 95% van de bijstandsnorm zijn, waardoor het bedrag onder de beslagvrije voet blijft. Dit voorkomt dat iemand door een disproportioneel hoog voorschot later met terugvorderingen komt te zitten waarvoor (te) weinig inkomen beschikbaar is.

Na 1-1-2026:

Na 1 januari mag je al het volgende doen, als je daar klaar voor bent. Vanaf 2027 moet je het doen.

  • Het bufferbudget toekennen. Dit is een nieuw maatwerkinstrument om de financiële problemen – die ontstaan door het verreken van inkomsten – op te vangen. Het bufferbudget bedraagt max. € 1.000 per jaar. Het bufferbudget wordt toegekend in een individueel geval als andere instrumenten zijn uitgeput of niet kunnen worden toegepast.
  • Bijverdiengrenzen verruimen. Bijstandsgerechtigden mogen gedurende max. 60 maanden max. € 2.597 per jaar bijverdienen zonder dat dit gekort wordt op de uitkering.
  • De individuele inkomenstoeslag ambtshalve toekennen aan personen die daarvoor naar het oordeel van de gemeente in aanmerking komen. Dit is een kan-bepaling (en niet een moet-bepaling zoals ik eerder schreef).

Lees meer in Gemeentenieuws van SZW 2025-4.

Ook goed om te weten: Minister Van Hijum stuurde eerder deze week het wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid naar de Tweede kamer. Lees meer.

Dashboard gemeentelijke armoederegelingen

In het rapport Eerlijker en eenvoudiger armoedebeleid bracht IPE de verschillen in inkomensondersteuning voor ruim 20 gemeenten in kaart.

Deze data zijn nu toegankelijk in een interactief dashboard. IPE wil dit overzicht uitbreiden met actuele gegevens van zoveel mogelijk gemeenten.

Lees meer.

Tien moties aangenomen

Op 25 juni heeft de Tweede Kamer de volgende moties aangenomen:

  1. Motie Lahlah (GroenLinks-PvdA) c.s. over indien een kosteloze betalingsherinnering niet doorgaat de middelen daarvoor wel inzetten voor mensen in financiële kwetsbaarheid.
  2. Motie Lahlah (GroenLinks-PvdA) c.s. over verkennen wat nodig is om problematische schulden mee te nemen in de armoededefinitie.
  3. Motie Lahlah (GroenLinks-PvdA) over “buy now, pay later”-diensten verbieden voor gokwebsites.
  4. Motie Ceder (ChristenUnie) over naast de aanpak civiele invordering ook werken aan uitwerking van andere bouwstenen uit het ibo Problematische schulden.
  5. Motie Ceder (ChristenUnie) en Welzijn (NSC) over uitspreken dat er een einde moet komen aan de preferente positie van publieke schuldeisers.
  6. Motie Ceder (ChristenUnie) over jongeren toegang bieden tot de Wsnp door het volgen van een voltijdstudie te kwalificeren als maximale inspanning.
  7. Motie Dassen (Volt) en Bikkers (VVD) over de uitvoering van de studietoeslag overhevelen naar DUO (m.a.w. bij gemeenten weghalen).
  8. Motie Welzijn (NSC) over de mogelijkheden onderzoeken om bedrijven te verbieden jongeren onder de 21 jaar te laten betalen via “buy now, pay later”-constructies.
  9. Motie Welzijn (NSC) over het reguleren en eventueel verbieden van reclames voor “buy now, pay later”-diensten.
  10. Motie Bikkers (VVD) en Ceder (ChristenUnie) over BNPL-aanbieders aansporen om zich aan te sluiten bij het Afsprakenkader Sociaal Incasseren.

De volgende motie is aangehouden:

Wetsevaluatie: vroegsignalering is doeltreffend!

Sinds 2021 is vroegsignalering wettelijk verankerd in de Wgs. De wetsevaluatie die staatsecretaris Nobel liet uitvoeren bevestigt dat vroegsignalering een doeltreffend en doelmatig instrument is om problematische schulden te voorkomen.

In dit artikel de belangrijkste punten uit de wetsevaluatie, de gelijktijdig uitgevoerde onderzoeken Van eerste vordering tot aanvraag schuldregeling en Evaluatie experiment gemeentebelastingen en natuurlijk de kabinetsreactie.

Tussen 2021 en 2024 is het aantal meldingen gestegen van 650.000 naar ruim een miljoen, het aantal inwoners dat bereikt werd van 47.000 naar 157.000, en hulpacceptatie van 15.000 naar 49.000.

Doeltreffend. De onderzoekers concluderen dat vroegsignalering meer mensen in contact brengt met passende hulp, toegang tot hulpverlening verlaagt, problematische situaties zoals huisuitzetting voorkomt en schuldhulp effectiever maakt. De onderzoekers vinden wel dat gemeenten minder streng moeten selecteren op meldingen. Ook adviseren ze om de verschillen tussen gemeenten te verkleinen via kwaliteitskaders.

Doelmatig. Vroegsignalering helpt maatschappelijke kosten van schulden (geschat op €8,5 miljard per jaar) te verminderen. De kosten voor gemeenten zijn €50 miljoen per jaar en voor schuldeisers €3,1 miljoen. Hoewel effecten nog moeilijk cijfermatig onderbouwd zijn, zijn de baten naar verwachting hoger dan de kosten. Positieve neveneffecten: versterkt vertrouwen in overheid, bevordert zelfinzicht en rust bij inwoners en stimuleert eigen initiatief buiten schuldhulpverlening. Negatieve effecten (beperkt): onterechte meldingen, privacyzorgen en soms ineffectieve hulp.

Schuldopbouw

De belangrijkste bevindingen uit onderzoek Van eerste vordering tot aanvraag schuldregeling:

  • Gemiddeld duurt het bijna 8 jaar tussen eerste vordering en aanvraag schuldregeling.
  • In 14% van de gevallen duurde dit langer dan 15 jaar.
  • De oudste vordering was vaak een vaste last (energiekosten, zorgverzekering).
  • Gemiddelde oudste vordering: €7.000; mediaan: €2.156.
  • Schuldopbouw verloopt vaak geleidelijk, maar ook via plotselinge clustering.

Kabinetsreactie

Het kabinet waardeert de positieve beoordeling en erkent tegelijkertijd dat verbetering nodig is. Doelstellingen tot 2028 zijn:

  • Verdubbeling van het bereik van vroegsignalering (naar 40%).
  • Halvering van ongewenste uitval van signalen.

Hiervoor is jaarlijks €20 miljoen beschikbaar, met €18,7 miljoen in 2025 voor gemeenten en €1 miljoen voor projecten zoals Data Delen Armoede en Schulden (DDAS). “Het is mijn intentie om gemeenten gedurende de looptijd van de verbetermaatregelen (tot eind 2028) extra te ondersteunen om meer in te kunnen zetten op persoonlijk contact en meerdere contactpogingen en om zo te werken aan de doelstellingen van de bestuurlijke afspraken. Ik hoop de bestuurlijke afspraken na de zomer met de partijen te ondertekenen.” Ik begreep dat daardoor ook het Verbeterplan Vroegsignalering weer later wordt opgeleverd dan eerder aangekondigd.

Er moet een centraal aanleverpunt voor vroegsignalen komen. Daarvoor kijkt Nobel naar het Schuldenknooppunt. De Belastingdienst gebruikt het al voor vroegsignalering.

Het kabinet gaat betalingsachterstand gemeentebelastingen niet wettelijk toevoegen als signaal. Het kabinet onderzoekt nog of hypotheeksignalen wel wettelijk kunnen worden toegevoegd. De eerste resultaten uit dat experiment zijn positiever dan bij gemeentebelastingen. Er lopen nog een paar andere experimenten; volg de voortgang in het dossier vroegsignalering.

Tot slot

Op 15 september organiseren Divosa, NVVK en VNG de landelijke bijeenkomst vroegsignalering.

NVVK sluit convenant met bankensector

Een hele mooie mijlpaal! ABN Amro, ABN Hypotheken, ING, Nationale Nederlanden, de Rabobank, de Volksbank en ABN-dochters ICS (creditcards) en Alfam ondertekenden gisteren het convenant waarin zij beloven hun incassoactiviteiten maximaal 8 maanden op te schorten na ontvangst van een ‘Kennisgeving schuldhulpverlening’ of een verzoek om een opgave van de schulden (‘verzoek saldo-opgave’).

De banken mogen in deze periode ook geen gebruikmaken van hun ‘verrekenrecht’: het recht om geld af te schrijven van betaal- of spaarrekeningen van klanten met betaalachterstanden. Na 4 maanden is er wel een checkmoment: de bank heeft dan het recht om te vragen hoe het dossier ervoor staat. Wanneer het antwoord daar aanleiding toe geeft, heeft de bank het recht de incasso te hervatten.

De banken spreken ook af om bij voorbaat akkoord te gaan met een voorstel van een NVVK-lid voor een schuldregeling – ongeacht of het een schuldbemiddeling betreft, een saneringskrediet of een schuldregeling zonder afloscapaciteit.

Niet voor alle schulden

Qua schulden bij deze banken moet je denken persoonlijke leningen, roodstaan, een creditcard of een restschuld op een hypotheek na verkoop van een woning.

Het convenant geldt overigens niet voor schulden of vorderingen waar een onderpand bij hoort (denk aan een hypotheek) of vorderingen met een zakelijke bestemming. Ook een 100%-betalingsvoorstel via herfinanciering of een betalingsregeling moet apart beoordeeld worden.

Meer convenanten

Het convenant is gebaseerd op een modelconvenant wat ook gebruikt wordt voor schuldeisers in andere sectoren. Deze (koepels van) schuldeisers gingen de banken al voor:

De NVVK organiseert op 11 september voor haar leden een informatiesessie.

Er komt een meerjarig publiek Energiefonds

In een Kamerbrief schrijft staatssecretaris Nobel dat het kabinet werkt aan een publiek energiefonds voor de komende jaren. Dit fonds gaat huishoudens in een financieel kwetsbare positie ondersteunen bij het betalen van de energierekening. Het gaat om meerjarige inkomenssteun, in combinatie met hulp bij de verduurzaming van woningen. Het energiefonds komt in de plaats van het Tijdelijk Noodfonds energie, waarmee de overheid samen met de energiesector de afgelopen drie jaar huishoudens heeft ondersteund.

Voor het opzetten van het overheidsfonds is een wetswijziging en zorgvuldige voorbereiding nodig. Het kan daarom op z’n vroegst eind volgend jaar open. De inzet is dat kwetsbare huishoudens dan alsnog financiële steun over 2026 kunnen ontvangen. Hiervoor is vanuit de overheid € 60 miljoen beschikbaar. Het kabinet vult dit aan met € 174,5 miljoen vanuit het Europese Social Climate Fund, onder voorbehoud van goedkeuring van het voorstel door de Europese Commissie. De precieze looptijd van het fonds wordt nog uitgewerkt.

  • Aanvulling 3 juli 2025: Vandaag is een amendement aangenomen waarmee voor 2025 extra geld wordt vrijgemaakt voor een Energiefonds. Aan het eind van de zomer horen we hoe het kabinet dit oppakt.

Handreiking voor hulpvragers met een migratieachtergrond

Het bereiken van inwoners met een migratieachtergrond is voor veel (schuld)hulpverleners een uitdaging. Vaak sluit de formele hulpverlening niet goed aan op de leefwereld van deze groep, zo blijkt uit onderzoek van het KIS. Slechts 5% van de gemeenten traint bijvoorbeeld medewerkers in vaardigheden op het gebied van cultuur- of diversiteitsensitief werken.

De nieuwe handreiking Bereiken, benaderen en begeleiden van inwoners met een migratieachtergrond in armoede, schulden of geldzorgen helpt je daarom om de hulp toegankelijker en effectiever te maken voor deze doelgroep.

Je vindt er ook factsheets met info over bijvoorbeeld informele schulden naar aanleiding van het rapport Informele schulden: een tweezijdige medaille (jan. 2024).

De NVVK ontwikkelt momenteel een werkwijzer interculturele hulpvragers. Deze biedt nóg meer praktische handvatten en is specifiek gericht op het oplossen van schulden.

Aanvulling d.d. 15 juli 2025: Verwey-Jonker publiceert Wat werkt bij de ondersteuning richting financiële zelfredzaamheid van statushouders en asielzoekers. In hoofdstuk 7 vind je een checklist.

Demissionair kabinet presenteert Nationaal Programma Armoede en Schulden

In deze brief (6 juni 2025) presenteren de ministeries van SZW en Rechtsbescherming het Nationaal Programma Armoede en Schulden (NPAS). Lees het nieuwsbericht van de rijksoverheid: Kabinet: eenvoudiger armoedebeleid, meer focus op werkenden.

Het NPAS is een clustering van veelal bestaande initiatieven. Ik lees weinig verrassende en echt nieuwe zaken, behalve o.a. de afdoening van de motie die het kabinet oproept om een inwoner ook na finale kwijting van de schulden nog verplicht 12 maanden in beeld te houden (zie hieronder onder kopje 5).

Ambitie

Met het NPAS heeft het kabinet de ambitie om de toename van (kinder)armoede te voorkomen, de langetermijneffecten van armoede tegen te gaan en mensen in armoede te helpen vooruit te komen. En als er schulden ontstaan, moeten drie dingen beter: een kleine vordering moet klein blijven, mensen met schulden moeten overzicht houden, en er moet snelle en goede schuldhulpverlening beschikbaar zijn.

Het NPAS bouwt voort op de Aanpak geldzorgen, armoede en schulden 2022-2025 van voormalig minister Schouten. ‘We verleggen de focus naar het beter en eenvoudiger toegankelijk maken van de voorzieningen. Zo willen we bijdragen aan het herstellen van het vertrouwen in de overheid. In het nieuwe Nationaal Programma richten we ons daarnaast in het bijzonder op werkenden, jongeren en kinderen.’

Uitgangspunt voor de hervormingsagenda inkomensondersteuning is dat het rijk de inkomensbasis goed regelt, zodat mensen minder afhankelijk zijn van gemeentelijke regelingen en de verschillen tussen gemeenten afnemen.

Het basispakket uit het IBO problematische schulden is het uitgangspunt voor de aanpak van schulden. Voor de uitwerking van de maatregelen uit dit pakket waren incidentele en structurele middelen gereserveerd. De huidige financiële omstandigheden hebben tot gevolg dat de gemaakte reservering vanaf 2029 vervalt. Dit heeft consequenties voor de maatregelen waarvoor structurele financiering noodzakelijk is. Zo kan bijvoorbeeld het integraal schuldenoverzicht niet worden gerealiseerd zonder structurele dekking voor de uitvoeringskosten. Wel wordt onderzocht of onderdelen of essentiële bouwstenen die inzicht in schulden bieden in onderlinge samenhang verder ontwikkeld kunnen worden. Dat geldt ook voor het (digitale) loket voor overheidsincasso.

Vijf lijnen

De activiteiten van het NPAS worden georganiseerd langs 5 lijnen, vanaf het voorkomen van geldzorgen tot het oplossen van zorgen en het bieden van perspectief voor de toekomst.

1. Voorkomen van geldzorgen

  • Bereiken van werkenden via proactieve dienstverlening, werkgevers, brancheorganisaties en vakbonden en via op werkenden gerichte communicatiecampagnes. Via de Nationale Coalitie Financiële Gezondheid wordt samengewerkt aan het herkennen en oplossen van geldzorgen op de werkvloer.
  • Aan de VNG-routekaart Financiële Zorgen is het Spoor van de ondernemer toegevoegd. Gemeenten krijgen via dit spoor concrete handvatten, ondersteuning en voorbeelden van effectieve interventies. In het vroegsignaleringsexperiment tussen Belastingdienst, Toeslagen en 10 gemeenten worden ook werkenden en ondernemers bereikt.
  • Financiële educatie gericht op jongeren én ouders, met inzet van een subsidieregeling voor scholen (po, vo en mbo).
  • Tegengaan van niet-gebruik van regelingen met instrumenten zoals De Voorzieningenwijzer, BerekenUwRecht.nl, de Potjescheck en campagnes als Laat geen geld liggen. (Kijk ook eens in het dossier tegengaan niet-gebruik, red.).

2. Kleine zorgen blijven klein: eenvoudige toegang tot hulp en ondersteuning

  • Versterken van vindplaatsen: Via het project Preventie van Geldzorgen wordt het netwerk van professionals (zoals huisartsen, apothekers, scholen, geboortezorg, jongerenwerk) in 100 gemeenten versterkt.
  • Gemeenten en Rijk maken bestuurlijke afspraken over verbetermaatregelen vroegsignalering en de inzet van tijdelijke extra beschikbare middelen gedurende de looptijd van de verbetermaatregelen t/m 2028. (Middelen 2025 zijn al bekend. Overige middelen komen beschikbaar in de meicirculaire 2026, red. ). Ook wordt verkend of de verschillen tussen gemeenten kleiner kunnen worden gemaakt, en of de kwaliteit van signalen vanuit schuldeisers meer hetzelfde kunnen worden gemaakt.
  • Live en online hulp: Hulproutes als Geldfit, vrijwilligershulp aan huis en gemeentelijke inlooplocaties zorgen dat mensen ondersteuning krijgen op een manier die bij hun situatie past. Het kabinet werkt aan een landelijk dekkend netwerk van laagdrempelige financiële hulp.
  • Er wordt toegewerkt naar een andere rol van de gerechtsdeurwaarder. Lees Civiele invordering verder uitgewerkt (23 mei 2025).

3. Hulp als het tegenzit: beperken van negatieve effecten

  • Hulp bij energierekening: Via het inmiddels gesloten Noodfonds Energie ontvingen circa 110.000 huishoudens ondersteuning. Voor de langere termijn wordt voornamelijk ingezet op verduurzaming. Meer hierover staat onder het kopje 5. Perspectief voor de toekomst.
  • Voedsel- en noodhulp: Partijen als Voedselbanken Nederland, Rode Kruis en Armoedefonds worden ondersteund.
  • Kansengelijkheid voor kinderen: Via het netwerk SAM& worden middelen beschikbaar gesteld om kinderen te laten meedoen op school, sport en cultuur. Gemeenten krijgen budget om armoedegerelateerde uitsluiting van kinderen te voorkomen. (Ik neem aan dat hier wordt gerefereerd aan het bestaande budget voor armoedebestrijding kinderen, € 85 miljoen structureel, ook wel bekend als de Klijnsma-middelen, red.)
  • Vereenvoudigen armoedebeleid: Het Rijk wil eenvoudiger, eenduidiger en meer integraal beleid stimuleren, o.a. via de hervormingsagenda inkomensondersteuning. Er wordt gewerkt aan een model-beleidskader voor gemeenten.

4. Meer grip en overzicht: passende dienstverlening

  • Door het ontbreken van structurele middelen is de realisatie van een integraal schuldenoverzicht onzeker, maar er wordt onderzocht wat met incidentele middelen kan.
  • Collectief afbetalingsplan: Burgers kunnen straks één regeling treffen voor meerdere schuldeisers om problematische samenloop te voorkomen. Lees Civiele invordering verder uitgewerkt (23 mei 2025).
  • Beperken kostenoploop: Gratis betalingsherinneringen, kwijtschelding van verhogingen bij verkeersboetes, en andere maatregelen moeten escalatie van schulden tegengaan.
  • In het Samenwerkingsprogramma Sociaal Incasseren hebben partijen afspraken gemaakt over vroegtijdig contact, maatwerk en warme doorverwijzing bij betalingsproblemen.
  • Onder de Clustering Rijksincasso (CRI) wordt gewerkt aan één overheidsincasso en betalingsregeling. Ook komt er één norm voor het vaststellen van de betalingscapaciteit.
  • Het stelsel rond beschermingsbewind wordt geëvalueerd op effectiviteit, bekostiging en de rol van gemeenten zoals recent al aangekondigd in deze brief (16 april 2025).
  • Toegang tot drinkwater: Het kabinet is al bezig om de afsluitregeling voor drinkwater aan te passen. Het kabinet wil verder stimuleren dat drinkwaterbedrijven sociaal incasseren.

5. Perspectief voor de toekomst

  • Vijf departementen (BZK, JenV, OCW, SZW en VWS) werken aan een overheidsbrede aanpak rond gezinnen in een kwetsbare positie met kinderen in de leeftijd van -1 tot en met 27 jaar.
  • Aanpak betaalbaarheid energie nu en in de toekomst. Het kabinet wil de positie van consumenten bij betalingsproblemen verbeteren. Daarnaast benutten van de arbeidsmarktkansen die de energietransitie biedt voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, bijv. instapbaan als energiehulp. Het kabinet heeft een voorstel ingediend ten behoeve van het Europese ‘Social Climate fund’. In februari jl. was daarvoor een internetconsultatie. Als de Europese Commissie het voorstel goedkeurt, kan in 2026 worden gestart met de implementatie.
  • Professionals voor Maatwerk Multiproblematiek bieden domeinoverstijgende hulp bij vastgelopen multiproblematiek. Ik schreef daarover een blog.
  • Met de basisdienstverlening schuldhulpverlening dragen we bij aan het verkleinen van de verschillen in de uitvoering en kwaliteit van de schuldhulpverlening door gemeenten. Er wordt gerefereerd aan de motie van Van Eijk en Inge van Dijk die het kabinet oproept om een inwoner ook na finale kwijting van de schulden nog verplicht 12 maanden in beeld te houden. Het kabinet zegt hierover: ‘Nazorg is al een wettelijke verplichting. In de handreiking over begeleiding is opgenomen dat de nazorgperiode in ieder geval twaalf maanden bedraagt. Daarmee wordt reeds uitvoering gegeven aan voornoemde motie.’ In de bijlage bij het NPAS vind je een iets uitgebreidere reactie op de motie.
  • Kwaliteit schuldhulpverlening. De huidige wetgeving schrijft voor dat gemeenten in hun beleidsplan moeten beschrijven welke maatregelen zij nemen om de kwaliteit te borgen. De wet schrijft echter niet voor wat die kwaliteit precies inhoudt. Samen met gemeenten en de stakeholders rond de schuldhulpverlening gaan we beschrijven wat we verstaan onder de kwaliteit van schuldhulpverlening. Op basis daarvan werken we in het derde kwartaal van 2025 verschillende scenario’s uit om de kwaliteit van schuldhulpverlening beter te borgen door gemeenten.
  • Eén helder schuldentraject. Er wordt onderzocht hoe het minnelijke en het wettelijke traject beter op elkaar kunnen aansluiten.
  • Wetsvoorstel schuldregelen. In de wat eerder Wet buitengerechtelijke schuldregeling en Wet schuldbemiddeling werd genoemd, wordt een reactietermijn voor schuldeisers en schuldhulpverleners vastleggen. Verder verduidelijken we wat we onder schuldregelen verstaan en wie dit mag uitvoeren. Daarnaast breiden we de opties voor het handhaven van het verbod op schuldregelen uit. Er staat niets over de planning hiervan.

De eerste voortgangsrapportage krijgen we in de eerste helft van 2026.

Reacties

Schulden van Roermondse gezinnen afkopen met een revolverend fonds

Gemeente Roermond en Kansfonds startten vorige week met ‘Afrekenen met schulden’: het vroegtijdig en onvoorwaardelijk afkopen van problematische schulden bij gezinnen. Tegelijkertijd krijgen de gezinnen alle ondersteuning die nodig is, waardoor ze met een schone lei én perspectief voor de toekomst verder kunnen.

Het belangrijkste verschil met bijvoorbeeld de aanpak in Arnhem is dat het geld dat met deze integrale aanpak wordt bespaard, in een revolverend fonds komt waarmee weer andere gezinnen geholpen kunnen worden.

De gemeente gaat na of een huishouden in aanmerking komt en maakt, als dit het geval is, een overzicht van de schuldeisers. Kansfonds probeert van tevoren zo goed mogelijk afspraken te maken met landelijke en lokale schuldeisers en koopt de schulden af. De gemeente gaat vervolgens aan de slag met de andere problemen van het huishouden.

Je kunt als gemeente aansluiten. Maar het is niet zo dat Kansfonds met een pot met geld over de brug komt. Per gemeente zal een budget gevonden moeten worden om de schuldenpot te vullen. In Roermond is dat 6 ton. Daarbij is de afspraak dat na twee jaar de kosten en baten van de interventie op een rij worden gezet via de doorbraakanalyses die per huishouden gemaakt worden met het IPW. Als blijkt dat de er baten zijn, gaat de gemeente Roermond eveneens 6 ton bijdragen, om weer nieuwe gezinnen te kunnen ondersteunen.

Meer info:

Tot slot, ik juich dit soort experimenten toe, maar ik heb natuurlijk veel liever dat we dit gewoon met de reguliere aanpak realiseren. Met een schuldpauzeknop en een reguliere schuldregeling. En borgen dat het huishouden vanaf dag 1 brood op de plank heeft.

€ 18,7 miljoen voor vroegsignalering

In de Meicirculaire 2025 lees je dat gemeenten dit jaar €18.670.000 ontvangen voor vroegsignalering (eerder ging het om bedragen van €20 en €19 miljoen).

Voeg in Taakmutatie 2025 mei 2025.xls op het tweede tabblad je gemeentecode in. Daarna zie je op het allerlaatste tabblad ‘IBO problematische schulden’ welk bedrag jouw gemeente krijgt.

Aanvankelijk werden deze en andere middelen voor de schuldenaanpak gepresenteerd als structureel, maar in de Voorjaarsnota werd duidelijk dat ze vanaf 2029 niet meer beschikbaar zijn. Ik begreep dat de € 18,7 miljoen voor vroegsignalering voor 2026-2028 nog niet helemaal van de baan is. Daarover later meer.

Bekijk alle gemeentelijke budgetten voor armoede- en schuldenbeleid in het dossier Financiering.

Ik weet niet wat de gevolgen zijn van de kabinetsval. Lees de oproep van de NVVK aan het demissionaire kabinet en de Tweede Kamer om de schuldenaanpak niet controversieel te verklaren.

  • Aanvulling 1 juli 2025: de schuldenaanpak is niet controversieel verklaard.

Civiele invordering verder uitgewerkt

Staatssecretaris Struycken stuurde deze week een brief naar de Tweede Kamer met in de bijlage een nadere uitwerking van het stelsel van civiele invordering. Het nieuwe stelsel heeft gevolgen voor de doorstroom naar gemeentelijke schuldhulp. De staatssecretaris werkt twee maatregelen uit waarvan hij verwacht dat ze gezamenlijk een grote bijdrage leveren aan het aanpakken van de meeste knelpunten in het stelsel.

  1. Een collectief afbetalingsplan is een coördinerende incassomethode die schuldenaren in staat stelt om op basis van hun afloscapaciteit gestructureerd schulden af te lossen aan meerdere schuldeisers. Loonbeslag hoeft in deze fase nog niet aan de orde te zijn. De debiteur kiest een onafhankelijke partij om het plan op te stellen, zoals een deurwaarder, bewindvoerder of gemeente.
  2. De zorgplicht voor deurwaarders bestaat uit twee onderdelen, namelijk een verwijsfunctie waarbij de deurwaarder actief verwijst naar passende (schuld)hulp en een sociale ministerieplicht waarbij de deurwaarder de bevoegdheid krijgt om ambtshandelingen te weigeren als deze tot nodeloze schuldenopbouw leiden.

De staatssecretaris schetst verschillende scenario’s voor:

  • Wie gaat afbetalingsplan uitvoeren? Bijvoorbeeld deurwaarder, bewindvoerder of gemeente. Mede op verzoek van de Tweede Kamer onderzoekt Struycken of ook incassobureaus dit kunnen doen.
  • Wat gaat dit kosten en wat is een passende vergoeding? Op p. 5 gaat het ook over vergoeding aan gemeenten.
  • Hanteer je beslagvrije voet of VTLB?
  • Hoe lang mag aflosperiode duren (vooralsnog niet gemaximeerd)
  • In welke situaties is betalingsplan geschikt? Het is geschikt als er meerdere betalingsachterstanden zijn die niet in één keer kunnen worden voldaan, maar er wel afloscapaciteit is om in termijnen de schuld af te lossen. Het afbetalingsplan is minder geschikt als er sprake is van een ‘uitzichtloze situatie’. Overwogen kan worden om net als binnen de minnelijke schuldhulp termijnen van een collectief afbetalingsplan al mee te laten tellen voor de 18 maanden van een schuldregeling. Wanneer een debiteur zelf sterk de behoefte heeft om de schulden volledig af te lossen of geen hulpverlening wil aanvaarden en schuldeisers daarmee akkoord gaan, kan het collectief afbetalingsplan een langere looptijd hebben.

Wat mij betreft neemt Struycken in zijn overwegingen onvoldoende mee wat dit stelsel kan betekenen voor de doorstroom naar schuldhulpverlening. Begrijp me niet verkeerd, ik ben voorstander van zowel afbetalingsplan als zorgplicht, maar je zou bijvoorbeeld kunnen vastleggen in welke situaties er een melding naar de gemeente moet gaan. Als dat te vrijblijvend is is het gevaar dat mensen eindeloos blijven aflossen en geen hulp krijgen bij geldzaken of op andere leefgebieden. Zéker als het voor commerciële partijen financieel aantrekkelijk wordt om de debiteur lang vast te houden. Lees ook nog eens mijn pleidooi: meldplicht voor deurwaarders.

De staatssecretaris wil de Kamer in het najaar informeren over de verdere uitwerking en daarna starten met een wetgevingstraject.

  • 27/5/2025: Lees de reactie van de NVVK op de brief van Struycken. NVVK doet samen met Nibud een goede suggestie: herstart het Nederlands Instituut voor Betalingsregelingen.
  • 5/9/2025: Syncasso en Purpose ontwikkelden een prototype van het collectief afbetalingsplan (CAP). Daarin lees je dat als bij aanvang blijkt dat de vordering niet binnen 18 maanden kan worden afgelost, er verplicht wordt doorverwezen naar de gemeentelijke schuldhulp. Wanneer tijdens de aflossingsperiode betaling 3 maanden uitblijft gaat de deurwaarder namens de andere schuldeisers naar de rechter. De rechter kan 2 mogelijke maatregelen toepassen: (1) Machtiging voor beslag op de aflossingscapaciteit om het CAP voort te zetten of (2) Onderbewindstelling van de debiteurklant, waarna een bewindvoerder het CAP verder uitvoert. Ik zou in dit stadium eerst nog willen kijken wat de gemeentelijke schuldhulpverlener (samen met andere hulpverleners) kan doen voor de inwoner (bijvoorbeeld schuldregeling), dus voordat het naar de rechter gaat.
  • 3/11/2025: In deze column zegt KBvG: ‘Uiteindelijk willen we dat de deurwaarder wettelijk wordt erkend als signaalpartner binnen de schuldhulpketen.

Weinig opzienbarend Kamerdebat over armoede en schulden

Gisteren debatteerde de vaste Kamercommissie over armoede en schulden. Je kunt hier terugkijken. Hier de highlights:

Hervorming inkomensregelingen / IPE-rapport
Kamer en kabinet willen inkomensondersteuning harmoniseren vanwege te grote gemeentelijke verschillen. Staatssecretaris Nobel overlegt hierover met VNG en Divosa. Het IPE-rapport pleit voor landelijke inkomensondersteuning met lokale aanvulling in uitzonderingsgevallen. Nobel steunt landelijke definities voor inkomen e.d., maar ziet complicaties bij fiscale regelgeving.

Noodfonds Energie
Het Noodfonds Energie was snel uitgeput. Van de 200.000 aanvragen voldeden er 100.000 aan de voorwaarden; deze worden geholpen. Nobel voorzag dit en verwees afgewezen mensen actief door naar lokale regelingen. Extra middelen voor 2025 komen er niet; een vierde ronde is uitgesloten. Wel wil hij structurele oplossingen met de sector bespreken. (NB. misschien komt er nog een vervolg in het kader van het Sociaal klimaatfonds).

Studietoeslag
Dassen stelt voor om de uitvoering van de studietoeslag bij DUO onder te brengen. Nobel staat hier niet onwelwillend tegenover, mits uitvoerbaar en budgetneutraal. Dassen kondigt een motie aan.

Gevolgen Miljoenennota voor schuldenaanpak
Oppositie bekritiseert het schrappen van €130 mln. uit ‘Groepen in de knel’. Welzijn erkent de pijn, maar stelt dat het geld goed wordt besteed, o.a. aan WIA-compensaties. Nobel benadrukt voortzetting van maatregelen via incidentele middelen, gesteund door VVD en PVV.

Nationaal Programma Armoede & Schulden
Door bezuinigingen is onduidelijk welke onderdelen van het NP A&S doorgaan. Nobel komt medio juni met duidelijkheid. Lahlah vraagt om een commissiedebat voor het zomerreces.

Buy Now, Pay Later
Struycken deelt zorgen over BNPL en werkt aan invoering van EU-richtlijn CCD2 (feb. 2026). Hij wil ook kosten van BNPL-diensten beperken en voorkomen dat jongeren impulsaankopen doen.

Incasso en zorgplicht
Eerder deze weak stuurde Struycken de contouren van een nieuw invorderingsstelsel naar de Kamer. Ceder vraagt om bredere zorgplicht voor incassodiensten. Struycken erkent dit, maar verbindt voorwaarden: gemeenten moeten signalen kunnen verwerken en privacy moet gewaarborgd blijven. Dit wordt meegenomen in reactie op evaluatie van de pilot ketensignalering door gerechtsdeurwaarders eind 2025.

Nieuwe richtlijn voor leefgeld in de schuldhulpverlening

Nibud en NVVK introduceren een nieuwe richtlijn voor de hoogte van leefgeld in de schuldhulpverlening. Beide organisaties kregen signalen dat het huidige leefgeld niet altijd kostendekkend is. Voor een alleenstaande gaat het leefgeld van € 50 naar € 89 per week.

De richtlijn biedt duidelijkheid over de hoogte en opbouw van het leefgeld, maar laat ook ruimte voor maatwerk. De bedragen zijn minimumbedragen. Huishoudens kunnen van die bedragen leven als ze aan een aantal voorwaarden voldoen: ze kunnen goed met geld omgaan, hebben geen extra kosten door medische zaken, geen hogere energiekosten door een onzuinig huis en ze hebben niet meer reiskosten dan gemiddeld om bij werk te komen. Roken en huisdieren zijn niet opgenomen in de richtlijn.

De leefgeldbedragen worden ieder half jaar bijgewerkt.

Rectificatie: meevaller kosten bewindvoering minder groot

Vorige week schreef ik dat gemeenten volgend jaar een meevaller hebben op de uitgaven bijzondere bijstand voor beschermingsbewind. Het voordeel is echter minder groot dan ik voorrekende. Sorry voor de (half)dode mus.

Vanaf 1 januari 2026 worden (als de Fiscale verzamelwet 2026 wordt aangenomen) enerzijds de tarieven voor bewindvoerders verhoogd met 10,5% en anderzijds komt er een BTW-vrijstelling (21%).

Je vergoedt als gemeente nu vanuit de bijzondere bijstand € 141,47 inclusief 21% BTW. Straks vergoed je € 129,20 exclusief BTW en inclusief de tariefverhoging van 10,5%. Het verschil is 8,7%.

Maar let op: er zijn nu ook al bewindvoerders die geen BTW rekenen. Dus voor die groep is er voor de gemeente niet het BTW-voordeel. Ik heb geen cijfers over de omvang van deze groep.

Kortom, bij bewindvoerders met BTW is er per saldo een voordeel van 8,7% . Bij bewindvoerders zonder BTW is er alleen het nadeel van de 10,5% tariefverhoging. Bekijk in de bijzondere bijstandsadministratie wat het overall saldo is in jouw gemeente.

* Marianne, bedankt voor de attendering!

Aanvulling 8/9/2025: Marc stuurt mij een paar belangrijke aanvullingen voor het volledige beeld:

  1. De tariefverhoging van 10,5% is exclusief de jaarlijkse indexatie. Die komt er dus nog bovenop. In de praktijk zullen de kosten per dossier vanaf 2026 dus hoger uitvallen dan de nu genoemde €129,20.
  2. In de Kamerbrief van 16 april 2025 is ook een nieuwe forfaitaire vergoeding aangekondigd: de zogeheten doorstroombeloning. Bewindvoerders kunnen deze aanvragen als zij cliënten succesvol doorgeleiden naar de schuldhulpverlening of Wsnp. Deze vergoeding komt boven op het maandtarief, en kan – zeker in gemeenten met actieve doorstroom – extra kosten betekenen.
  3. Daarnaast wordt in dezelfde Kamerbrief een sterke toename van mentorschapsdossiers verwacht, o.a. door vergrijzing en het ontbreken van een sociaal vangnet. Ook mentorschap valt vaak onder de bijzondere bijstand en krijgt eveneens de 10,5% tariefverhoging en de jaarlijkse indexatie
  4. In de praktijk gaat mentorschap vaak samen met beschermingsbewind. Deze combinatiedossiers zijn veel duurder dan de bewind vergoeding, wat de structurele lasten voor gemeenten verder verhoogt. Zeker in zorgintensieve gevallen (NAH, psychiatrie, ouderen) is dit eerder regel dan uitzondering.

Mijn halfdode mus is is dus eigenlijk een dode mus 🙁

Bewindvoering wordt minder grote kostenpost voor gemeenten

Let op: de inhoud van dit bericht klopt niet helemaal. Lees de rectificatie.

Staatssecretaris Van Oostenbruggen (Fiscaliteit, Belastingdienst en Douane) stuurde vorige week het wetsvoorstel Fiscale Verzamelwet 2026 naar de Tweede kamer. Daarin staat dat professionele bewindvoerders vanaf 01-01-2026 geen btw meer in rekening mogen brengen. Voor gemeenten –die de btw niet konden verrekenen- betekent het afscheid van de btw in deze gevallen een kostenbesparing van 21%.

Maar eerder in april kondigde staatssecretaris Struycken in een brief aan dat hij tegelijkertijd de tarieven voor bewindvoering verhoogt met 10,5%.

Per saldo is het voordeel voor gemeenten dus 10,5 %. In veel gemeenten gaat tot wel 70% van de bijzondere bijstand naar bewind, dus het kan gaan om een groot bedrag! Tip: ga na wat dit betekent voor jouw gemeente.

Tijdelijk Noodfonds Energie gesloten

Vanochtend kwam het nieuws dat het Noodfonds Energie na amper een week alweer sluit. Kortgezegd: omdat het geld op is. We wisten dat het budget beperkt was, maar dat de deur nu al zo snel dichtgaat komt voor velen toch als een verrassing. In veel gemeenten waren de spreekuren voor hulp bij aanvragen de komende dagen volgepland. Het is erg zuur voor deze mensen dat zij nu achter het net vissen. Het Noodfonds adviseert deze mensen om contact op te nemen met hun gemeente of met hulporganisaties zoals Geldfit.

Kathmann, Lahlah en Kröger (allen GroenLinks-PvdA) hebben Kamervragen gesteld (28 april 2025).

Wetsvoorstel Participatiewet in balans aangenomen. Individuele inkomenstoeslag mag ambtshalve uitgekeerd

De Tweede Kamer heeft op 22 april het wetsvoorstel Participatiewet in balans aangenomen. Daarbij zijn 8 amendementen aangenomen, waaronder deze:

Er zijn ook moties aangenomen, waaronder deze:

  • Motie De Kort en Inge van Dijk over in overleg met gemeenten tot vereenvoudiging en een basisniveau van gemeentelijke regelingen komen.
  • Motie Ceder over bij de uitwerking van spoor 2 inzetten op het versimpelen van gemeentelijke regelingen.
  • Motie Van Kent c.s. over alleen giften in valuta laten meetellen voor de giftenvrijlating.

Lees Tweede Kamer wil maatwerk in armoedebeleid (NOS, 22 april 2025).

Het wetsvoorstel bevat ruim 20 maatregelen. Lees de samenvatting in het dossier Participatiewet.

Invoering in stappen

Gemeenten krijgen de ruimte om de vernieuwde Participatiewet in stappen in te voeren. Het kabinet kijkt samen met o.a. VNG naar de termijn van invoering per maatregel. De inzet is dat de eerste maatregelen per 1 januari 2026 in kunnen gaan. Dit is mede afhankelijk van behandeling in de Eerste Kamer.

Bekijk de voortgang van het wetgevingstraject, de nota’s van wijziging en amendementen op de eerstekamer.nl.

Boetes en maatregelen

Vorige week startten ook de internetconsultaties over boetes en maatregelen in de sociale zekerheid. Boetes en maatregelen worden deels in de Participatiewet geregeld en deels elders, omdat het ook gaat over andere socialezekerheidswetten. Je kunt nog t/m 23 mei reageren op het Boetebesluit en het Maatregelenbesluit.

Voorjaarsnota: minder geld voor schuldenaanpak

Foto: nu.nl

In de Voorjaarsnota 2025 lees je op p. 165:

Afromen Groepen in de knel
Miljoenennota 2025 zijn middelen overgeheveld naar de SZW-begroting ten behoeve van een maatregelenpakket voor het aanpakken van problematische schulden en een maatregel om netto in plaats van bruto terug te vorderen. De middelen voor problematische schulden waren voornamelijk beoogd voor gemeentelijk schuldenbeleid (vroegsignalering), beleid van SZW (integraal schuldenoverzicht voor huishoudens) en beleid van JenV (één overheidsincasso en het voorkomen van kostenoploop boetes). Vanaf 2029 worden deze middelen ingezet ter dekking van de budgettaire problematiek op de SZW-begroting. Ook wordt een deel van de reservering voor Groepen in de knel op de Aanvullende Post ingehouden. Dit telt samen op tot cumulatief 404 miljoen euro in de meerjarenperiode.

Op p. 169 lees je dat gemeenten uit het resterende potje in 2025 wel de beloofde € 19 miljoen krijgen voor vroegsignalering (in oktober ging het nog om € 20 miljoen). Maar op p. 220 staan geen bedragen voor 2026 en verder! Misschien zie ik iets over het hoofd, maar het lijkt erop dat deze middelen dus toch niet structureel zijn. Update 15/5/25: Verschillende bronnen bevestigen dat gemeenten nog t/m 2028 jaarlijks € 19 miljoen krijgen voor vroegsignalering.

Ook worden uit het Groepen in de knel-potje middelen overgemaakt naar J&V voor de jaren 2025 t/m 2027 voor enkele onderdelen van het IBO-pakket, waaronder het uitwerken en instellen van een zorgplicht voor gerechtsdeurwaarders.

Noodfonds Energie opent in week 21 april

De verwachting is dat kwetsbare huishoudens met een hoge energierekening in de week van 21 april een aanvraag kunnen indienen. Uiterlijk een week van tevoren maakt het Noodfonds bekend wanneer het loket opengaat.

Voor het eerst komen ook huishoudens met een blokaansluiting in aanmerking voor steun uit het fonds. De overige voorwaarden voor een aanvraag zijn hetzelfde als vorig jaar. De inschatting is dat zo’n 100.000 huishoudens steun kunnen krijgen.

Meer info op noodfondsenergie.nl.

Wijzigingen toeslagenstelsel

In de Kamerbrief (31 maart 2025) van staatssecretaris Palmen over de beleidsprioriteiten voor toeslagen lees je:

  • Binnenkort wordt een wetsvoorstel ingediend om op korte termijn enkele knelpunten en schrijnende situaties op te lossen. Zo wordt voorgesteld om de verzuimboetes voor burgers af te schaffen. Mensen krijgen langer de mogelijkheid om een toeslag aan te vragen, om zo het risico te verminderen dat ze hun inkomensrecht mislopen. En het partnerbegrip wordt aangepast.
  • Er komt ook een wetsvoorstel met bevoegdheden van Dienst Toeslagen om gegevens te kunnen gebruiken en delen en om mensen proactief te kunnen benaderen om hen te wijzen op hun rechten op toeslagen.
  • Het kabinet wil nog deze kabinetsperiode afstappen van de kinderopvangtoeslag. Het kabinet werkt aan een nieuw stelsel met een hoge inkomensonafhankelijke vergoeding voor werkende ouders, die rechtstreeks aan kinderopvangorganisaties wordt overgemaakt.
  • Het kabinet verkent om toeslagen proactief en zo mogelijk definitief toe te kennen en dus niet langer als voorschot uit te keren.
  • Ook beziet het kabinet of een aanvraagprocedure noodzakelijk is, of dat de toeslag automatisch kan worden toegekend.
  • Het kabinet zet in op gemeenschappelijke loketten; daarbij kunnen mensen ook terecht voor vragen over toeslagen. Daarnaast wil het kabinet de bestaande samenwerking met gemeenten uitbreiden.

Lees het nieuwsbericht.

Ontwerpbesluit proactieve dienstverlening ter consultatie

Het ontwerpbesluit proactieve dienstverlening SZW staat online ter consultatie.

Het voorstel geeft een grondslag om gegevens van inwoners uit te wisselen met andere afdelingen van de gemeente, maar ook met UWV en SVB. Zo kunnen deze instanties onderzoeken of een inwoner recht heeft op bepaalde voorzieningen en de inwoner vervolgens persoonlijk en gericht informeren of een vooringevuld aanvraagformulier onder de neus drukken.

De volgende informatie mag bijvoorbeeld worden gedeeld met de gemeentelijke schuldhulpverlening:

  • Beslag op uitkering bij gemeente, UWV of SVB
  • Betalingsachterstand eigen bijdrage Wmo
  • Niet-betaalde lokale belastingen
  • Boetes of uitkeringen die moeten worden terugbetaald

Als UWV en SVB deze info delen moet de inwoner eerst toestemming geven. Het is me nog niet helemaal duidelijk of dat ook het geval is als de gemeente zelf deze info doorgeeft aan de schuldhulpverlening. Zoek ik nog uit. Update 10 april 2025: het ministerie van SZW bevestigt dat UWV, SVB en gemeenten straks zonder toestemming van de inwoner bovenstaande gegevens mogen delen met de schuldhulpverlening!

In de volgende gevallen mag de informatie volgens mij wel worden doorgegeven zonder toestemming van de inwoner.

Om te onderzoeken wie recht heeft op algemene bijstand, studietoeslag, tegemoetkoming alleenverdienersproblematiek, kwijtschelding lokale belastingen, bijzondere bijstand of minimaregeling:

  • (Door UWV) info over aanvulling op grond van Toeslagenwet;
  • Gegevens van wie de aanvraag UWV-uitkering is afgewezen;
  • Gegevens van wie UWV-uitkering over ten hoogste 3 maanden eindigt;
  • (Door UWV) gegevens van wie uit polisadministratie kan worden afgeleid dat zij mogelijk recht hebben op uitkering Participatiewet;
  • (Door SVB) gegevens van mensen met een uitkering Algemene nabestaandenwet;
  • (Door SVB) gegevens van wie in de verzekerdenadministratie kan worden afgeleid dat zij mogelijk recht hebben op uitkering Participatiewet.
  • Gegevens van inwoners die bijstand ontvangen;
  • Gegevens van inwoners die al eerder kwijtschelding kregen.

Deze lijst is niet limitatief en komt deels uit de Nota van toelichting waarin wordt gesproken over ‘voorbeelden’.

Je kunt nog tot 14 mei reageren op de internetconsultatie.