Whitepaper Financiële bestaanszekerheid en de Participatiewet

Leestip! In het whitepaper van Stimulansz lees je hoe je bínnen de Participatiewet en met buitenwettelijk beleid de bestaanszekerheid kunt vergroten. Download hem op stimulansz.nl. Een paar voorbeelden:

  • Door het ‘bijdragen aan arbeidsinschakeling’ breed te definiëren kan de premie arbeidsinschakeling voor een grote groep inwoners beschikbaar komen, bijvoorbeeld voor mensen met parttime werk.
  • Gemeenten kunnen minder dan het maximale bedrag bij arbeidsinkomsten vrijlaten en daar een premie voor in de plaats stellen. Over de premie wordt geen belasting en premies volksverzekeringen afgedragen. De kosten zijn daardoor voor de gemeente ruim 30% lager dan bij een periodieke vrijlating.
  • De commissie sociaal minimum heeft per doelgroep inzichtelijk gemaakt welk bedrag zij maandelijks tekort komen. Voor deze doelgroepen zou een hogere individuele inkomenstoeslag van toepassing kunnen zijn. Ook kun je de IIT stapsgewijs hoger vaststellen als iemand langer een laag inkomen heeft.
  • Artikel 18 van de Participatiewet biedt de mogelijkheid om de bijstand te verhogen (of te verlagen) in individuele bijzondere situaties.
  • Er zijn mogelijkheden bij het vrijlaten van giften.
  • Je kunt de kosten van re-integratie vergoeden, denk bijvoorbeeld aan aanschaf kleding die geschikt is voor een sollicitatie (al dan niet via een kledingbank of projecten als ‘dress for succes’).
  • Hanteer een sociaal terugvorderingsbeleid.
  • Er is een aantal onderwerpen voor buitenwettelijk beleid dat het Rijk gedoogt zoals woonkostentoeslag en de betaling van zorgkosten die niet worden vergoed door de verzekering.
  • Automatisch toekennen minimaregelingen en individuele inkomenstoeslag.
  • Verlaag de administratieve (aanvraag)last.
  • Verminder de armoedeval, bijvoorbeeld door verschillende inkomensgrenzen te hanteren.

Lees ook nog eens Werkwijzer bijzondere bijstand Maatwerk in het armoedebeleid. Deze is inmiddels tien jaar oud, maar veel is nog gewoon van toepassing.

Wageningen vervangt alle minimaregelingen door één maandbudget

Bij het Wageningse Maatschappelijk Meedoen Budget (MMB) wordt vanaf 1 januari 2025 rekening gehouden met de kosten die mensen hebben. Op basis van die optelsom en wat mensen volgens het Nibud nodig hebben om mee te kunnen doen, wordt het verschil door de gemeente bijgelegd. Het bedrag wordt per maand uitbetaald. De nieuwe regeling gaat uit van vertrouwen en eigen keuze. Aanvragers hoeven niet aan te tonen waarvoor ze het geld gebruiken. Met de Maatschappelijk Meedoen Grens (MMG) sluit de gemeente veel beter aan bij de nieuwe landelijke methode om armoede te meten.

Het MMB wordt aangevraagd na een adviesgesprek. In dat gesprek brengt de gemeente met de Voorzieningenwijzer in kaart waar mensen kunnen besparen en van welke regelingen zij gebruik kunnen maken. Mensen kunnen ook in contact worden gebracht met bijvoorbeeld Humanitas of welzijnswerk.

Er zullen ook situaties zijn waarin mensen door het MMB juist mínder geld krijgen dan nu, bijvoorbeeld omdat ze erg lage energiekosten hebben. Niet alle minimaregelingen komen te vervallen. Een aantal regelingen die bijvoorbeeld met gezondheid te maken hebben, blijft bestaan.

Meer info:

Persoonlijk minimabudget Drechtsteden

Lijkt een klein beetje op het eveneens vrij besteedbare Persoonlijk minimabudget in de Drechtsteden. In 2011 werd die geënt op de langdurigheidstoeslag, maar aanvragers hoefden niet ‘langdurig’ een laag inkomen te hebben. Belangrijk verschil met Wageningen is dat mensen een vast bedrag krijgen, zoals ook bij de huidige Individuele Inkomenstoeslag gebruikelijk. Kijk hoe het Persoonlijk minimabudget er anno 2024 uitziet.

Geen basisinkomen maar maatwerkinkomen

Het doet me vooral ook denken aan het maatwerkinkomen, bedacht door mijn oud-collega Evelien Meester van Stimulansz. Lees meer.

Updates

Handreiking Jongeren uit de financiële zorgen

De VNG presenteerde gisteren de Handreiking Jongeren uit de financiële zorgen. Deze biedt handvatten om passende schuldhulpverlening aan jongeren vorm te geven, te implementeren of verder te versterken. De handreiking is gebaseerd op inzichten uit recente onderzoeken, best practices en ervaringen van jongeren zelf.

Vier aangenomen moties armoede- en schuldenbeleid

De Tweede Kamer heeft gisteren vier moties aangenomen:

  1. Motie Van Eijk over een onderzoek naar aard en omvang van de gemeentelijke minimaregelingen en het effect daarvan op armoedeval en marginale druk.
  2. Motie Van Eijk. Constaterende dat het Nibud samen met het CBS en het SCP het pakket aan basisbehoeften en de bijbehorende minimumbedragen die ten grondslag liggen aan de armoedegrens vierjaarlijks zal herijken; Constaterende dat er op dit moment vanwege beperkte databeschikbaarheid nog geen rekening gehouden kan worden met gemeentelijke armoederegelingen, kwijtschelding lokale belastingen, individuele ziektekosten, de kosten voor woon-werkverkeer en de aanwezigheid van problematische schulden; Overwegende dat deze onderdelen dus niet of beperkt meegenomen worden in het definiëren van armoede; Overwegende dat deze onderdelen inzicht zouden kunnen geven in het niet-gebruik van regelingen; Verzoekt de regering om samen met het Nibud, CBS en SCP te bezien hoe lokale regelingen en kwijtscheldingen meegenomen kunnen worden in de volgende herijking van het pakket aan basisbehoeften en de bijbehorende minimumbedragen.
  3. Motie Welzijn c.s. over een onderzoek naar de consequenties van het opheffen van het voorbehoud ten aanzien van artikel 26 van het Kinderrechtenverdrag.
  4. Motie Welzijn en Ceder. Overwegende dat het staande praktijk is dat bij het afbetalen van schulden in eerste instantie de incassokosten worden verminderd, dan de rente en pas daarna de openstaande schuld, terwijl regelgeving de ruimte laat om deze volgorde te veranderen; Overwegende dat deze volgorde de schuldenindustrie in stand houdt; Overwegende dat het zowel symbolisch als materieel uitmaakt als eerst de openstaande schuld wordt afbetaald en daarna de rest; Verzoekt de regering om te onderzoeken hoe als overheid het goede voorbeeld te geven is en de toerekenvolgorde van schulden waarbij de overheid de schuldeiser is om te draaien, zodat de openstaande schuld eerst wordt afbetaald, en de Kamer hierover begin 2025 te informeren.

Verworpen

  • Motie Lahlah over de envelop groepen in de knel niet meer inzetten voor het ontwikkelen van regulerend beleid.
  • Motie Lahlah en Ceder over de beslagvrije voet zo spoedig mogelijk naar het sociaal minimum verhogen.

Aangehouden

  • Motie Welzijn over een pilot bij gemeenten en waterschappen om de vermogensgrenzen bij de kwijtschelding van belastingen gelijk te trekken.

Subsidie voor versterking lokale intersectorale aanpak bestaansonzekerheid

Gemeenten, GGD’en en onderzoeksinstellingen, kunnen in een consortium bij ZonMW projectideeën indienen voor projecten voor het versterken van de intersectorale aanpak voor mensen met een lage sociaaleconomische positie en/of mensen die bestaansonzekerheid ervaren, of daarin dreigen te vervallen.

De projecten kunnen (een combinatie van) thema’s adresseren, zoals voldoende én toereikend inkomen en middelen van bestaan, voorkomen van financiële of juridische problemen, toegang tot een betaalbare en gezonde woning, toegang tot onderwijs en gezondheidszorg, of het verkrijgen en behouden van gezond werk. Projecten kunnen zich ook richten op het ‘ontschotten’ van financiële stromingen of op de toegankelijkheid, vereenvoudiging en uitvoerbaarheid van het toeslagenstelsel.

Er is in totaal € 4 miljoen beschikbaar. Per project kan max. € 500.000 worden aangevraagd. Dat kan tot 4 februari. Nadat ZonMW in december ’25 de subsidies toekent, kun je in de eerste helft van 2026 starten. Op 21 november is er een informatiebijeenkomst.

Lees meer op ZonMW.nl.

Update aanpak energiearmoede

Het kabinet sprak in het Regeerprogramma de ambitie uit om te werken aan de betaalbaarheid van de energierekening en een rechtvaardige energietransitie om problemen voor veel huishoudens te verminderen, ook voor huishoudens met een kleine portemonnee en middeninkomens. Gisteren gaf het kabinet een update van de aanpak.

Verlenging specifieke uitkering aanpak energiearmoede

Gemeenten ontvingen in drie tranches in 2022 en 2023 in totaal €550 miljoen voor de aanpak van energiearmoede via de SPUK Aanpak Energiearmoede. Hiermee kunnen gemeenten kwetsbare huishoudens in huur- en koopwoningen ondersteunen met energiebesparende maatregelen. Bekijk de FAQ’s voor gemeenten. De uitvoeringstermijn van deze SPUK wordt verlengd t/m 2027 zodat gemeenten meer tijd hebben voor de uitvoering.

Energiefonds

Voor zowel 2025 als 2026 reserveert het kabinet €60 miljoen voor een energiefonds voor huishoudens die hun energierekening niet kunnen betalen. Op dit moment overlegt het kabinet met diverse partijen, zoals energieleveranciers, woningcorporaties, banken, gemeenten en maatschappelijke organisaties, over de vormgeving ervan. De wens van alle partijen is om toe te werken naar een meer lange termijnoplossing in plaats van alleen een tijdelijke compensatie. Over de inrichting van een energiefonds wordt de Kamer nader geïnformeerd.

En verder

Het kabinet ondersteunt een samenwerkingsverband van Energie Samen, de Fixbrigade Nederland en de Energiebank waarmee zij 50 lokale initiatieven ondersteunen en versterken en het netwerkprogramma van Milieu Centraal ‘Energiehulp vanuit vertrouwde kring voor huurders in energiearmoede‘.

PS: Met een FIXbrigade zorg je voor het verduurzamen van woningen, bied je werkgelegenheid en bestrijd je armoede. Kijk hier of er in jouw gemeente al een FIXbrigade is en hoe je kunt aansluiten.

Handreiking over begeleiding in de schuldhulpverlening

De zojuist verschenen Handreiking Het begeleiden van inwoners vanuit de elementen basisdienstverlening van de VNG gaat in op alle elementen van de basisdienstverlening die te maken hebben met begeleiden:

  1. Zonder drempels
  2. Begeleiding start direct
  3. Begeleidingstraject
  4. Ook begeleiding bij Wsnp
  5. Intake en triage
  6. Hulpaanbod per doelgroep
  7. Beschikking en Plan van aanpak
  8. Evalueren en herzien Plan van aanpak
  9. Contact bij terugval
  10. Nog 6 maanden vroegsignalen

In de bijlagen vind je o.a. een gespreksplaat voor de intake en instrumenten om de zelfredzaamheid op verschillende leefgebieden en de financiële gezondheid te meten en monitoren.

Update 26/92025: de handreiking is vernieuwd.

Handreiking Omgaan met armoede in de kinderopvang

Er was al een handreiking voor omgaan met armoede op scholen, het sociaal domein en de jeugdgezondheid. Nu is er ook de handreiking voor omgaan met armoede in de kinderopvang met daarbij een toolkit voor gastouders en pedagogisch professionals. De handreiking draagt bij aan de bewustwording rond armoede en geeft ideeën en praktische tips hoe professionals in de opvang kunnen omgaan met kinderen die in armoede leven.

Stuur deze en de andere handreikingen door naar de kinderopvang en andere organisaties! Da’s meteen ook een mooie gelegenheid om (nader) kennis te maken en de lokale regelingen onder de aandacht te brengen.

Den Haag presenteert Beleidsplan Schuldhulpverlening 2024 – 2028

Eerder deze maand stelde de Haagse gemeenteraad unaniem het Beleidsplan Schuldhulpverlening 2024 – 2028 vast. De raad kreeg eerder ook de Voortgang aanpak geldzorgen en geldproblemen 2023 – 2024. In deze documenten vind je inspirerende voorbeelden voor jouw armoede- en schuldenbeleid (Den Haag spreekt overigens sinds vorig jaar niet meer over armoede- en schuldenbeleid, maar over geldzorgen en geldproblemen). Hieronder vrij willekeurig een paar interessante voorbeelden.

Binnen de vroegsignalering wordt geëxperimenteerd met een belrobot. Dit is een geautomatiseerd spraakbericht waarin inwoners wordt gevraagd of zij hulp of advies willen van
een consulent vroegsignalering.

Het is mogelijk om bepaalde informele schulden mee te nemen in een schuldregeling, maar een struikelblok is vaak de ontbrekende bewijslast. Op dit moment is de enige manier om een informele schuld vast te leggen een notariële akte. We willen inwoners die hun naasten willen helpen met het aflossen van een informele schuld in staat stellen om dit eenvoudiger vast te leggen. Daarvoor willen we een eenvoudig formulier beschikbaar stellen aan onze inwoners om een dergelijke lening vast te leggen. Dat is goed voor zowel de uitlener als de lener.

Nazorg moet een integraal onderdeel worden binnen het financiële hulpverleningstraject. Het afgelopen jaar is er met een onderzoek bekeken wat de behoefte is van de inwoners, de behoefte van de consulent en welke tools er al voorhanden zijn om in te zetten. Dit resulteerde in de tool “blijf uit de geldzorgen” (zie afbeeldingen hieronder). Het is een handzaam boekje, dat inwoners gemakkelijk erbij kunnen pakken wanneer zij vragen hebben over hun financiën.

De belangrijkste ambities voor de doelgroep jongeren zijn, zoals ook beschreven in de Haagse
Preventieaanpak (HPA): De overgang van 18- naar 18+ is zo ingericht dat jongeren goed geholpen worden en niet buiten beeld raken. Jongeren worden voorbereid op financiële zelfstandigheid en de invloed van sociale media daarop en jongeren beschikken over voldoende financiële vaardigheden en kennis en weten waar ze terecht kunnen voor ondersteuning. Ook is communicatie gericht op jongeren die 18 worden, bijvoorbeeld met de folder ‘regel je shit’.

Tot slot, wist je al dat de VNG recent een handleiding (juni ’24) maakte voor het opstellen van een beleidsplan schuldhulpverlening?

Nieuwe armoededefinitie en -cijfers, ook per gemeente

CBS, SCP en Nibud presenteerden gisteren de nieuwe methode om armoede te meten. In die nieuwe methode worden de werkelijke kosten die mensen hebben aan wonen en energie meegenomen in plaats van gemiddelden. Daarnaast is gekeken of huishoudens een financiële buffer hebben. Extra zorgkosten, schulden en kinderopvangkosten worden niet meegerekend, en er wordt van uit gegaan dat mensen alle toeslagen aanvragen. Kijk voor meer uitleg op CBS.nl.

Volgens de nieuwe methode leefden in 2023 540.000 mensen onder de armoedegrens. Dat is 3,1% van de bevolking. Hoewel het aantal armen in 2023 lager was dan in de jaren ervoor, nam de ernst van de armoede toe.

Per gemeente

De armoedecijfers zijn ook per gemeente beschikbaar, maar dan alleen over 2022 en 2023. Bekijk tabel 5 (.xls).

Op Statline (van CBS) staan nu alleen nog de cijfers per gemeente volgens de oude definities (laag inkomen of percentage van sociaal minimum).

Ik heb deze grafiek bijgewerkt met de nieuwe cijfers (ook te vinden op de pagina Cijfers):

(klik om te vergroten)

.

Handreiking samenwerken met vrijwilligers(organisaties)

Vrijwilligers hebben een belangrijke rol in de ondersteuning van inwoners met financiële zorgen of schulden. De VNG-handreiking samenwerken met vrijwilligers(organisaties) biedt gemeenten informatie, een stappenplan, handvatten en voorbeelden om een samenwerking op te zetten, uit te breiden of te optimaliseren.

Update: in september 2025 verscheen de vernieuwde handreiking samenwerken met vrijwilligers(organisaties).

Kabinet presenteert visie op schuldenaanpak

Waarschijnlijk mede met het oog op het commissiedebat van a.s. donderdag over armoede en schulden stuurden staatssecretarissen Nobel (SZW) en Struycken (Rechtsbescherming) afgelopen vrijdag een Kamerbrief met de kabinetsvisie- en plannen om problematische schulden terug te dringen. Uit het regeerprogramma en de Miljoenennota konden we al opmaken dat het basispakket in het IBO-rapport daarin een prominente plek krijgt.

Wat stond er ook alweer in het IBO-rapport

Het basispakket bestaat uit 6 essentiële en 14 praktische maatregelen:

6 essentiële maatregelen14 praktische maatregelen
1. Integraal schuldenoverzicht
2. Eén loket voor overheidsincasso
3. Zorgplicht gerechtsdeurwaarders.
4. Collectief afbetalingsplan 
5. Aanscherpen wettelijke (kwaliteits)eisen voor schuldhulpverlening
6. Eén helder schuldentraject
1. Betaal en ontvangstmomenten op elkaar afstemmen
2. Ondergrens BKR-registratie verlagen
3. Leeftijdsverificatie bij BNPL
4. Financiële educatie voor kinderen en jongeren
5. Verlagen verificatiegrens bij kredietwaardigheidstoets consumptief krediet
6. Begeleiding tijdens een Wsnp-traject
7. Verlagen aanmaningskosten verkeersboetes
8. Discretionaire ruimte om kostenoploop boetes ongedaan te maken en kosteloze betalingsherinnering
9. Verdienen aan kosten bij (door)verkoop van (executie)dossiers verbieden
10. Alle kosten rondom invordering herijken (inclusief sociaal tarief)
11. Pauzeknop voor incassoactiviteiten (bij het collectief afbetalingsplan)
12. Verjaringsmogelijkheden beperken
13. Aanpassen preferente positie van publieke schuldeisers
14. Betere vroegsignalering met structurele financiering

Daarnaast presenteerde het IBO bredere hervormingen en specifieke aanbevelingen voor een betere schuldenaanpak. Lees de uitgebreidere samenvatting van het IBO-rapport.

Wat staat er in de Kamerbrief

Behalve dat het fijn is om bevestigd te zien dat het kabinet de IBO-voorstellen breed oppakt, staat er niet heel veel nieuws in de brief. Het kabinet kondigt vooral aan dat ze de diverse maatregelen gaan uitwerken. Maar sommige zaken worden wel al wat concreter:

  • Voor betere vroegsignalering (praktische maatregel 14) reserveert het kabinet structureel € 20 miljoen. Dit is onderdeel van de € 75 miljoen structureel voor het integraal pakket problematische schulden (waarvan we nog niet weten welk deel naar gemeenten gaat). Eerder werd al aangekondigd dat we eind 2024 een verbeterplan vroegsignalering krijgen. Daarin zal ook de aanbeveling van het IBO worden betrokken om het aantal mogelijke signalen uit te breiden. Aanvulling dd 17/10: in het commissiedebat zegt staatssecretaris Nobel (kijk vanaf 01:47) dat deze € 20 miljoen naar gemeenten gaat.
  • De Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden van het vorige kabinet gaat over in het Nationaal programma Armoede en Schulden en wordt uitgebreid tot een integrale benadering waarbij wordt voortgebouwd op de adviezen uit het IBO. In het voorjaar van 2025 wordt de Kamer nader geïnformeerd over de uitwerking ervan.
  • In het voorjaar worden we ook d.m.v. een beleidsnotitie geïnformeerd over de uitwerking van de zorgplicht voor gerechtsdeurwaarders en het collectief afbetalingsplan (essentiële maatregelen 3 en 4). Hierbij wordt ingegaan op de vraag wie een afbetalingsplan opstelt, waar dit plan geregistreerd moet worden en hoe de bekostiging hiervan wordt vormgegeven. Ik hoop dat de staatssecretarissen hierbij ook aandacht hebben voor het feit dat deurwaarders, bewindvoerders en gemeenten dan in de schuldenketen mogelijk dezelfde werkzaamheden gaan uitvoeren, namelijk de afloscapaciteit eerlijk verdelen over de schuldeisers. Dit moeten we efficiënt gaan organiseren, als één helder schuldentraject, en zonder financiële prikkels voor commerciële partijen om de schuldenaar ‘bij zich te houden’. Aanvullend op een zorgplicht zou ik een plicht willen voor deurwaarders om de cliënt bij de gemeente aan te melden, bijvoorbeeld als blijkt dat de schuld niet binnen 18 of 36 maanden kan worden afgelost, of misschien als blijkt dat er meer dan één schuld is. (Lees hier op p. 24 dat we eind 2024 een tussenevaluatie krijgen van de pilot ketensignalering)
  • Het kabinet wil ook aan de slag met integratie van het minnelijke en wettelijke traject (essentiële maatregel 6) en laat zich daarbij (net als in de Schuldenwet en de D66-initiatiefnota Sneller uit de schulden) inspireren door de Wet Homologatie Onderhands Akkoord voor ondernemers. De WHOA regelt dat de rechtbank een onderhands akkoord tussen een onderneming en zijn schuldeisers betreffende de herstructurering van schulden kan goedkeuren (homologeren). De homologatie betekent dat het akkoord verbindend is voor alle bij het akkoord betrokken schuldeisers. Zij die niet met het akkoord hebben ingestemd, kunnen toch aan het akkoord worden gebonden als de besluitvorming over en de inhoud van het akkoord aan bepaalde eisen voldoet. Er zou dan niet een apart wettelijk traject gaan lopen zoals nu bij de Wsnp; de rechter toetst alleen of het (straks door de gemeente opgestelde) akkoord voldoet aan de wettelijke eisen.
  • Er volgt in 2025 mogelijk nog een derde tijdvak voor de subsidieregeling financiële educatie voor onderwijsinstellingen. Met de subsidie worden scholen financieel in staat gesteld om leerkrachten en docenten te trainen op het integreren en inbedden van financiële educatie in bestaande vakken en het bieden van persoonlijk financiële begeleiding en/of het betrekken van ouders bij de financiële opvoeding.
  • In het regeerprogramma stond al dat het CJIB straks gratis betalingsherinneringen stuurt en in situaties van overmacht de verhogingen bij Wahv-boetes mag kwijtschelden. Voor beide maatregelen is structureel € 19 miljoen gereserveerd uit de envelop Groepen in de knel*. Ik neem aan dat dit dan binnen die envelop ook komt uit het potje ‘integraal pakket problematische schulden’. De Kamer wordt voor de zomer van 2025 geïnformeerd over de uitwerking van deze maatregelen.
  • Voor uitwerking en implementatie van een kwaliteitskader voor gemeentelijke schuldhulpverlening reserveert het kabinet structureel € 8 miljoen, ook uit de envelop Groepen in de knel*. De staatssecretarissen schrijven ook: ‘Wanneer implementatie en de verwachte resultaten van het de nog te ontwikkelen kwaliteitskader uitblijven, wordt bezien of wettelijke borging wenselijk is.’
  • Het kabinet stuurt nog voor het herfstreces een planningsbrief naar de Kamer over een brede vereenvoudigingsagenda toeslagen, belastingen en sociale zekerheid.

* Toelichting op deze envelop vind je in Miljoenennota over armoede en schulden.

Automatische uitbetaling aan minimagezinnen in Amstelveen

Ouders met een laag inkomen in Amstelveen hebben eind juli automatisch een bedrag voor hun kinderen gekregen. Zij mogen zelf bepalen waar ze het geld aan uitgeven. In de nieuwe situatie hoeven ouders niet meer steeds opnieuw een aanvraag te doen. De gemeente gaat niet (steekproefsgewijs) bonnetjes controleren. Wel wordt in een anoniem klanttevredenheidsonderzoek de vraag gesteld waar mensen het geld aan besteden.

Het uitbetalen van een vast bedrag komt voort uit het nieuwe armoedebeleid van de gemeente (zie vanaf p. 12). Dat gaat uit van vertrouwen en het vermogen van mensen om zelf keuzes te maken die passen bij hun situatie.

Het bedrag dat ouders hebben ontvangen heet het ‘kindpakket’. De gemeente geeft naast dit pakket één keer in de vier jaar geld voor een tablet aan ouders van kinderen van 6 t/m 8 jaar. Ouders met een uitkering kregen het geld van het kindpakket en voor de tablet automatisch op hun rekening gestort. De gemeente betaalt ook het zwemdiploma ABC voor hun kinderen van 4 t/m 17 jaar. 

Lees het beleidsplan en de Beleidsregels bijzondere bijstand en minimaregelingen 2024.

Belastingdienst en Toeslagen gaan vroegsignaleren

Bij wijze van proef gaan de Belastingdienst en de Dienst Toeslagen betalingsachterstanden melden bij acht gemeenten: Amsterdam, Apeldoorn, Arnhem, Assen, Leiden, Nijmegen, Opsterland en Tilburg.

Het gaat om signalen van achterstanden in de inkomstenbelasting, omzetbelasting, motorrijtuigenbelasting, loonheffing, inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet, huurtoeslag, zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag en het kindgebonden budget. Anders dan bij de reguliere vroegsignalering is het hier de bedoeling dat gemeenten alle signalen opvolgen met tenminste een belactie of huisbezoek.

De proef start in januari 2025, voor de duur van minimaal 1 en maximaal 2 jaar. Er kunnen geen extra gemeenten meer aanhaken. Om dit experiment mogelijk te maken moet een ministeriële regeling worden aangepast. Je kunt tot 20 oktober reageren op de internetconsultatie.

Er is al een ministeriële regeling die het voor een aantal gemeenten mogelijk maakt om te experimenteren met vroegsignalering bij hypotheken en gemeentelijke belastingen.

Lees het nieuwsbericht van de rijksoverheid.

Miljoenennota over armoede en schulden

Het Regeerprogramma van afgelopen vrijdag gaf ons al behoorlijk wat zicht op wat er komen gaat. In de Miljoenennota 2025 en de Sociale Zaken en Werkgelegenheid Rijksbegroting 2025 vind je niet veel nieuws. Wel wordt een aantal plannen verder geconcretiseerd en geeft het kabinet invulling aan de envelop uit het hoofdlijnenakkoord voor groepen in de knel (klik om te vergroten):

Er komen waarschijnlijk wat nieuwe verantwoordelijkheden en budgetten voor gemeenten, bijvoorbeeld in het kader van een nog uit te werken nieuwe schuldenaanpak op basis van het IBO-onderzoek, maar het is nog niet heel concreet. De eveneens verschenen septembercirculaire geeft ook niet meer duidelijkheid: in Taakmutatie 2024, september 2024 vind je nog wel de (al bekende) bedragen per gemeente, maar in Taakmutatie 2025, september 2024 zijn er geen tabbladen meer m.b.t. armoede en schulden.

In de Miljoenennota lees ik niets over het Nationaal Programma Armoede en Schulden dat werd aangekondigd in het regeerprogramma.

Schulden

  • Het kabinet voert een pakket aan maatregelen in om problematische schulden fundamenteel aan te pakken. Dit pakket is gebaseerd op het basispakket uit het IBO Problematische schulden (met daarin de nodige elementen uit de Schuldenwet). Hiervoor is begroot €24 mln in 2025 oplopend tot €100 mln in 2028/2029 en daarna €75 mln structureel. Waarschijnlijk zit daar ook nog wat bij voor gemeenten, maar het geld is nog niet verdeeld. Het bedrag is overigens een stuk lager dan wat het IBO becijferde: structureel €180 mln. De NVVK vraagt zich terecht af: Zijn de IBO-maatregelen wel in te voeren met deze middelen?
  • Er wordt geïnvesteerd in vroegsignalering. Daarbij zal het verbeterplan vroegsignalering van SZW, VNG, NVVK en Divosa dat eind mei 2024 is aangekondigd in de reactie op het onderzoek van de Nationale ombudsman ‘Hoe eerder, hoe beter’, de basis voor vormen. Het verbeterplan wordt verwacht in Q4 2024. Er wordt ook gekeken naar de rol die gerechtsdeurwaarders met betrekking tot vroegsignalering kunnen vervullen.
  • Het kabinet wil een integraal schuldenoverzicht invoeren. In mijn artikel over het IBO-onderzoek lees je wat hiermee bedoeld wordt.
  • Er wordt verder gewerkt aan de basisdienstverlening schuldhulpverlening. Waar nodig worden de kwaliteitseisen voor gemeenten aangescherpt, om verschillen in bereik en aanbod tussen gemeenten te verkleinen.
  • Dit is nieuw: Het kabinet wil samen met gemeenten en andere maatschappelijke partners op buurtniveau mensen helpen met geldzorgen. Om armoede aan te kunnen pakken en zo goed mogelijk te voorkomen, is het van belang om mensen die te maken hebben met dreigende of beginnende geldzorgen eerder te bereiken. Dit gebeurt door vindplaatsen waar mensen elkaar fysiek ontmoeten, zoals huisartsen, scholen en de werkvloer, beter te benutten. Enerzijds door deze vindplaatsen beter in staat te stellen om geldzorgen en armoede eerder te kunnen signaleren en anderzijds door de vindplaatsen steviger te verbinden met informele netwerken, waaronder sleutelfiguren en ervaringsdeskundigen, zodat óók diegenen die moeite hebben om de weg naar ondersteuning in de gemeente te vinden of daar geen vertrouwen meer in hebben bereikt worden. Om mensen goed te kunnen helpen, is laagdrempelige, fysieke dienstverlening waar mensen met (beginnende) geldzorgen terecht kunnen van belang. In het voorjaar van 2025 komt een onderzoek beschikbaar dat de belangrijke elementen voor laagdrempelige financiële dienstverlening in kaart brengt. Fysieke dienstverlening is ook één van de pijlers om het niet-gebruik van voorzieningen tegen te gaan.
  • Het kabinet wil daarnaast via het verbeteren van digitale dienstverlening bevorderen dat mensen gebruik maken van voorzieningen waar zij recht op hebben.
  • Er wordt ingezet op het minder snel laten oplopen van de kosten van invordering als betaling van schulden uitblijft. De Contourenschets Civiele Invordering van voormalig minister Weerwind (28 juni jl.) zal door J&V en SZW verder worden uitgewerkt.
  • Er wordt gewerkt aan een verantwoorde Rijksincasso, waarin het voorkomen en het tegengaan van het oplopen van schulden centraal staat.
  • De Belastingdienst wil vanaf 1 januari 2025 burgers tegemoetkomen die geraakt door de onterechte afwijzing van hun verzoek tot medewerking aan een schuldregeling (Msnp). Zie het wetsvoorstel Wet tegemoetkoming onterechte afwijzing buitengerechtelijke schuldregeling.
  • Vanaf 1 januari 2025 krijgt de regeling wanbetalers een nieuwe naam: regeling betalingsachterstand zorgpremie.
  • In 2025 blijft het kabinet inzetten op het versterken van financiële educatie binnen het onderwijs.
  • In de Miljoenennota staat niets over (schulden)bewind. De NVVK schrijft: ‘De dienstverlening stagneert door de enorme druk op de tarieven en daarmee op de kwaliteit. In de keten van financiële hulpverlening is bewind een belangrijke vorm van begeleiding. Die verdient echt beter. Het zoveelste onderzoek loopt nog, maar we willen nu wel eens daden zien!’

Belastingen en toeslagen

  • Het tarief in de eerste schijf wordt verlaagd. Dat is een opsteker voor de laagste inkomens. En in plaats van 2 komen er 3 tarieven in de inkomstenbelasting. Zie wetsvoorstel Belastingplan 2025.
  • Eigen risico met meer dan de helft omlaag naar €165 in 2027. Maar in 2025 nog gewoon €385. De bevriezing in 2025 en het effect daarvan op de zorguitgaven leidt tot een hogere nominale premie, inkomensafhankelijke bijdrage en zorgtoeslag.
  • Verhogen forfait aftrekbaar bedrag extra vervoerskosten door ziekte of invaliditeit in de inkomstenbelasting. Deze maatregel wordt tevens vereenvoudigd voor burgers doordat een vast bedrag (€0,60/km) in aftrek kan worden gebracht i.p.v. de werkelijke meerkosten (leefkilometers).
  • De tegemoetkoming voor arbeidsongeschikten voor extra kosten als gevolg van ziekte of handicap wordt per 2027 afgeschaft in samenhang met de verlaging van het eigen risico.
  • De Algemene Heffingskorting (AHK) wordt verlaagd met €335 in 2025 en het afbouwpunt van de AHK wordt gekoppeld aan de hoogte van het wettelijk minimumloon. Ik kan niet helemaal doorgronden wat dit betekent voor werkenden en niet-werkenden met een laag inkomen.
  • De afbouw van de dubbele algemene heffingskorting wordt bevroren in 2025, 2026 en 2027. Daarmee wordt voorkomen dat de bijstand daalt. Zie wetsvoorstel Wet bevriezing afbouw dubbele algemene heffingskorting in het referentieminimumloon.
  • Het Kindgebonden Budget wordt verhoogd via de kindbedragen met circa €184 in 2025, oplopend tot circa €412 in 2028. Daarnaast wordt deze toeslag sneller afgebouwd, oplopend naar 8,5% in 2028 (nu: 6,75%).
  • De afbouwpaden voor AOW’ers en niet-AOW’ers in de huurtoeslag worden geharmoniseerd. Daarnaast wordt er een lineaire afbouw ingesteld per 2026, die in 2025 wordt benaderd. De eigen bijdrage in de huurtoeslag wordt verlaagd met €11,58 per maand.
  • Mensen met een noodgedwongen elders verblijvende partner worden voortaan als alleenstaanden behandeld voor alle toeslagen met uitzondering van de huurtoeslag. De maatregel zorgt ervoor dat deze mensen de alleenstaande ouderkop (ALO-kop) ontvangen (€3.500) en de hogere andere toeslagen die horen bij de situatie als alleenstaande. Gemeenten hoeven die ALO-kop dus niet meer te compenseren met aanvullende bijstand.
  • De grondslagen van alle toeslagen worden niet meer met terugwerkende kracht vastgesteld bij wijzigingen op basis van verblijfstitel en recht op kinderbijslag. Dit voorkomt schulden en problemen bij het innen van terugvorderingen.
  • De aanvraagtermijn van de zorg- en huurtoeslag wordt verlengd van 1 september t+1 naar het einde van dat jaar.

(Kinder)armoede

  • (Kinder-)armoedecijfers komen niet uit boven referentiejaar 2024. Deze doelstelling is minder ambitieus dan die van het vorige kabinet. Op de middellange termijn blijft het kabinet zich inzetten om het in 2015 afgesproken sustainable development goal Armoede te realiseren: een halvering van het aantal vrouwen, mannen en kinderen dat in armoede leeft tegen 2030.
  • Het kabinet wil het integrale beleid voor kinderarmoede, in navolging van de Europese kindergarantie, lokaal beter verankeren. De Europese kindergarantie heeft als doel om intergenerationele cycli van armoede te doorbreken. De kindergarantie fungeert als katalysator om te komen tot een integrale aanpak van kinderarmoede met aandacht voor meerdere domeinen (kinderopvang en voorschoolse educatie). Het kabinet zal samen met gemeenten effectieve interventies opschalen om versnippering tegen te gaan en het gemeentelijk armoedebeleid te verbeteren.
  • Het kabinet verstrekt middelen aan gemeenten en landelijk werkende armoedefondsen (SAM&) om ervoor te zorgen dat kinderen uit arme gezinnen mee kunnen doen.

Participatiewet

  • Het kabinet gaat door met het in 2023 gestarte programma Participatiewet in balans om de balans tussen vertrouwen, verplichtingen, ondersteuning en de menselijke maat te herstellen Langs 3 sporen: 1) het wetsvoorstel Participatiewet in balans om de hardheden aan te pakken, 2) werken aan een brede herziening van de wet, en 3) de vakkundigheid van professionals versterken.
  • Terugvorderingen bij uitkeringsgerechtigden (niet alleen P-wet) worden straks netto in plaats van bruto uitgevoerd. Dat gebeurt door de brutovordering gedeeltelijk kwijt te schelden en het nettobedrag terug te vorderen. Vervolgens wordt juridisch bezien of terugvorderingen niet langer kunnen worden aangemerkt als negatief inkomen. Uitkeringsgerechtigden krijgen nu hun uitkering netto op hun rekening maar moeten een eventuele terugvordering bruto, inclusief loonheffingen, terugbetalen als de terugvordering de jaargrens passeert (terugvordering binnen hetzelfde jaar is netto-netto). Het verschil tussen bruto en netto kunnen zij later via hun belastingaangifte terugkrijgen, maar dat kan in de tussentijd leiden tot liquiditeitsproblemen. Daarnaast is het terugvragen complex, en kan niet iedereen het volledige bedrag terugkrijgen.
  • Er komt een tijdelijke regeling en wetswijziging voor alleenverdieners die door een onbedoelde en ingewikkelde samenloop van fiscaliteit, toeslagen en sociale zekerheid een lager besteedbaar inkomen hebben dan vergelijkbare huishoudens met alleen een bijstandsuitkering. Dit loopt al. Op p. 58 van de septembercirculaire vind je het budget voor 2024 per gemeente. Dit budget is ook bedoeld voor de kosten die je maakte in 2023. Lees de toelichting. Dit budget wordt zo nodig aangevuld bij de meicirculaires 2025 en 2026.

Overige

  • Het Programma Schoolmaaltijden wordt verlengd. Het totale bedrag voor verlenging bedraagt €135 mln structureel. Hiervan wordt €45 mln gedekt uit de envelop Groepen in de knel.
  • Tijdelijke verlenging energiefonds. Voor 2025 en 2026 wordt €60 mln per jaar beschikbaar gesteld. Voorwaarde is dat private partijen een bijdrage leveren. Ik neem aan, dat hier wordt gedoeld op continuering van het tijdelijke Noodfonds Energie.
  • Het kabinet ondersteunt een aantal maatschappelijke organisaties en brengt het partijen op het terrein van voedselhulp bij elkaar.
  • Op p. 211 van de SZW-begroting vind je een uitputtende lijst met moties en toezeggingen van de afgelopen jaren en hoe deze zijn/worden afgehandeld. Bij de motie-Palmen/Mohandis die de regering verzoekt om de vermogensgrenzen van lokale belastingen gelijk te stellen aan de vermogensgrenzen van de Participatiewet lees je, dat omstreeks eind 2024 de resultaten van een onderzoek naar de wettelijke mogelijkheden en implicaties worden aangeboden aan de Kamer.

Monitoring

De voortgang van het beleid wordt gemonitord. Zie hier de planning.

Koopkracht

Het kabinet raamt een koopkrachtstijging in 2025 van 0,7%. Het Nibud presenteerde gisteren haar eigen koopkrachtplaatjes. Hieronder een selectie van de huishoudens met de laagste inkomens:

HuishoudtypeKoopkrachtpercentageNetto per maand in euro’s
Alleenstaand zonder kinderen bijstand0,80%€ 14
Alleenstaand met 1 kind bijstand0%€ 0
Alleenstaand met 2 kinderen bijstand0%€ 0
Alleenstaand zonder kinderen € 27.500 uitkering2,20%€ 44
Alleenstaand AOW + € 7.5001%€ 23
Alleenstaand zonder kinderen € 40.0000,90%€ 23
Alleenstaand met 1 kind € 40.0001,80%€ 65
Stel met 2 kinderen bijstand0,7%€ 23

Reacties

Regeerprogramma over armoede en schulden

In het zojuist gepresenteerde Regeerprogramma wordt het Hoofdlijnenakkoord van 16 mei jl. verder uitgewerkt.

We lezen dat er een Nationaal Programma Armoede en Schulden komt met een integrale, interdepartementale aanpak met gemeenten, vakbonden, werkgevers, maatschappelijke en private organisaties en ervaringsdeskundigen.

Schulden

  • Integraal pakket om problematische schulden aan te pakken, met het basispakket van het IBO problematische schulden als uitgangspunt.
  • Samen met gemeenten op buurtniveau mensen helpen met geldzorgen. Hier staat geen toelichting bij.
  • Verder werken aan basisdienstverlening schuldhulpverlening.
  • Aanscherpen (wettelijke) kwaliteitseisen voor schuldhulpverlening, zodat verschillen in aanbod en bereik tussen gemeenten worden verkleind.
  • Invoering integraal schuldenoverzicht. Dit is één van de ‘essentiële’ maatregelen in het IBO.
  • Investeren in vroegsignalering en kijken naar de rol die deurwaarders daarin kunnen vervullen.
  • Schuldeisers moeten intensiever samenwerken. Invordering van het Rijk beter afgestemd. Publieke en private invordering beter coördineren.
  • Het CJIB gaat eerst een gratis betalingsherinnering sturen voordat aanmaningkosten in rekening worden gebracht. CJIB mag bij mensen die verkeren in situaties van overmacht de verhogingen bij Wahv-boetes kwijtschelden.
  • Meer kredieten reguleren a.g.v. implementatie van de Europese Consumentenkredietlijn (CCD2) en invoering leeftijdsverificatieplicht voor Buy Now, Pay Later.
  • Recht op vergissen in wetsvoorstel Handhaving sociale zekerheid.

Inkomen

  • Er komt een hervormingsagenda voor sociale zekerheid, toeslagen en inkomstenbelasting, met 3 doelen: Inkomensondersteuning moet zekerheid bieden en makkelijk te begrijpen zijn, en (meer) werken moet lonen. Het kabinet stuurt in voorjaar ’25 een brief met varianten en keuzeopties als start voor een open dialoog met het parlement. Er komt een coördinerend bewindspersoon die de voortgang en besluitvorming organiseert.
  • Tariefsverlaging in eerste schijf inkomstenbelasting.
  • De afbouw van de dubbele algemene heffingskorting wordt bevroren in 2025, 2026 en 2027. Daarmee wordt voorkomen dat de bijstand daalt.
  • De huurtoeslag wordt verhoogd, vereenvoudigd en lineair afgebouwd.
  • Verhoging kindgebonden budget. Onderzoek naar de vormgeving van één kindregeling in één wettelijk kader en voorbereiding besluitvorming.
  • Kinderopvangtoeslag vervangen door nieuw stelsel van financiering. Hoge inkomensonafhankelijke vergoeding voor alle werkende ouders. De overheid betaalt de vergoeding rechtstreeks aan kinderopvangorganisaties. In het nieuwe stelsel wordt niet meer teruggevorderd bij ouders.
  • Tijdelijke regeling en wetswijziging voor alleenverdieners met inkomen onder bestaansminimum (Dit loopt al). Om de complexe bruto/netto problematiek voor mensen op te lossen wil het kabinet daarnaast vanaf 2026 bij uitkeringen gaan terugvorderen ter hoogte van netto te veel ontvangen bedragen.
  • Gezinnen met een partner die noodgedwongen niet bij het gezin kan zijn, vanwege vermissing, detentie of vluchtsituatie, krijgen hetzelfde recht op toeslagen als alleenstaande ouders. Om hoge terugvorderingen te voorkomen, worden toeslagen niet langer met terugwerkende kracht aangepast a.g.v. besluiten over kinderbijslag of verblijfsstatus.
  • Toeslaggerechtigden krijgen vier maanden langer de tijd om huurtoeslag, zorgtoeslag en kindgebonden budget aan te vragen, zodat dit nog een heel jaar na het jaar waarop de toeslag ziet mogelijk is.
  • Samen met gemeenten ervoor zorgen dat beleid om (kinder)armoede aan te pakken verbetert, mede in navolging van de Europese kindergarantie. Armoede en kinderarmoede loopt niet op t.o.v. 2024.
  • Eigen risico met meer dan de helft omlaag naar €165 in 2027.
  • Extra middelen en vereenvoudiging aftrek extra vervoerskosten door ziekte of invaliditeit in de inkomstenbelasting per 1 januari 2025. In het Hoofdlijnenakkoord stond daarnaast nog: Afschaffing tegemoetkoming arbeidsongeschikten voor extra kosten als gevolg van ziekte of handicap.
  • Reservering voor 2025 en 2026 voor een energiefonds voor huishoudens die energierekening niet kunnen betalen.
  • Structurele financiering gratis schoolmaaltijden.
  • Wetsvoorstel Proactieve dienstverlening om het niet-gebruik van regelingen terug te dringen.
  • Ten minste 30% van de woningbouw moet sociale huur zijn. Het kabinet geeft financiële ondersteuning voor de bouw van sociale huur, middenhuur, betaalbare koop en woningtypes zoals geclusterde en zorggeschikte woningen.

Op Prinsjesdag vat ik de Miljoenennota samen. Hij is al uitgelekt aan NRC, die schrijft:

Armoede daalt verder

Het aantal mensen in armoede daalt in 2024 en 2025. Dat verwacht het CPB in een nieuwe raming. Het CPB hanteert het niet-veel-maar-toereikendcriterium als armoedegrens.

In 2023 leefde 4,6% van de bevolking onder de armoedegrens. In 2025 is dat naar verwachting 4,1%. Ook het percentage kinderen in armoede daalt, van 5,8% in 2023 naar 4,6% in 2025. Na 2025 loopt de armoede wel weer licht op.

In de raming zijn maatregelen uit het hoofdlijnenakkoord van het nieuwe kabinet meegenomen, voor zover ze duidelijk genoeg waren. In de raming is logischerwijs niet meegenomen wat de effecten zijn van maatregelen die binnenkort worden aangekondigd op Prinsjesdag. De raming van het CPB vormt wel de basis voor de onderhandelingen in de aanloop naar Prinsjesdag. Zo werden in het verleden bijvoorbeeld nog bepaalde toeslagen verhoogd, zodat de koopkracht van sommige groepen verbeterde. Met Prinsjesdag komt het CPB dan met een nieuwe raming, waarin de Prinsjesdagmaatregelen wel zijn meegenomen.

Ik verbaas me wel een beetje over de raming. In 2022 en 2023 had de energietoeslag een zeer grote invloed op de armoedecijfers (wel met een andere definitie van armoede). Welke maatregelen maken dan dat de armoede nu blijft dalen ondanks het wegvallen van de energietoeslag? Anyway, we gaan het zien.

Het kabinet stelt in het hoofdlijnenakkoord als doel dat de (kinder-)armoedecijfers niet uitkomen boven referentiejaar 2024. Deze doelstelling is minder ambitieus dan die van het vorige kabinet.

Basisdienstverlening schuldhulpverlening verder uitgewerkt

Het kabinet, de VNG, de NVVK en Divosa sloten op 21 maart jl. een bestuurlijk akkoord om in alle gemeenten de basisdienstverlening te verbeteren. De samenwerkingspartners presenteerden gisteren een nadere uitwerking van de basisdiensten.

Ze staan op VNG.nl. Als je in bovenstaand overzicht op een element klikt, kom je bij bij een factsheet met meer info. Een aantal basisdiensten wordt de komende tijd nog verder uitgewerkt.

Eén helder schuldentraject!

Alsof ik het niet al druk genoeg heb met de vakantie deadlines trakteerden afzwaaiende bewindslieden me de afgelopen weken op een flinke stapel rapporten en voorstellen voor verbetering van de schuldenketen. Tussen afwezigheidsassistent aanzetten en kampeerspullen inpakken kom ik eindelijk toe aan het lezen van de meest veelbelovende stukken.

Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) Problematische schulden

Het IBO-rapport Naar een werkende schuldenketen springt er wat mij betreft bovenuit. Dit rapport is opgesteld door de ministeries zelf, dus niet in opdracht van. Ik gaf de opstellers onlangs al complimenten, maar ben nog enthousiaster nu ik het echt goed gelezen heb. Het is de beste analyse sinds die van de commissie Boorsma in de jaren ’90. Er worden niet alleen knelpunten benoemd, maar er worden ook hele concrete en wat mij betreft goede voorstellen voor verbetering gedaan. Dit overstijgt het niveau van pleisters plakken.

Ze onderscheiden zes ‘essentiële maatregelen’. In de samenvatting hieronder noem ik ook een deel van de 14 ‘praktische maatregelen’ en 52 beleidsopties:

  1. Integraal schuldenoverzicht. Alle schulden van een huishouden worden samengebracht in één overzicht. Het huishouden kan (schuld)hulpverleners en deurwaarders toegang geven. Ook kunnen vanuit het schuldenoverzicht op termijn gerichte signalen worden gegeven als schulden problematisch dreigen te worden (vroegsignalering). Voorstellen voor een schuldenregister strandden in het verleden op privacy-bezwaren, maar nu lijkt de AVG geen belemmering meer te zijn.
  2. Eén loket voor overheidsincasso: 1 vorderingenoverzicht, 1 gezamenlijke betalingsregeling, 1 partij die gemachtigd is om maatwerk te bieden. Op termijn uitgebreid met medeoverheden. Deze maatregel is al in gang gezet.
  3. Zorgplicht gerechtsdeurwaarders. Hiermee krijgen deurwaarders de mogelijkheid rekening te houden met de belangen van debiteuren en moeten ze zich richten op het voorkomen van een nodeloze oploop van schulden. Dit kan bijvoorbeeld door een collectief afbetalingsplan te faciliteren (zie 4). Ook moeten deurwaarders mensen met een te beperkte betaalcapaciteit actief doorverwijzen naar schuldhulp. Hiervoor krijgen ze een sociaal tarief. NB. Dit onderdeel wordt verder uitgewerkt in de Contourenschets Civiele Invordering van voormalig minister Weerwind (28 juni jl.). NB. Ik zou hier een meldplicht aan toevoegen; bijvoorbeeld als blijkt dat de schuld niet in 18 maanden kan worden afgelost, dat de deurwaarder dan (bijv. via het integraal schuldenoverzicht) een melding moet doen bij de gemeente, zoals bij vroegsignalering. Als je de deurwaarder hiervoor betaalt kan het misschien te aantrekkelijk worden om de debiteur vast te houden?
  4. Met een collectief afbetalingsplan wordt de afloscapaciteit naar rato verdeeld over alle schuldeisers. Dit gebeurt op verzoek van de debiteur door een schuldbemiddelaar zoals bedoeld in art. 48 Wck (o.a. gemeente, deurwaarder, bewindvoerder). De schuldbemiddelaar kan met een pauzeknop alle incasso-activiteiten pauzeren. Blijkt de schuldenlast te hoog, dan moet de schuldbemiddelaar actief wijzen op schuldhulp. Wat mij betreft dus verplicht melden zoals bij vroegsignalering.
  5. Om de kwaliteit van schuldhulp te verbeteren en verschillen tussen gemeenten te verkleinen wordt een traject van leren en verbeteren gestart om het bestaande kwaliteitskader inhoudelijk te laden. Daarnaast wordt bij wet vastgelegd dat gemeenten hieraan moeten voldoen (inclusief in welke termijnen). NB. Ik zou de gedragscodes en convenanten van de NVVK en de basisdienstverlening een wettelijke basis geven, zodat die niet alleen gelden voor alle gemeenten, maar ook voor alle schuldeisers. Leg vast wat gemeenten minimaal aan budgetbegeleiding, budgetbeheer en nazorg moeten bieden (beleidsoptie S11). En leg voor de hele keten vast hoe je de afloscapaciteit berekent. En dan daarnaast een traject van leren en verbeteren starten.
  6. Integreren van minnelijke en wettelijke traject tot één helder schuldentraject. De nieuwe regeling is laagdrempelig, start met een automatisch moratorium en kent voor de verdere afwikkeling vaste regels en termijnen. Het traject wordt overal op dezelfde manier uitgevoerd en de debiteur kan zelf bepalen door wie hij het traject laat uitvoeren. Hierbij is een voorstel dat gemeenten een schuldregeling bindend kunnen maken, zonder tussenkomst van de rechter, bijvoorbeeld op het moment dat 2/3e van de schuldeisers akkoord is. Hiervoor is aanpassing van de Wgs noodzakelijk. Om de mogelijkheid tot bezwaar en beroep open te houden voor schuldeisers, zal de gemeente deze mogelijkheid moeten inrichten. Indien de afhandeling van het bezwaar voor de schuldeiser niet het gewenste effect heeft dan staat de weg naar beroep (rechter) open. Als het niet lukt om 2/3e akkoord te laten gaan, kan de schuldbemiddelaar een verzoek bij de rechtbank indienen voor een dwangakkoord en/of Wsnp, zoals nu ook het geval is. Ook het centraliseren van schuldregeling wordt als beleidsoptie (S10) genoemd.

De voorstellen omvatten de belangrijkste elementen van 1 Schuldenwet. Het is aan het nieuwe kabinet om hierover richting de Tweede Kamer een standpunt te formuleren.

Arbeidsinspectie onderzoekt gemeentelijke schuldhulpverlening

De Arbeidsinspectie presenteerde op 25 juni het rapport De weg naar een schone lei – Onderzoek gemeentelijke schuldhulpverlening. Het onderzoek geeft inzicht in hoe gemeenten de schuldhulpverlening uitvoeren, en benoemt een aantal aandachtspunten. Bekijk de infographic. Ik lees geen verrassende bevindingen. Wel fijn om te lezen: ‘Als hulpvragers eenmaal in de schuldhulpverlening zitten gaat er veel goed. De wettelijke termijn van vier weken tussen aanmelding en intake wordt in verreweg de meeste gevallen gehaald. Vaak hebben hulpvragers al binnen een week na de aanmelding een eerste gesprek met de hulpverlener. Als een intake toch later plaatsvindt, komt dat meestal doordat de hulpvrager het gesprek wil verplaatsen. Na het intakegesprek wordt ook de beschikking doorgaans binnen de wettelijke termijn (8 weken na aanmelding) afgegeven. De meeste hulpvragers vinden dat hun schuldhulpverlener hulpvaardig en begripvol is. Ook vindt men hun hulpverlener doorgaans goed bereikbaar.’

Lees de reactie van VNG en Divosa.

HvA: Financiële dienstverlening; toen, nu en straks

Het rapport van de HvA geeft ons een mooie geschiedenisles. Bij het rapport vind je een praatplaat met de belangrijkste bevindingen, een tijdlijn (van 1990-2022) waarop relevante gebeurtenissen, wetswijzigingen en ontwikkelingen over de tijd zijn weergegeven en onderstaande animatie die alle informatie samenvat en als basislesmateriaal over schuldhulpverlening kan dienen.

De conclusie is wat mij betreft, dat weliswaar de verantwoordelijkheidsverdeling en wet- en regelgeving de afgelopen decennia voortdurend veranderden, maar dat we in de kern nog steeds schuldregelen volgens dezelfde principes: schuldenaar lost af wat ‘ie in een bepaalde periode kan aflossen, rekening houdend met een vrij te laten bedrag, schuldeisers schelden de rest kwijt, gelijkberechtiging, toets op goede trouw en inkomensperspectief, en we werken aan oorzaken en gedrag. Ruim 25 jaar na commissie Boorsma en invoering Wsnp is nu de tijd rijp om deze principes in 1 wet vast te leggen en de schuldenketen te herschikken rond de zes essentiële maatregelen van het IBO.

Wetsvoorstel Participatiewet in Balans naar Tweede Kamer

Zojuist werd het Wetsvoorstel Participatiewet in Balans (spoor 1) openbaar.

Ten opzichte van de eerste contouren in 2022, de consultatie-versie van vorig jaar en de versie waarover de Raad van State vorige week adviseerde is er het een en ander veranderd. Zo is de mogelijkheid om bij AMvB aan te wijzen situaties categoriale bijzondere bijstand toe te staan, komen te vervallen.

Op p. 14 van de Memorie van Toelichting vind je een handig overzicht van de ruim 20 maatregelen. Ik heb het nog wat verder samengevat:

  • De aanvulling op de jongmeerderjarigen-norm (18-21 jaar) wordt in beginsel gelijk voor alle gemeenten. Dit betekent dat gemeenten aanvullend € 634 aan jongeren kunnen geven wanneer ze redelijkerwijs geen steun van hun ouders krijgen. Wanneer blijkt dat dit bedrag niet voldoende is, kan de gemeente het bedrag verhogen. Als blijkt dat het bedrag te hoog is, kan de gemeente het verlagen.
  • Introductie van een standaard giftenvrijlating van € 1200 per jaar. Niet iedere gift moet meer worden gemeld. Melding is alleen nodig, als het totaal aantal giften boven de € 1200 per jaar uitkomt. De giften die worden ontvangen, moeten worden bijgehouden door de bijstandsgerechtigde zelf.
  • Voortaan wordt er rekening gehouden met zowel het huidige vermogen als de huidige schulden. Melding (in het kader van de inlichtingenplicht) is alleen nodig wanneer toenamen in bezit leiden tot een vermogen boven de vermogensgrens en moeten dus door de bijstandsgerechtigde zelf worden bijgehouden.
  • De vierwekenzoektermijn voor jongeren tot 27 jaar blijft van kracht. De gemeente krijgt wel de mogelijkheid om in knellende situaties geen gebruik te maken van de vierwekenzoektermijn.
  • De gemeente krijgt de mogelijkheid om een bijstandsuitkering met terugwerkende kracht te verstrekken. De maximale lengte is tot en met 3 maanden terug.
  • Voorgesteld wordt de norm voor de niet-kostendelende bijstandsgerechtigde van 21 jaar of ouder met een niet-rechthebbende partner vast te stellen op het niveau van de alleenstaandennormen (ongeveer 70% van de gehuwdennorm).
  • Bijstandsnorm alleenstaande ouder zonder ALO-kop. Een bijstandsgerechtigde met een niet-rechthebbende partner (bijvoorbeeld omdat deze in het buitenland of in de gevangenis verblijft) en met in Nederland wonende kinderen, heeft geen recht op extra kindgebonden budget. Dit komt door verschillende partnerbegrippen in verschillende wetten. In jurisprudentie is bepaald dat de bijstandsuitkering in deze situaties wordt verhoogd. Dit wordt nu ook vastgelegd in de wet.
  • Voorgesteld wordt om de aanvraagdatum van de eerst aangevraagde uitkering (bijstand, Bbz, IOA, IOAZ) bij een gemeente als meldingsdatum voor een bijstandsaanvraag te hanteren.
  • De verschillende vrijlatingsregelingen worden hetzelfde gemaakt in één vrijlating. De vrijlating bedraagt 15% voor de periode van 1 jaar. De gemeente kan besluiten de vrijlating te verlengen als men niet meer uren kan werken wegens individuele omstandigheden. De structurele vrijlating voor mensen met een medische uren beperking blijft behouden.
  • De aanvraagprocedure wordt vereenvoudigd: Het wordt mogelijk om bijstand toe te kennen op basis van DigiD. Hierdoor kan de hele aanvraag digitaal plaatsvinden. Identificatie mag voortaan ook op basis van een rijbewijs. Bijstandsgerechtigden die uit de bijstand zijn gestroomd en binnen 12 maanden weer instromen kunnen gebruik maken van een verkorte aanvraagprocedure, waarbij gegevens van eerdere aanvragen gebruikt mogen worden.
  • Door een uniforme wijze van het berekenen van het netto-inkomen voor te schrijven, wordt (automatisch) verrekenen op basis van de gegevens uit de polisadministratie mogelijk gemaakt. Ook wordt het transactiestelsel verduidelijkt. Het loonstrookje hoeft niet meer in alle gevallen maandelijks te worden aangeleverd. Dit vermindert de lastendruk en kan het proces in veel gevallen bespoedigen.
  • Er komt regelgeving waarin de standaardwijze voor het verrekenen van de eindejaarsuitkering, vakantiebijslag en keuzebudget wordt opgenomen. Dit maakt het verrekenproces eenduidiger. Ook wordt voorkomen dat bijstandsgerechtigden met inkomen naast de bijstand door het verrekenen van dit inkomen op maandbasis onder de bijstandsnorm terechtkomen.
  • Met het bufferbudget wordt een nieuw maatwerkinstrument geïntroduceerd om de financiële problemen – die ontstaan door het verreken van inkomsten – op te vangen en het bijstandsniveau te kunnen garanderen. Het bufferbudget bedraagt maximaal € 1000 per jaar en wordt toegekend en beheerd door de gemeenten. Het wordt toegekend als andere instrumenten zijn uitgeput of niet kunnen worden toegepast.
  • De bijstandsgerechtigde heeft een generieke participatieplicht. Dit houdt in dat iemand naar vermogen algemeen geaccepteerd arbeid moet verkrijgen, accepteren, behouden en gebruik te maken van een door de gemeente aangeboden (re-integratie) voorziening. Standaard specifieke verplichtingen, zoals het bereid moeten zijn om drie uur te reizen voor werk, komen te vervallen.
  • Bijstandsgerechtigden die niet (direct) kunnen werken, krijgen meer ruimte om hun maatschappelijke participatie zelf vorm te geven. Daarbij kunnen zij aanspraak maken op ondersteuning, conform het gemeentelijk beleid.
  • Er komt een maatregelenbesluit waarin gemeenten meer ruimte krijgen om bij het opleggen van maatregelen rekening te houden met de individuele omstandigheden. De standaard-verlagingen die op dit moment in de wet zijn opgenomen komen te vervallen.
  • Er wordt in de wet opgenomen dat mantelzorg geen op loon te waarderen arbeid is en dat – als men samenwoont vanwege de intensieve mantelzorg die wordt verleend – dit niet als gemeenschappelijk huishouden kan worden gezien.

De inwerkingtreding is mede afhankelijk van wanneer behandeling plaats zal vinden in de Kamer. Ik verwacht inwerkingtreding per 1-1-2026.

Derde voortgangsrapportage Aanpak geldzorgen, armoede en schulden

Deze week verscheen de 3e voortgangsrapportage van de Aanpak geldzorgen, armoede en schulden. Hieronder de highlights en zaken die voor gemeenten relevant zijn:

De voortgang op de 3 hoofddoelen:

  1. Halvering van kinderarmoede in 2025
    Start kabinet: 7,2%. Doel: 4,6%. Cijfers 2024: 4,9% 
  2. Halvering van het aantal personen in armoede in 2030
    Start kabinet: 6,1%. Doel: 3,15%. Cijfers 2024: 4,7%
  3. Halvering van het aantal huishoudens met problematische schulden in 2030
    Start kabinet: 7,7%. Doel: 4,3. Cijfers 2024: 8,8%.
  • Vroegsignalering: op 1 april is een experiment gestart met betalingsachterstanden van de eigen bijdragen Wmo en Wlz. Naar verwachting starten de Belastingdienst en Toeslagen begin volgend jaar met experimenten.
  • Er wordt gewerkt aan één betalingsregeling voor alle betalingen aan het Rijk. Het CAK, CJIB, DUO en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit zijn hier al bij aangesloten. Op 1 juli 2024 gaan ook het UWV, RDI en de RVO deelnemen.
  • Vanaf eind 2026 moeten aanbieders van Buy Now Pay Later-betaaldiensten volgens de Europese Richtlijn consumentenkrediet, net als aanbieders van consumptieve leningen, o.a. een kredietwaardigheidstoets uitvoeren en voldoen aan de regels t.a.v. informatieverstrekking, reclame-uitingen en de maximale kosten van krediet. Vooruitlopend hierop maakt het kabinet zich hard voor naleving van de gedragscode.
  • De uitvoering van de eenmalige energietoeslag 2023 verloopt goed. Er wordt verwezen naar de Monitor uitvoering energietoeslag Meting 2 (24 juni ’24) en de factsheet.
  • Naar verwachting wordt het Wetsvoorstel schuldregelen na de zomer in consultatie gebracht. Daarin wordt o.a. een wettelijke reactietermijn opgenomen voor zowel schuldeisers als schuldregelaars.
  • Er wordt verwezen naar de kabinetsreactie op de motie over gedetineerden. Lees daarover mijn blog Eén regionale schuldhulpverlener voor gedetineerden.
  • SZW heeft de effectiviteit van 30 interventies voor preventie en vroege aanpak van geldzorgen laten onderzoeken, met de vraag wat de werkzame bestanddelen zijn. Ik schreef daarover dit artikel.
  • Het streven is om de BKR-registratie van schuldhulpverlening en saneringskredieten terug te brengen naar een half jaar na succesvolle afronding van het schuldhulptraject. Het kabinet wil dit per 1 januari 2025 de norm te laten worden.
  • Afsluitend geeft Minister Schouten het aanstaande kabinet nog even mee dat het wel handig is om één coördinerend bewindspersoon te hebben voor armoede en schulden.

30 interventies voor preventie

SZW heeft de effectiviteit van 30 interventies voor preventie en vroege aanpak van geldzorgen
laten onderzoeken, met de vraag wat de werkzame bestanddelen zijn. Doel is om gemeenten en andere organisaties extra handvatten te geven in hun keuzeproces voor de inzet op de preventie. In het rapport lees je meer over deze 30 interventies:

Signaleren, individueel advies geven en doorverwijzen

  • De Voorzieningenwijzer
  • Geldfit
  • Informatiepunt Digitale Overheid
  • JIP
  • Samen erop vooruit
  • SchuldHulpMaatje

Voorlichting en educatie

  • Aan de slag met je geldzaken – online cursus Nibud
  • Sterk met geld
  • Money Start
  • Nooit meer skeer
  • SpaarWijs
  • Op eigen kracht-training

Ondersteuning (langduriger)

  • Cash2Grow
  • Fris Supermarkt
  • Get a Grip
  • Oprecht
  • Plinkr
  • Sociaal Raadslieden
  • Stichting BuurtBazen

Effectief inrichten van de fysieke en sociale omgeving

  • Datakoppeling
  • FinBuddy
  • Geregelde betaling
  • Huishoudboekje
  • Minimaatwerkbudget
  • Vaste Lasten Pakket
  • Virtueel Inkomsten Loket

Regelgeving en handhaving

  • Bijverdienpremie Gemeente Amsterdam
  • Bouwdepot
  • Collectief Kapitaal
  • Gezin en Geld

Het rapport geeft daarnaast tips voor het opstarten en monitoren van interventies. Meer voorbeelden van interventies vind je in de Routekaart Financiële Geldzorgen en op dit blog in de categorie Voorlichting & Preventie.

Eén regionale schuldhulpverlener voor gedetineerden

Foto: ANP Joost van den Broek

Een jaar geleden nam de Tweede Kamer een motie aan die verzoekt om de knelpunten in de schuldhulp aan (ex)-gedetineerden te inventariseren en met een verbetervoorstel te komen. Het kabinet komt met de volgende voorstellen.

  • Een mogelijke oplossingsrichting is om in iedere regio één schuldhulpverlener aan te wijzen die werkzaam is in de PI en verantwoordelijk is voor de gedetineerden uit die regio. Gemeenten kunnen hiervoor regionale afspraken maken op het gebied van uitvoering. Op die manier wordt voorkomen dat elke gemeente toegang moet krijgen tot de PI en worden de uitvoeringslasten gecentraliseerd. SZW, VenJ en VNG gaan deze oplossingsrichting verder verkennen.
  • Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) inventariseert bij aanvang van detentie of een gedetineerde schulden heeft. Als er schulden zijn dan kan de casemanager de gemeente benaderen met een hulpvraag. Daarnaast kunnen gedetineerden in het Re-integratie Centrum ondersteuning krijgen bij het voorkomen van nieuwe schulden en bij het treffen van betalingsregelingen. Tijdens detentie kunnen gedetineerden een training krijgen over financiën. De casemanagers van een PI hebben echter een groot takenpakket en een hoge workload. DJI bekijkt momenteel hoe de inzet van casemanagers effectiever gemaakt kan worden.
  • Gemeenten mogen de vaste lasten van gedetineerden tijdelijk bekostigen vanuit de bijzondere bijstand met als doel escalatie van de schuldensituatie na detentie te voorkomen. Hoewel gemeenten beleidsvrijheid hebben dit wel of niet te doen, doen veel gemeenten dit al. Om uniformiteit te vergroten gaan SZW en VNG deze mogelijkheid ruimer onder de aandacht brengen.
  • Tijdens detentie is de gedetineerde verzekerd via een collectieve verzekering van de Rijksoverheid. Gedetineerden vergeten soms hun zorgpremie tijdens detentie op te schorten. Er wordt daarom gewerkt aan een wettelijke regeling om de zorgverzekering tijdens detentie automatisch op te schorten.
  • Gedetineerden kunnen meestal geen saneringskrediet krijgen, omdat zij geen inkomen hebben. Den Haag heeft hiervoor een oplossing gevonden en maakt een inschatting van het arbeidsvermogen en toekomstige inkomen, kijkend naar verleden en opleiding. SZW, NVVK, VNG en het Waarborgfonds saneringskredieten onderzoeken of deze aanpak kan worden opgeschaald, waarbij de gemeente van herkomst tijdens detentie een saneringskrediet verstrekt, en de gedetineerde na uitstroom start met afbetaling.
  • In Noord-Nederland maken de gemeenten in Drenthe, Groningen en Friesland met zelfmelders al vóór de detentie start een plan van aanpak voor re-integratie (project 3Noord). hierin wordt schuldenproblematiek expliciet opgenomen. Hierdoor ontvangt de gedetineerde in een vroeg stadium financiële begeleiding van de gemeente die kan worden voortgezet tijdens de detentie. JenV en VNG bezien hoe in de toekomst de 3Noord-aanpak breder benut kan worden.

Eind 2024 volgt meer info in de 4e voortgangsrapportage van de Aanpak geldzorgen, armoede en schulden.

Wijzigingen Gedragscode NVVK per 1 juli

De NVVK hanteert vanaf 1 juli ’24 bij de berekening van de afloscapaciteit het Vrij Te Laten Bedrag (VTLB) als ondergrens. In de definitie van problematische schuld blijft de periode van 36 maanden gehandhaafd. Dit werd besloten tijdens de ledenvergadering in mei.

In de vorige week verschenen handleiding implementatie wijziging NVVK Gedragscode schuldhulpverlening vind je uitleg.

Volgens de VTLB-berekening is er best vaak geen afloscapaciteit. In de handreiking lees je hoe en wanneer je 0% voorstellen doet aan schuldeisers en in welke gevallen je inzet op Wsnp.

Bekijk ook NVVK live (14 juni).

Zullen we afspreken dat alle gemeenten dit zo gaan doen, dus niet alleen NVVK-leden? Misschien maar gewoon vastleggen in een wet dan?

Meicirculaire geeft inzicht in gemeentelijke budgetten

Vanuit de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden reserveerde het kabinet € 40 miljoen voor betere dienstverlening door gemeenten op het gebied van armoede en schulden. Deze middelen werden voor 2023 incidenteel beschikbaar gesteld. In de Meicirculaire Gemeentefonds 2024 lees je dat de toekenning vanaf 2024 structureel zal plaatsvinden ‘om gemeenten verder in staat te stellen om strategisch en doelgericht te handelen en hun activiteiten uit te breiden zoals het verdubbelen van het gebruik van schuldhulpverlening en het bevorderen van activiteiten om armoede onder kinderen te bestrijden.’

In deze circulaire wordt voor het eerst sinds lange tijd ook weer de €85 miljoen voor kinderarmoede genoemd. Ik dacht dat deze middelen inmiddels op de grote hoop waren beland. Staatssecretaris Klijnsma stelde deze middelen vanaf 2016 structureel beschikbaar. Vanaf p. 88 vind je de budgetten per gemeente.

Hierbij het bijgewerkte overzicht van de gemeentelijke budgetten vanuit het rijk.

20232024202520262027
Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden
meicirculaire 2024, § 2.2-4.
Rijksoverheid.nl: ‘Onder andere om de basisdienstverlening te implementeren’
4040404040
Bijzondere bijstand en vroegsignalering
septembercirculaire 2023, § 2.2-7
5050
Flankerend beleid energiearmoede
meicirculaire 2023, § 2.2-5
50
Vangnet Energietoeslag
Eenmalig voor gemeenten met hoog bereik
32,5
Compensatie alleenverdieners,
Totaal ’23-’27: € 89 mln.

Armoedebestrijding kinderen
meicirculaire 2024, § 3.3.1
8585858585

* Aanvulling d.d. 26 juni ’24: zie hier Financiële tabel Middelen Aanpak geldzorgen, armoede en schulden met ook de niet-gemeentelijke budgetten.

.

Jaarcijfers 2023 NVVK

Vorig week presenteerde de NVVK haar Jaarverslag 2023. De meest opvallende cijfers:

Aanmeldingen schuldhulpverlening 2007 – 2023

  • 5% meer aanmeldingen (79.514 in 2023)
  • Maar liefst 62% meer ondernemers (5.578 in 2023). Deze stijging werd verwacht, onder meer na de aankondiging dat de Belastingdienst uitgestelde vorderingen echt zou gaan innen.
  • 46% heeft midden- of hoger inkomen (in 2022 was dat 43%).
  • Gemiddelde schuld daalt van €40.170 naar €38.735.
  • 8% minder schuldregelingen (saneringskrediet + schuldbemiddeling). Aandeel sk’s loopt nog steeds op, nu 70%.
  • 12% meer doorverwijzingen naar Wsnp. Daarmee wordt lange dalende trend gestuit.
  • 17% meer budgetcoaching.

Ik heb ook deze grafiek met armoede- en schuldencijfers bijgewerkt.

Coalitieakkoord over armoede en schulden

In het Hoofdlijnenakkoord tussen PVV, VVD, NSC en BBB en de budgettaire bijlage staat het volgende over armoede- en schuldenbeleid:

  • Verbetering gemeentelijke schuldhulpverlening wordt doorgezet, met focus op aanpak problematiek bij de bron.
  • Niet verder nivelleren. Geen structurele verhoging minimumloon en bijstand.
  • Meer loon naar werken door lastenverlichting op arbeid en verlaging marginale druk.
  • Een knelpuntenaanpak en extra middelen (envelop) voor specifieke groepen onder het bestaansminimum, onder wie werkende armen.
  • Bevriezen afbouw dubbele heffingskorting in de bijstand in 2025 – 2027. In 2011 stemde de Tweede Kamer voor geleidelijke afbouw in 20 jaar. Dit om te voorkomen dat het verschil in inkomen tussen een stel met een uitkering en een werkende steeds kleiner zou worden. Sindsdien hebben meerdere kabinetten de afbouw tijdelijk bevroren. Lees in de inleiding van de MvT van destijds wat precies de gevolgen zijn.
  • (Kinder-)armoedecijfers komen niet uit boven referentiejaar 2024. Deze doelstelling is minder ambitieus dan die van het huidige demissionaire kabinet.
  • Eigen risico in de zorg verlaagd naar €165 in 2027. Dat is ongeveer het niveau van 2011. Eigen risico getrancheerd op maximaal €50 per behandeling. Dit betekent dat mensen per behandeling niet meer dan €50 kwijt zijn van hun eigen risico. In de jaren 2025 en 2026 is het eigen risico nog €385 zoals nu, maar is er ook een envelop van €2,5 miljard voor gerichte lastenverlichting aan burgers in aanloop naar verlaging eigen risico.
  • Afschaffing tegemoetkoming arbeidsongeschikten voor extra kosten als gevolg van ziekte of handicap.
  • Stelselherziening kinderopvang (bijna gratis voor werkende ouders en overheveling naar instellingen) wordt doorgezet.
  • Voorbereiding wetgeving voor hervorming toeslagen- en belastingstelsel.
  • Verbod op geven van voorrang bij toewijzing sociale huurwoningen aan statushouders op grond van het feit dat zij statushouders zijn.
  • Van nieuwbouw moet minimaal 30% gemiddeld sociale huur zijn. Het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting wordt aangepast om gemeenten hier meer lokale ruimte te geven.
  • Jaarlijkse sociale huurontwikkeling volgt tot 2026 de bestaande afspraak met woningcorporaties: CAO ontwikkeling -0,5%. Vanaf 2026: consumentenprijsindex +0%.
  • Onderzocht wordt of en onder welke voorwaarden het recht van huurders op koop van hun sociale huurwoning kan worden vormgegeven.
  • Verlaging energiebelasting levert voor huishouden met gemiddeld verbruik financieel voordeel van ca. €29 per jaar in 2025 oplopend naar ca. €50 per jaar in 2030.
  • Hoger kindgebonden budget.
  • Hogere huurtoeslag.
  • Eenmalige tegemoetkoming in afbouw schulden studenten pechgeneratie.
  • Budget voor bijstand wordt in samenhang met maatregelenpakket op het terrein van asiel structureel met €100 miljoen verlaagd.
  • Er komt een recht op vergissen. Een enkele fout kan niet langer een burger diep in de problemen duwen. Aanmanings- en incassokosten van de overheid gaan fors omlaag.

In het Hoofdlijnenakkoord staat niets nieuws over gemeentelijk armoede- en schuldenbeleid.

Arnhem koopt totale schuld op

Het kan je niet ontgaan zijn. Arnhem start een experiment waarbij ze de volledige schuld van 40 tot 60 huishoudens in de armste buurt van Nederland opkopen. Lees meer in raadsbrief, persbericht en website Nationaal Programma Arnhem Oost. En bekijk dit filmpje:

Wat in de media niet zo duidelijk naar voren komt, is dat schuldeisers ook gewoon een deel kwijtschelden. De gemeente, of eigenlijk het opkoopfonds, betaalt dus niet de volledige schuld.

Wat wel anders is dan reguliere schuldregeling, is dat er geen sprake is van gelijkberechtiging. De meeste schuldeisers vinden dat waarschijnlijk geen probleem, omdat zij meestal een (flink) hoger percentage krijgen dan bij een gewone schuldregeling. Met een aantal grote veelvoorkomende schuldeisers heeft de gemeente al afspraken gemaakt over kwijtschelding. Kleine schuldeisers zoals ‘de bakker op de hoek’ krijgen 100%, en met overige schuldeisers wordt onderhandeld.

Wat ook anders is, is dat dat de schulden heel snel worden geïnventariseerd. Al voordat het schuldenoverzicht 100% compleet is krijgen de schuldeisers die al in beeld zijn een aanbod.

De inwoners worden gedurende twee jaar intensief begeleid op alle leefgebieden. Onderzoekers monitoren en evalueren het experiment. Over een jaar of twee weten we of dit een effectieve methode is.

Lees ook:

Actueel:

Armoedescan geeft inzicht in bereik minimaregelingen

Vier jaar geleden schreef ik over de toen net geïntroduceerde Armoedescan van het CBS. De Armoedescan is inmiddels flink doorontwikkeld en beproefd. Lees op CBS.nl over de huidige stand van zaken of ga direct naar de Armoedescan met cijfers van jouw gemeente.

De Basis Armoedescan biedt voor alle gemeenten basisinformatie over de doelgroep.

De Lokale Armoedescan geeft inzicht in het bereik van de lokale minimaregelingen. Dit inzicht krijg je alleen als je cijfers over het gebruik van jouw minimaregelingen aanlevert. Op dit moment zijn Arnhem, Den Haag, Dordrecht, Leiden, Groningen, de Kempengemeenten (Bergeijk, Bladel, Eersel, Reusel-de Mierden en Oirschot) en Schagen aangehaakt.

Het CBS is voornemens om ook schuldhulpdata op te gaan halen bij gemeenten.

Meer weten? Stuur een e-mail naar ASD@cbs.nl o.v.v. Dashboard armoedescan (PR002374).

Kabinetsreactie onderzoek bekostiging en beloning van schuldenbewind

Vorige week reageerde minister Schouten op het onderzoek van Seo (uit nov. 2022!).

Wat wil het kabinet niet:

Het kabinet vindt directe bekostiging door het rijk (i.p.v. gemeenten) niet wenselijk, o.a. omdat gemeenten dan mogelijk eerder naar bewindvoering doorverwijzen en minder gebruik maken van lichtere alternatieven zoals budgetbeheer. Schouten wil ook geen knip tussen schuldenbewind (gefinancierd via bijzondere bijstand) en toestandsbewind (gefinancierd via het Rijk), omdat het de administratieve- en uitvoeringslast voor zowel gemeenten, bewindvoerders, rechtspraak en Rijk vergroot.

Wat wil het kabinet wel:

  • We gaan na wat de gevolgen zijn van het laten vervallen van de grondslag problematische schulden en/of verkwisting.
  • We bezien de optie van het verkorten van het schuldenbewind al dan niet in combinatie met een looptijdonafhankelijke vergoeding.
  • We zoeken naar (budgetneutrale) oplossingen zoals een hogere vergoeding het eerste jaar.
  • We kijken of gemeenten een deel van de bewindvoeringstaken willen overnemen, zoals versterken zelfredzaamheid, treffen betalingsregeling of voorwerk voor het opzetten van een schuldregeling.
  • We bekijken of het haalbaar is om gemeenten te compenseren voor eventuele beleidsmatige wijzigingen in de beloning voor bewindvoerders.

Het kabinet zal de Kamer halverwege 2024 hierover informeren. In Q2 reageert het kabinet op de initiatiefnota Meer tijd, aandacht en bescherming bij bewind van oud-Kamerlid Kat.

Verder schrijft Schouten: Waar schuldenbewind bedoeld is om de financiën te stabiliseren, is de schuldhulpverlening bedoeld om de problematische schulden op te lossen. Om die reden zie ik liever dat mensen met financiële problemen hulp zoeken bij, doorverwezen worden naar, of hulp aangeboden krijgen door, de gemeente. Daarom zet zij in op doorontwikkeling van vroegsignalering en de basisdienstverlening voor schuldhulpverlening, en wijst zij gemeenten op de mogelijkheid om gebruik te maken van het adviesrecht.

Tot slot. Op 21 maart was er een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer. Je kunt hier terugkijken en de position papers lezen. Lees ook nog eens Bewindvoering in Schuldenwet (juni 2022).

Moties armoede- en schuldenbeleid

De Tweede Kamer heeft zojuist de volgende moties aangenomen:

  • Motie Synhaeve over het moeilijker maken om huishoudens af te sluiten van water door de voorwaarden daarvoor aan te scherpen. NB. De Kamer vraagt de minister om binnen 3 weken uit te leggen waarom ze deze motie ontraadde.
  • Motie Mohandis en Palmen over een structurele oplossing voor met name Wajongers die als onbedoeld effect van overheidsbeleid niet meer in aanmerking komen voor een kwijtschelding.
  • Motie Mohandis c.s. over uitspreken dat het doel om het aantal kinderen dat in armoede opgroeit te halveren wordt gehandhaafd.
  • Motie Ceder c.s. over voorbereidingen ter hand nemen voor een nieuw incassostelsel gericht op collectief belang.
  • Motie Ceder en Mohandis over bij aanbieders van BNPL-dienstverlening scherp aandringen op handelen naar geest en doel van de aangepaste Richtlijn consumentenkrediet.
  • Motie De Kort c.s. over onderzoeken waarom het nog zo eenvoudig is om de “buy now, pay later”-leeftijdscontroles te omzeilen.

Vroegsignalering, hoe doe je dat?

De Nationale Ombudsman constateerde vorige week dat er (te) grote verschillen zijn tussen gemeenten. Het prioriteren van signalen blijkt lastig, het bereik is beperkt, en er is weinig zicht op welke aanpak werkt. Lees de reactie van de VNG.

Tips om de vroegsignalering in jouw gemeente te verbeteren:

Budgetten armoede- en schuldenbeleid ’23-’26

Op veler verzoek hierbij een overzicht van de gemeentelijke budgetten vanuit het rijk.

Budgetten (x miljoen)

2023202420252026
Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden
meicirculaire 2023, § 2.2-6
40
Bijzondere bijstand en vroegsignalering
septembercirculaire 2023, § 2.2-7
5050
Flankerend beleid energiearmoede
meicirculaire 2023, § 2.2-5
50
Basisdienstverlening schuldhulpverlening (structureel)
Waarschijnlijk in meicirculaire 2024 meer info
404040
Vangnet Energietoeslag
Eenmalig voor gemeenten met hoog bereik
32,5
Compensatie alleenverdieners, totaal ’23-’27: € 89 mln.
Laatste nieuws in Gemeentenieuws SZW 2024-1

Als je hierboven op een circulaire klikt en een beetje naar beneden scrollt, vind je taakmutaties. In deze excel-sheets vul je op het 2e tabblad de gemeentecode in. Vervolgens vind je op de andere tabbladen de bedragen per gemeente.

Het is nog niet bekend hoe de € 40 miljoen voor Basisdienstverlening Schuldhulpverlening precies verdeeld wordt, maar als je kijkt welk deel je in 2023 kreeg van de € 40 miljoen voor Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden dan heb je een goede indicatie.

Bereken extra budget energietoeslag

Naar aanleiding van het artikel €32,5 miljoen voor gemeenten met hoger bereik energietoeslag kreeg ik de vraag hoe je berekent of je in aanmerking komt voor extra budget.

Je moet het aantal verstrekkingen 2023 afzetten tegen het gemiddeld aantal huishoudens met inkomen tot 120% in de periode 2019-2021. Verstrekkingen aan huishoudens met een hoger inkomen mag je uiteraard niet meetellen. Als je meer dan 2% hoger bereik hebt (=drempel), dan kom je waarschijnlijk in aanmerking voor extra budget.

Vul hier (excel) het aantal verstrekkingen ET2023 in en bekijk of je in aanmerking komt.

Maar let op! Ik heb hierin gerekend met CBS-cijfers die zijn afgerond op 100-tallen. SZW rekent straks met exacte aantallen. Vooral bij kleine gemeenten kan dit tot grote verschillen leiden. Dus reken je niet meteen rijk (of arm)!

Je komt daarnaast ook in aanmerking voor compensatie als je het budget met meer dan €150.000 overschrijdt. Hiertoe zet je het totaal verstrekte bedrag aan huishoudens <120% af tegen het budget. Om in aanmerking te komen hoef je niet beide drempels te overschrijden.

In mijn vorige artikel las je meer over de overige voorwaarden en het vervolgproces. De VNG vraagt in mei/juni wat jouw bereik en uitgaven waren. Onderzoek ter voorbereiding alvast of je de eventuele verstrekkingen aan huishoudens met een hoger inkomen eruit kunt filteren. Later volgt meer uitleg via SZW-Gemeentenieuws.

Gemeente mag maatwerk leveren bij financieel ontzorgen statushouder

Gemeenten zijn sinds de inwerkingtreding van de Wet inburgering 2021 verantwoordelijk voor het financieel ontzorgen van statushouders. De taakstelling is verankerd in art. 56a Participatiewet. Dat artikel schrijft nu heel specifiek voor dat huur, gas, water, stroom en zorgverzekering rechtstreeks vanuit de bijstandsuitkering worden betaald. Op 20 december jl. schreef Minister Van Gennip (SZW) in een uitvoeringsbrief (p.3) dat ze art. 56 wil aanpassen, zodat gemeenten meer ruimte hebben om maatwerk te leveren.

Je moet nog steeds 6 maanden ontzorgen, maar hebt dus meer ruimte om te bepalen hoe je dat doet. Denk bijvoorbeeld aan persoonlijke begeleiding, groepstrainingen of het inregelen van automatische incasso’s. Utrecht zet bijvoorbeeld het huishoudboekje in.

Vooruitlopend op die wetswijziging mogen gemeenten al maatwerk leveren. In de geactualiseerde Handreiking financieel ontzorgen van Divosa lees je hoe je dat kunt doen.

€32,5 miljoen voor gemeenten met hoger bereik energietoeslag

Het rijk reserveerde €32,5 miljoen voor gemeenten die een hoger bereik realiseren dan waarvoor zij budget ontvingen. In het voorjaar kun je compensatie aanvragen. Uitgangspunten hierbij:

  • De drempel is een overschrijding van ofwel 2% hoger bereik ofwel meer dan € 150.000 overschrijding van het budget.
  • Na overschrijding wordt het volledige tekort vergoed.
  • Er geldt een standaardopslag van 5% uitvoeringskosten.
  • Bij overvraging van het budget wordt de tegemoetkoming per gemeente naar rato bijgesteld.
  • Bij onderuitputting wordt het resterende budget verdeeld volgens de verdeelsystematiek van de energietoeslag 2023. Het kan dus zijn dat ook niet-aanvragers nog wat extra ontvangen.

De VNG doet in mei/juni ’20’24 een uitvraag. Gemeenten die meer huishoudens hebben bereikt dan waarvoor ze budget hebben ontvangen, kunnen dan via de VNG dit signaal afgeven. De VNG geeft deze signalen door aan een extern onderzoeksbureau. Dit bureau doet vervolgens in Q3 ’24 per gemeente een plausibiliteitstoets. Daarbij gaat het om de vraag of de bereikte huishoudens binnen de beoogde doelgroep (120% sociaal minimum) vallen. In beginsel is dit een lichte toets, waarbij vooral op basis van de beleidsregels van gemeenten wordt getoetst. Bij gemeenten met een ruimere doelgroep, zal het bureau ook toetsen of de splitsing tussen de doelgroep boven en onder 120% sociaal minimum goed is gemaakt. Wanneer het budget wordt overvraagd, wordt een uitgebreidere plausibiliteitstoets uitgevoerd. Het bureau brengt daarna een advies uit aan SZW. De middelen worden via de decembercirculaire 2024 als decentralisatie-uitkering uitgekeerd.

Bron: Gemeentenieuws van SZW

Aanvulling 4 maart: bereken hier of jouw gemeente in aanmerking komt

Tot wetswijziging kunnen gemeenten alleenverdieners tegemoetkomen met bijzondere bijstand

Zoals eerder aangekondigd werkt SZW aan een tijdelijke regeling waarbij gemeenten in de periode 2024-2027 jaarlijks een vast bedrag ambtshalve uitkeren aan huishoudens die vanwege een samenloop van regelingen toeslagen mislopen. Dit gaat via een wijziging van de Participatiewet. In afwachting van de tijdelijke regeling kun je huishoudens blijven ondersteunen via de bijzondere bijstand, zo lees je in Gemeentenieuws van SZW.

Verder lees je dat in het voorjaar een update volgt van de handreiking. Bekijk hier de meest recente handreiking en modelbrieven (sept. 24).

Eerder las je dat €89 miljoen beschikbaar is, inclusief uitvoeringskosten. Ik denk dat dat goeddeels naar gemeenten gaat. Wil je inschatten welk bedrag jouw gemeente krijgt? Bekijk dan in de bijlage van de decembercirculaire welk deel jouw gemeente krijgt van de €40 miljoen voor de aanpak armoede en schulden, en vermenigvuldig dat bedrag met 89/40 (vul gemeentecode in op 2e tabblad). In de aanstaande mei- of decembercirculaire geeft SZW uitsluitsel over de exacte bedragen.

Tot de doelgroep kunnen ook huishoudens met een UWV-uitkering behoren. Dit is een groep waar de gemeente geen zicht op heeft, maar die zich wel kan melden. Aan deze huishoudens dient de gemeente ook compensatie te verstrekken. SZW, UWV, Belastingdienst en Inlichtingenbureau werken aan een lijst met alleenverdieners.

Updates:

  • 22 maart: Wetsvoorstel overbruggingsregeling alleenverdieners in internetconsultatie.
  • 5 april: Gemeenten ontvangen waarschijnlijk in juni via het Inlichtingenbureau een lijst met BSN-nummers van alleenverdienende huishoudens (bron: gemeentenieuws SZW 2024-2).
  • 5 april: De middelen worden beschikbaar gesteld via de septembercirculaire 2024 (bron: gemeentenieuws SZW 2024-2).
  • 1 mei: Gemeenten krijgen begin juli van de Belastingdienst een lijst van inwoners die mogelijk te maken hebben met de alleenverdienersproblematiek. Dan moet je wel even de formulieren invullen die je krijgt van het Inlichtingenbureau. Bron: Gemeentenieuws SZW 2024-3.
  • 14 juni: Wetsvoorstel overbruggingsregeling alleenverdieners voor advies naar Raad van State.
  • 24 juni: Lees de Voortgangsbrief alleenverdienersproblematiek van het kabinet.
  • 8 augustus: Bij de septembercirculaire 2024 ontvangen gemeenten een voorlopig budget voor 2023 en 2024. Dit budget wordt zo nodig aangevuld bij de definitieve meicirculaires 2025 en 2026.
  • 19 september: wetsvoorstel en MvT aangeboden aan Tweede kamer. Zie Kamerbrief. Later dit jaar wordt bekend welk vast bedrag gemeenten vanaf 1-1-2025 kunnen gaan verstrekken.
  • 25 september: Bekijk de geactualiseerde handreiking en modelteksten.

Wetsvoorstel proactieve dienstverlening moet niet-gebruik (minima)regelingen tegengaan

Het kabinet wil de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen aanpassen zodat o.a. gemeenten kunnen onderzoeken wie een onbenut recht op bijvoorbeeld een minimaregeling zou kunnen hebben. Vervolgens kan de gemeente deze mensen hierover persoonlijk informeren. Het voorstel bevat een opt-out mogelijkheid voor mensen die niet benaderd willen worden. Het wetsvoorstel regelt niet dat gemeenten ambtshalve kunnen gaan toekennen.

Je kunt tot 22 maart reageren op de internetconsultatie. Lees het persbericht.

Kabinetsreactie op het rapport van de ‘aanjager problematische schulden voor ondernemers’

Ik was nog niet toegekomen aan het lezen van het rapport van de aanjager problematische schulden voor ondernemers en de kabinetsreactie (19 dec. ’23). Maar beter laat dan nooit. Hieronder een selectie van de (voor gemeenten) meest relevante aanbevelingen en de reactie van het kabinet.

  • Verplicht de Belastingdienst betalingsachterstanden van zelfstandige ondernemers te melden aan gemeenten. Reactie: Er start (in 2024?) een experiment.
  • Zorg voor een ondernemersgericht toegangspunt waar de ondernemer met financiële problemen zich online kan aanmelden voor een kosteloos gesprek, advies en warme doorverwijzing binnen het achterliggende netwerk of de gemeentelijke schuldhulpverlening. Reactie: goed voorbeelden zijn Ondernemer Centraal van de gemeente Utrecht en het Ondernemersloket in Lelystad.
  • Bied zelfstandige ondernemers met schulden (een voucher voor) ondersteuning bij het bijwerken van hun boekhouding. Reactie: Dit is de eigen verantwoordelijkheid van de ondernemer. Het werkt bovendien marktverstorend ten opzichte van ondernemers die hun zaken wel op orde hebben. Er zijn wel gemeenten die maatwerk bieden.
  • Maak in een zo vroeg mogelijk stadium een financiële prognose om de levensvatbaarheid en/of financierbaarheid van de onderneming te beoordelen volgens een eenduidige methodiek. En maak hiervoor een voucherregeling. Reactie: Er wordt met experts gekeken of de huidige werkwijze eenvoudiger kan. Ook voor saneringskrediet is een toets op levensvatbaarheid en afloscapaciteit van belang. De Handreiking gegevensuitvraag Bbz (dec. 2023) bevordert meer uniformiteit bij het uitvoeren van de levensvatbaarheidtoets. Beoordeling voucherregeling is aan nieuw kabinet.
  • Haal de Bbz kredietverlening weg bij gemeenten en breng deze onder bij een landelijke (sanerings)kredietverstrekker. Reactie: Dit is ter beoordeling aan het nieuwe kabinet.
  • Breid de pilot van het waarborgfonds saneringskredieten uit tot voorliggende financieringsvoorzieningen. Reactie: Deze pilot loopt tot eind 2024. NB. Het kabinet reageert niet op de suggestie om borg te staan voor andere financieringsvoorzieningen.
  • Professionaliseer en reguleer de schuldhulpverlening van ondernemers. Reactie: Dit is onderdeel van het verbeterplan basisdienstverlening.
  • Bied zelfstandig ondernemers een alternatief naast de gemeentelijke schuldhulpverlening. Denk bijvoorbeeld aan advocaten. Breid daartoe de pilot toevoeging Wsnp uit. Reactie: De Tweede Kamer heeft begin 2023 een motie aangenomen met een vergelijkbare strekking. De verkenning m.b.t. deze motie loopt nog.
  • Maak mogelijk dat ondernemers die een Msnp traject doorlopen een afkoelingsperiode kunnen vragen. Reactie: We hebben al het moratorium en convenanten met schuldeisers. Daarnaast wordt de schuldpauzeknop ontwikkeld.
  • Stel het dwangakkoord open voor rechtspersonen bij wie sprake is van persoonlijke aansprakelijkheid, ook zonder gemeentelijk voortraject. Reactie: De achterliggende gedachte is dat voor sommige natuurlijke personen, bijvoorbeeld zzp-ers en kleine ondernemers, dit een betere en snellere oplossing kan zijn om van hun schulden af te komen dan een Msnp of Wsnp. Deze mogelijkheid wordt verder onderzocht.
  • Beoordeel het dwangakkoord van ondernemers door dit te vergelijken met wat de schuldeisers in een faillissement zouden ontvangen. Reactie: In de WHOA geldt dit al. We verkennen dit bij het onderzoek naar de verbetering van het dwangakkoord.
  • Wees creatief bij oplossingen die ondernemers in staat stellen hun eigen woning te behouden. Reactie: Het Bbz voorziet al in mogelijkheden om de eigen woning te behouden en mogelijkheden om er een hypotheek op te vestigen bij wijze van zekerheid voor de terugbetaling van het bedrijfskrediet. Daarnaast kunnen gemeenten saneringskredieten verstrekken als er sprake is van overwaarde. De overwaarde dient dan als zekerheid van het saneringskrediet.
  • Maak voortgang met project Vorderingenoverzicht Rijk en gezamenlijke Betalingsregeling Rijk. Reactie: De ambitie is dat alle partijen betrokken bij de clustering Rijksincasso eind 2025 bij het Vorderingenoverzicht Rijk zijn aangesloten, en in 2027 een gezamenlijke betalingsregeling bieden.
  • Maak voortgang met het project Datadelen op Armoede en Schulden (DDAS). Reactie: Fases 3 en 4 behelzen een gestandaardiseerde set aan definities en een gestandaardiseerde uitvraag bij gemeenten. De inzet is om fases 3 en 4 begin 2024 van start te laten gaan. VNG, Divosa, CBS en NVVK werken hierin samen.

Lees ook de reacties van VNG en NVVK.

Nibud berekent koopkracht ook per gemeente

Volgens het Nibud gaan vrijwel alle huishoudens er in 2024 op vooruit. Als je werkt en kinderen hebt, stijgt je koopkracht het meest. Maar er zijn ook huishoudens die hun koopkracht zien dalen. Vooral alleenstaanden met een laag inkomen gaan er door het verdwijnen van de energietoeslag tussen de € 65 en € 75 op achteruit.

Klik op deze tabel voor 10 uitgewerkte voorbeelden (.pdf)

Of bekijk 117 voorbeeldhuishoudens.

Minima Effect Rapportage

Wist je dat het Nibud ook de koopkracht in jouw gemeente kan berekenen? Ze noemen dat de Minima Effect Rapportage (MER). Ze brengen dan naast de effecten van landelijke regelingen ook de effecten van gemeentelijke minimaregelingen in beeld. Je krijgt inzicht in welke huishoudens een tekort hebben, en in welke mate de armoedeval optreedt (fictief voorbeeld):

Neem voor meer info contact op met Sanne Lamers van het Nibud.

Utrecht nam deze week de MER-uitkomsten mee in beleidsnota.

Utrecht kiest voor kinderen in armoedebestrijding

De gemeente Utrecht gaat de strijd aan tegen armoede bij gezinnen met kinderen. Dat betekent dat de gemeente ook kiest voor besparingen bij andere minima. Ook maakt de gemeente haar financiële hulp en regelingen eenvoudiger en probeert de gemeente meer Utrechters te bereiken, zodat Utrechters die recht hebben op hulp hier ook echt gebruik van maken. Dat staat in de nota Gelijke kansen voor een zeker bestaan die het college gisteren aanbood aan de gemeenteraad. Zie raadsvoorstel.

In Utrecht groeien bijna 8000 kinderen op in een huishouden met een inkomen tot 125% van het wettelijk sociaal minimum. Wethouder Linda Voortman: “Veel gezinnen met kinderen in Utrecht hebben moeite om rond te komen. Terwijl we weten dat opgroeien in armoede in die eerste levensjaren zoveel effect heeft op je gezondheid en je kansen in je verdere leven. Ik wil liever écht iets kunnen betekenen voor deze specifieke groep minima, in plaats van voor iedereen een heel klein beetje extra te doen. Hiermee investeren we ongelijk voor gelijke kansen.”

Uit cijfers van het Nibud en de Commissie Sociaal Minimum was al langer bekend dat gezinnen met kinderen er door landelijk beleid het slechtst uitkomen. De gemeente Utrecht probeert dat nu recht te trekken. Het doel is dat alle Utrechtse gezinnen met kinderen in het ‘groen’ komen, dus dat zij voldoende middelen hebben om rond te kunnen komen. De gemeente liet het effecten van haar minimaregelingen doorrekenen door het Nibud (bijlage bij de nota).

Er is echter geen extra budget beschikbaar voor armoedebestrijding. Dat betekent dat de uitgaven aan deze doelgroep ten koste gaan van extra uitgaven aan andere minima in de stad. De gemeente presenteert deze nota in financieel onzekere tijden. Zoals eerder aangekondigd moeten bij de voorjaarsnota 2024 scherpe keuzes worden gemaakt, dat kan ook gevolgen hebben voor het armoedebudget. De gemeenteraad maakt daarbij uiteindelijk de definitieve keuzes.

Extra budget voor kinderen

De gemeente wil dat er meer geld komt voor kinderen. Zo kijkt de gemeente naar het aanbod van de U-pas zodat dit beter aansluit op de behoefte van gezinnen. Ook geeft de gemeente extra geld aan Utrechtse kinderen om te sporten en gebruik te maken van cultuur. De uitwerking en maatregelen komen in het uitvoeringsplan dat later dit jaar gepubliceerd wordt.

Regelingen eenvoudiger maken en bereik vergroten

De gemeente Utrecht gaat haar financiële regelingen eenvoudiger maken. Nog te veel inwoners vragen regelingen niet aan omdat ze het te ingewikkeld vinden, terwijl ze er wel recht op hebben. Zo worden onder andere de regels voor de bijzondere bijstand en individuele inkomstentoeslag makkelijker gemaakt. Daarnaast wil de gemeente vaker automatisch regelingen toekennen als de gemeente weet dat inwoners er recht op hebben (lees ook: Individuele Inkomenstoeslag ambtshalve toekennen zonder aanvraag). De gemeente zet verder in op het bereiken van Utrechters die recht hebben op financiële ondersteuning, onder meer met de campagne ‘Weet jij waar je recht op hebt?’.

Besparen en pleisters plakken

Armoederegelingen blijven beschikbaar en toegankelijk voor iedereen die er recht op heeft. Tegenover de extra uitgaven voor gezinnen met kinderen staan wel een aantal besparingen. Dat betekent concreet dat niet alle minima erop vooruitgaan. De gemeente gaat besparen op het budget voor de gemeentepolis, de uitgaven van de studietoeslag en gaat bij subsidieverstrekking meer kiezen voor subsidies die bijdragen aan de doelen in deze nota.

Wethouder Voortman: “Ik voel veel onmacht: lokaal kan ik er niet voor zorgen dat alle Utrechters rond kunnen komen. We kunnen slechts pleisters plakken. Dat doen we met dit nieuwe beleid zo effectief mogelijk, maar om echt verschil te kunnen maken moet het wettelijk sociaal minimum omhoog en moet het landelijke systeem van toeslagen op de schop. Daarom roepen we het nieuwe kabinet nogmaals op om daar substantiële stappen in te zetten.”

Schuldhulpverlening

De nota omvat ook de aanpak van de schuldenproblematiek. De gemeente borgt de successen van de Actieagenda Utrechters Schuldenvrij en zet in op het verbeteren van het aanbod aan nazorg en op het beter benutten van het bestaande aanbod aan schuld)hulpverlening van de gemeente en partners. Verder verbetert de gemeente de aansluiting van het formele en informele aanbod van hulp en voorzieningen in de stad.

‘Het komen tot één Schuldenwet is geen doel op zich van het demissionaire kabinet’

Dat schrijft minister Schouten in een brief die vorige week op mijn deurmat lag. Op verzoek van de Tweede Kamer reageert ze daarin op deze brief van de initiatiefnemers van de Schuldenwet.

Jammer, maar we realiseren ons dat dit iets van de lange adem is. We richten ons straks op het nieuwe kabinet. En ondertussen zien we dat veel onderdelen van de Schuldenwet wel worden opgepakt en onderzocht:

  • Landelijke Pauzeknop met wettelijke basis.
  • Maximale reactietermijn voor schuldeisers. Vorige maand kondigde Schouten aan dat het wetsvoorstel Wet schuldbemiddeling naar verwachting Q1 2024 in consultatie gaat.
  • Gemeentelijke schuldregeling is bindend als tweederde schuldeisers akkoord is. Het kabinet reageert nog dit kwartaal op deze motie. Ik vraag me af of dit voorstel het gaat halen, want het is belangrijk dat de belangen van alle schuldeisers zorgvuldig individueel worden afgewogen.
  • Haal het adviesrecht naar voren. Regel wettelijk dat iemand die naar schuldenbewind wil, eerst naar de gemeente moet voor een aanbod. Of maak schuldenbewind een overheidstaak.
  • Gemeente vervolgt na uitspraak rechter het schuldhulpverleningstraject. Dus geen overdracht naar Wsnp-bewind.
  • Uniformeer de gemeentelijke schuldhulp. Met de Basisdienstverlening wordt een stap gezet. Nu nog aanscherping van de Wgs en geoormerkte middelen.
  • Vaker inzetten saneringskrediet.

Hoe krijg je de basisdienstverlening schuldhulpverlening op orde?

De VNG lanceerde deze week de Routekaart Financiële Zorgen. Het is een website met adviezen, hulpmiddelen en nieuws om de schuldhulp te optimaliseren en verbeteren, bijvoorbeeld in het kader van de basisdienstverlening schuldhulpverlening.

De adviezen en hulpmiddelen zijn gerubriceerd rond de verschillende fasen in de schuldhulp. Je kunt info selecteren die specifiek relevant is voor de beleids- of juridisch adviseur, professional, Informatiekundig- en data adviseur of communicatieadviseur.

Kennisbundel armoede & schulden

Kijk ook eens in de opgefriste Kennisbundel armoede en schulden van Divosa. Oorspronkelijk vooral opgezet voor professionals, maar ook nuttig voor beleidsadviseurs. Met handige filters vind je snel wat jij nodig hebt. Meld je aan voor hun nieuwsbrief.

Op dit blog vind je links naar nog veel meer bronnen.

Handreiking ‘Aandacht voor voor lage basisvaardigheden in het stress-sensitieve werken’

Bepaald gedrag wordt soms ten onrechte toegeschreven aan stress, terwijl het gedrag eigenlijk wordt veroorzaakt door moeite met lezen, schrijven of beperkte digitale vaardigheden. Deze handreiking voor professionals in het sociaal domein geeft daarom aandacht voor lage basisvaardigheden in het stress-sensitief werken.

In de handreiking vind je onder meer:

  • Signalenkaart: met de overlap in gedragingen die zowel veroorzaakt kunnen worden door chronische stress als door lage basisvaardigheden.
  • Verkenners: concrete vragen die professionals kunnen stellen om bij inwoners voorzichtig te polsen in welke mate zij worstelen met (te) lage basisvaardigheden.
  • Verwijskaart: aandachtspunten bij het verwijzen van inwoners met lage basisvaardigheden.

Stadsring koppelt aflossing schulden aan behalen levensdoelen

Stadsring, de schuldhulporganisatie voor Amersfoort en Leusden, scheldt saneringskrediet deels kwijt als jongeren zich houden aan bepaalde doelen die zij voor zichzelf stellen in een toekomstplan: bijvoorbeeld het afronden van een opleiding, het behouden van een baan, minder drinken en roken of de woonruimte op orde houden.

De aanpak startte in de tijd dat het traject nog 36 maanden duurde, maar ook nu nog kan een deel van de 18 maanden worden kwijtgescholden.

Stadsring experimenteerde ook met een turbo saneringskrediet voor jongeren met een schuldenlast tot €1.000 (in 2024 verhoogd naar €1.500). De ambitie is om binnen één week een afkoopvoorstel van 40% te doen aan de schuldeiser(s). Jongeren zonder afloscapaciteit kunnen het krediet volledig aflossen middels een tegenprestatie. Jongeren met draagkracht betalen maximaal 1 jaar een passende aflossing (max. €25 per maand) naast de tegenprestatie.

Lees meer in de Volkskrant (19 dec. ’23) en het evaluatierapport van Stadsring (11 dec. ’23). In de evaluatie lees je ook wat Stadsring nog meer doet om jongeren te bereiken en te helpen.

Misschien is deze aanpak ook geschikt voor volwassenen?