De publieke zaak: een zaak van private partijen?

Geen land zo netjes aangeharkt als Nederland. We hebben de neiging om alles te reguleren. Of toch niet? De overheid trekt zich steeds meer terug, ook op sociale zaken. Het rijk schuift verantwoordelijkheden naar gemeenten. Gemeenten zoeken steeds meer naar publiek-private samenwerking of het afstoten van taken. Is dit ingegeven door bezuinigingen, efficiencyoverwegingen, of is het echt een paradigmawisseling? Is het veramerikanisering, afbraak van de welvaartstaat of juist emancipatie van de civil society?

Het is niet meer automatisch zo dat de gemeente jouw probleem oplost. Je moet als klant of burger ook zelf de mouwen opstropen. Zie bijvoorbeeld de ‘kanteling’ van het armoedebeleid, de Wmo en de schuldhulpverlening in veel gemeenten. Niet meer de voorzieningen van de gemeente staan centraal, maar de kracht van de burger en mensen en organisaties in zijn of haar omgeving. Eigen-kracht-conferenties raken steeds meer in de mode.

Ook wordt steeds meer uitbesteed aan private organisaties of vrijwilligers, vanuit de gedachte dat zij het beter en goedkoper doen dan de overheid. Bij uitbesteding houd je als gemeente nog min of meer de regie: je bepaalt op hoofdlijnen wie wat krijgt. Maar er zijn ook ontwikkelingen waarbij de gemeente die grip veel minder heeft.

Zie bijvoorbeeld de opkomst van particuliere noodfondsen die worden gefinancierd door burgers en bedrijven. Een jaar of tien geleden was het not done om als gemeente je armoedegelden uit eigen regelingen terug te trekken en in noodfondsen te steken. Maar nu zie je dat steeds meer gemeenten het toch doen. Bijvoorbeeld omdat zij hun eigen wet- en regelgeving als beknellend ervaren en via de fondsen heel laagdrempelig en snel de doelgroep bereiken. Onder het motto ‘beter 1 keer teveel uitgekeerd dan 10 keer te weinig’ neemt de gemeente daarbij voor lief dat deels de regie uit handen wordt gegeven. Bovendien zien ze dat een noodfonds met een relatief kleine bijdrage aan een gezin de schuldhulpverlening vaak weer kan vlottrekken.

En wat te denken van de privatisering van de schuldbemiddeling? Het kabinet wil private schuldbemiddelaars toestaan tegen een vergoeding schuldbemiddeling te verrichten. Gezien de voorwaarden waaraan private partijen moeten voldoen, denk ik dat zij zich vooral zullen gaan richten op de wat gemakkelijker bemiddelbare schuldenaren. En de gemeenten? Misschien gooien zij de schuldbemiddeling wel helemaal overboord en gaan zij zich uitsluitend nog richten op stabilisatie en begeleiding van de moeilijkst bemiddelbaren.

Ik vind het een gewenste ontwikkeling zolang de overheid (of de ‘gemeenschap’ ?) voor iedereen een laatste vangnet kan garanderen. Laat duizend bloemen bloeien. Het wordt misschien wat minder aangeharkt, maar hopelijk wel mooier.

Schuldhulp@breda

Het College van B&W van Breda heeft gisteren ingestemd met het beleidsplan schuldhulp@Breda 2012-2015 en de Beleidsregels Schuldhulpverlening Breda 2012. Het beleidsplan geeft invulling aan de nieuwe wettelijke taak. Lees het persbericht.

De uitvoering van schuldhulpverlening is gebaseerd op een visie die steunt op vier uitgangspunten:

  1. de schuldenaar is probleemeigenaar;
  2. schuldenpakket, motivatie en vaardigheden bepalen het maximaal haalbare;
  3. dankzij een integrale aanpak heeft schuldhulpverlening een duurzaam effect;
  4. door aandacht voor preventie en nazorg wordt het (opnieuw) ontstaan van schulden voorkomen.

Net als veel andere gemeenten introduceert Breda een soort van schuldenladder (‘verantwoordelijkheidsladder’) en wordt gewerkt volgens het veel aangehaalde Tilburgse kwadrant met (niet-)regelbare schuldenaren en -schuldsituaties.

Plusje voor de vormgeving!

Naschrift d.d. 14 maart 2012: Lees Schuldhulp in Breda leidt tot fel dispuut in raad.

Boeren in nood (duizendste bericht!)

Steeds meer boeren die willen stoppen met hun bedrijf komen in een lastig parket terecht. Probleem is dat hun woning plus grond bijna onverkoopbaar zijn geworden vanwege de agrarische bestemming daarop. Met als gevolg dat ze in ernstige, financiële problemen raken.

Veel strenger dan vroeger houden tegenwoordig gemeenten en banken zich aan het bestemmingsplan buitengebied. Dat betekent dat een woning met een agrarische bestemming officieel niet verkocht mag worden aan een niet-agrariër. Een particulier die een mooi opknapboerderijtje in het buitengebied wil kopen en voor financiering aanklopt bij de bank, krijgt daarom nul op het rekest. Met als gevolg dat hij afhaakt. Bron: BN De Stem.

PS: Dit is mijn duizendste weblogbericht sinds ik in november 2008 begon met bloggen. Duidelijk is dat mijn hobby nu echt uit de hand is gelopen.. Ik zal er binnenkort wat uitgebreider bij stilstaan)

Klantprofielen schuldhulpverlening

Veel gemeenten zijn momenteel aan het nadenken over doelgroepen, schuldenladders en klantprofielen voor schuldhulpverlening. Dit t.b.v. beleidsregels en beleidsplan (wie helpen we), maar ook voor de uitvoering: hoe bepalen we in de intake z.s.m. welk traject moet worden ingezet. Even een update:

Waar staan we?
Onder andere de handreiking klantprofielen in de schuldhulpverlening heeft veel gemeenten hierover aan het denken gezet. Veel gemeenten zijn al best ver in de uitwerking hiervan. In het platform schuldhulpverlening presenteerden de deelnemers onlangs hun aanpak. Ook wisselden ze beleidsregels, vragenlijsten, checklists en procesbeschrijvingen uit. Zie bijvoorbeeld de schuldenladder van Arnhem (klik om te vergroten):

Zie ook het Eindhovense beleidsplan Naar gekantelde schulddienstverlening (sept. 2011) waar dit allemaal verder is uitgewerkt.

Welke profielen? 
Uit de handreiking Klantprofielen blijkt dat motivatie en vaardigheden van de schuldenaar de belangrijkste factoren zijn voor het slagen van een traject. Veel gemeenten voegen daar in hun klantprofielen ook de hardere, eenvoudiger meetbare indicatoren rond financiën aan toe:

Hoe beoordeel je klanten?
Mijn collega’s Vivian den Hartogh en Laurens Bouw hebben samen met met een aantal professionele schuldhulpverleners het aanvraagproces gescreend en praktische vragenlijsten ontwikkeld. Met slimme vragen wordt het volgende achterhaald:

  1. de wil (bereidheid van de klant)
  2. het kunnen (het vermogen)
  3. het moment (is de klant er klaar voor).

Naast de vragenlijst moet je natuurlijk ook goed kijken naar je proces, formulieren en het gesprek met de klant. Mijn collega Laurens Bouw kan daar meer over vertellen (hij gaat bij Stimulansz over de trainingen en heeft het weblog ‘Doe meer in minder tijd’).

Motivatie
om te bepalen of iemand gemotiveerd is is er sinds kort ook via het Nibud een screeningsinstrument beschikbaar; niet te verwarren met het screeningstrument dat in de tweede helft van 2012 wordt opgeleverd door Regioplan en Hogeschool Utrecht.

Tot slot
Lees het artikel ‘Klantprofielen in de schuldhulpverlening‘ van Nadja Jungmann en Roeland van Geuns voor een wat breder perspectief op het voorgaande.

Oproep: deelname aan onderzoek naar communicatie tussen schuldeiser en schuldhulpverlener

De NVVK wil de communicatie tussen schuldhulpverleners en schuldeisers verbeteren. Goede communicatie verhoogt het rendement van schuldhulpverlening voor schuldhulpverleners, schuldenaren èn schuldeisers.

In het kader van het door het ministerie van SZW opgezette programma Verbetering effectiviteit minnelijke schuldhulpverlening, start de NVVK een onderzoek naar de communicatie. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door Stimulansz. Graag verzoeken wij om uw medewerking aan het onderzoek.

In het onderzoek staan de volgende vragen centraal:

  1. Wat is de visie op de onderlinge samenwerking
  2. Hoe verloopt de communicatie
  3. Welke knelpunten worden er gesignaleerd
  4. Welke verbetermogelijkheden zijn er

Deelname aan onderzoek
In het kader van dit onderzoek worden interviews afgenomen en bijeenkomsten georganiseerd met schuldeisers en schuldhulpverleners. Wilt u als schuldeiser (incl. incassobureaus en deurwaarders) of NVVK-lid (medewerker fase 1 en 2 en leidinggevenden) graag deelnemen en/of heeft u in uw organisatie een inspirerende oplossing gevonden voor de communicatie met schuldeisers, schuldenaren of de schuldhulpverlening? Laat het ons weten via g.vanvrouwerf@nvvk.eu. U kunt dan vervolgens door Stimulansz benaderd worden.

Vervolg
In het voorjaar van 2012 zal de NVVK op basis van dit onderzoek een duidelijke visie over communicatie tussen schuldhulpverleners en schuldeisers presenteren. Deze zal worden vertaald in voorbeeldbrieven, modules en gedragcodes.

De Krom geeft antwoord op vragen Eerste Kamer over wetsvoorstel schuldhulpverlening

De staatssecretaris van SZW heeft antwoord gegeven op vragen van de Eerste Kamer over cijfermatige onderbouwing van de beoogde effectiviteitswinst, financiële middelen voor gemeenten, aanpak van de uitbuiting door de financiële sector en (monitoring van) de doorlooptijden.

De Krom geeft in zijn antwoord o.a. aan dat gemeenten voldoende middelen ontvangen om de wet uit te voeren. De VNG is het daar – zoals bekend – niet mee eens.

De vaste commissie SZW van de Eerste Kamer gaat zich nu beraden op de verdere procedure. De volgende commissievergadering vindt plaats op 17 januari.

Drechtsteden bieden schuldhulp via internet

Kijk op www.schuldendrechtsteden.nl.

Het menu en de teksten worden gemaakt en onderhouden door Stimulansz en Lost Lemon. We bieden ook e-formulieren waarmee schuldenaren, schuldeisers of ketenpartners berichten (bijv. aanmeldingen) naar de schuldhulpverlener kunnen sturen. Deze berichten kunnen worden ingelezen in het registratiesysteem van de schuldhulpverleningsorganisatie (bijv. Allegro). Lees meer over het aanbod.

Marktwerking in de schuldhulpverlening

Private schuldbemiddeling wordt hèt thema van 2012. Het kabinet wil private schuldbemiddelaars toestaan tegen een vergoeding schuldbemiddeling te verrichten. Het plan moet nog worden uitgewerkt in een AMvB, maar duidelijk is al wel dat de commerciële schuldbemiddelaar pas een rekening mag sturen als er daadwerkelijk een schuldregeling tot stand is gekomen. Deze vergoeding is gemaximeerd en mag niet ten laste komen van het VTLB. De Belastingdienst/Holland-Midden houdt toezicht.

Nog uit te werken
Het lijkt me wijs om in het AMvB ook goed vast te leggen hoe ver de verantwoordelijkheid van de bemiddelaar strekt nadat de schuldregeling is getroffen. Wat als de schuldeiser er pas na een jaar achter komt dat de schuldenaar helemaal niet gereserveerd heeft en – erger nog – concurrente schuldeisers er met de buit vandoor zijn gegaan? Andere vragen die moeten worden beantwoord: Mag de private partij inkomen beheren? Is NVVK-lidmaatschap en/of werken conform gedragscodes verplicht? Kan de private schuldbemiddelaar een dwangakkoord en moratorium aanvragen en verwijzen naar de Wsnp zonder tussenkomst van de gemeente?

Afroming
In de nu al drie jaar durende discussie over het wetsvoorstel gemeentelijke schuldhulpverlening is private schuldbemiddeling vrijwel nooit aan de orde geweest. Wel heeft de VVD regelmatig gepleit voor een slanke overheid. En de ChristenUnie stelde onlangs dat de publieke schuldhulpverlening zich specifiek moet gaan richten op mensen met een verantwoord uitgavenpatroon. Andere mensen moeten volgens de CU naar de particuliere schuldhulp. Ik verwacht eigenlijk het tegenovergestelde: dat juist de particuliere schuldhulp zich zal gaan richten op mensen met een verantwoord uitgavenpatroon. Deze zijn gemakkelijker bemiddelbaar, hebben waarschijnlijk wat hogere inkomens en er valt dus meer aan te verdienen. Afroming dus. 

Als de vergoeding die de private schuldbemiddelaars mogen vragen van hun klant overeenkomt met de vergoeding die zij nu al mogen vragen als ze worden ingehuurd door de gemeente, vraag ik me trouwens af of private schuldbemiddeling überhaupt lucratief is.

Aanbod gemeenten verandert
Gemeenten zullen zich gaan afvragen wat zij nog willen doen met de harde kern van schuldenaren die minder of helemaal niet bemiddelbaar zijn. De kosten/baten-verhouding van schuldhulpverlening is meestal positief, maar zal wel onder druk komen te staan als het aanbod niet verandert. Misschien gooien gemeenten de schuldbemiddeling wel helemaal overboord en gaan zij zich uitsluitend nog richten op stabilisatie, inkomensbeheer, beschermingsbewind, budgetbegeleiding en psychosociale hulpverlening!

Gemeenten als marktpartij
Misschien leidt de grotere aandacht voor kosten en baten ertoe dat gemeenten zichzelf gaan opstellen als marktpartij. De gemeente Spijkenisse (platform schuldhulpverlening) loopt hierin voorop. Al in 2009 presenteerden ze het rapport Het topje van de ijsberg over de kosten en baten van schuldhulp. Spijkenisse heeft bovendien een aanbod geformuleerd voor bedrijven in de regio. De werkgevers betalen voor schuldhulpverlening die de gemeente biedt aan hun werknemers. De animo bij de werkgevers is groot. En het biedt de gemeente de gelegenheid om een deel van de bezuinigingen terug te verdienen! Meer info over het aanbod van Spijkenisse:

Inzet vrijwilliger bij schuldhulp loont

Uit het vandaag verschenen rapport Maatschappelijk rendement van vrijwilligersprojecten in de schuldhulpverlening blijkt, dat de inzet van de vrijwilligers bij schuldhulpverlening veel oplevert. Het grote maatschappelijk rendement is niet alleen een besparing in geld. De besparing voor de maatschappij is vaak driemaal zo hoog als de kosten van vrijwilligers. En dit bedrag ligt zeer waarschijnlijk een stuk hoger, omdat nog niet alle factoren konden worden meeberekend. Daarnaast voorkomt de extra aandacht en tijd die vrijwilligers aan een hulpvraag kunnen besteden, de kans op terugval van de betrokkenen of vermindert deze kans aanzienlijk.

Het rapport is gemaakt in opdracht van acht organisaties die met de zogenaamde ‘Ortega-gelden’ projecten hebben uitgevoerd op het gebied van de inzet van vrijwilligers bij schuldhulpverlening.

Eerder dit jaar bleek uit onderzoek van de ANBO en het Nibud dat gemeenten de rol die vrijwilligers spelen bij het voorkomen en oplossen van schulden onderschatten. Gemeenteambtenaren hebben te weinig kennis van de taken die vrijwilligers uitvoeren. Hierdoor worden zij niet efficiënt genoeg ingezet.

Lees ook de Kerstgroet van het kabinet aan vrijwilligers.

Tot slot: op 12 januari organiseert Stimulansz een bijeenkomst voor formulierenbrigades (vaak deels bemensd door vrijwilligers).

Nieuwe Wwb plaatst schuldhulpverlening voor problemen

Door mijn collega Erik Rutten:

De huishoudinkomenstoets heeft niet alleen gevolgen voor de bijstand, maar ook voor de berekening van de beslagvrije voet. De basis van de beslagvrije voet bedraagt immers 90% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm. Omdat door de invoering van de huishoudinkomenstoets voor bepaalde gezinssamenstellingen de van toepassing zijnde bijstandsnorm wijzigt, wijzigt daarmee in beginsel ook de van toepassing zijnde beslagvrije voet en de wijze waarop met het inkomen van inwonende gezinsleden rekening wordt gehouden. Binnen het wetsvoorstel is hiervoor een regeling opgenomen die erin voorziet dat het inkomen van andere 1ste graads familieleden wordt meegenomen tot maximaal 50% van de beslagvrije voet.

Een (vaker gebruikt) voorbeeld om een en ander concreet te maken.
Het huishouden bestaat uit een vader, moeder en een 20-jarige zoon. Ze ontvangen per maand de volgende inkomsten:

  • vader ontvangt een WAO-uitkering € 1.500,00
  • moeder ontvangt een heffingskorting minstverdienende partner € 167,00
  • zoon werkt in een fabriek en ontvangt € 500,00.

Een gerechtsdeurwaarder legt beslag op de WAO-uitkering. Afgezien van de woonkosten en premie ziektekostenverzekering bedraagt de beslagvrije voet volgens de huidige berekening:

beslagvrije voet echtparen (90% bijstandsnorm)

1.187,87

inkomen partner tot max. helft beslagvrije voet (€ 593,94)

167,00

beslagvrije voet

1.020,87

Dit betekent dat het UWV maandelijks € 479,13 (1.500,00 – 1.020,87) aan de gerechtsdeurwaarder moet afdragen 

Toekomstige berekening:

beslagvrije voet echtparen (90% bijstandsnorm gezin)

1.187,87

inkomen gezin tot max helft beslagvrije voet (€ 593,94)

593,94

beslagvrije voet

593,93

Dit betekent dat het UWV maandelijks € 906,07 (1.500,00 – 593,93) aan de gerechtsdeurwaarder moet afdragen.

Zowel tijdens de behandeling in de Tweede Kamer, als tijdens de gemeentedagen van het ministerie van SZW zijn er op meerdere vlakken vragen gesteld over de gevolgen van deze nieuwe wijze van vaststelling van de beslagvrije voet. Soms ook vragen waar het ministerie het antwoord op schuldig moest blijven. Voor het ministerie reden om de problematiek nog eens nader te belichten in een van de aanstaande verzamelbrieven. Wij willen daar hier niet op vooruitlopen.

Wel vraagt de invoering van de huishoudinkomenstoets nog om extra aandacht binnen de schuldhulpverlening en dan met name binnen de (toekomstige) schuldbemiddeling. Wil met een schuldenaar een minnelijk traject worden ingezet van 3 jaren naar vermogen aflossen met als eindproduct een schuldenvrije situatie, dan is het essentieel dat zijn inkomen stabiel is. Aan het begin van het traject wordt schuldeisers immers op basis van de dan aanwezige situatie een aflossing van (een percentage) van hun vordering in het vooruitzicht gesteld en blijkt lopende het traject dat dit percentage niet wordt gehaald dan zal de regeling in beginsel stuk lopen.

Met de invoering van de huishoudinkomenstoets zal het feit dat eventueel 1ste graads familieleden bij de schuldenaar inwonen zonder meer gevolgen hebben voor de berekening van de beslagvrije voet en daarmee dus ook voor de afloscapaciteit van de schuldenaar zelf. Wellicht is het inkomen van de schuldenaar zelf wel stabiel, maar wil de afloscapaciteit stabiel zijn dan is – na invoering van de huishoudinkomenstoets – ook vereist dat de situatie rond het inwonende 1ste graads familielid stabiel is. Extra bemoeilijkende factor daarbij is dat dit inwonende familielid in beginsel geen partij is binnen de schuldregeling (het gaat immers niet om zijn schulden) en daarom ook niet tot een bepaalde vorm van handelen is te verplichten. Verlaat dit familielid echter het gezin of verliest dit familielid zijn baan dan heeft dit wel de nodige (negatieve) gevolgen voor de afloscapaciteit en daarmee dus ook voor het welslagen van de schuldbemiddeling.

Binnen de Recofa zullen zonder meer regels worden opgesteld, hoe met deze situaties om te gaan. Deze problematiek speelt immers niet alleen binnen het minnelijke traject, maar evenzo binnen de WSNP. Het is echter zonder meer handig om te anticiperen, door bij trajecten die wellicht eerst na 1 juli worden ingezet reeds waakzaam te zijn op de omstandigheid van inwonende 1ste graads familieleden.

Luister ook naar Joke de Kock van de NVVK op radio 1 (vanmorgen).

Eerste Kamer neemt bijstandswet aan

De Eerste Kamer heeft gisteravond het voorstel voor wijziging van de Wwb en samenvoeging van die wet met de Wij aangenomen.

Belangrijkste wijzigingen:

  • Invoering 110%-norm voor armoedebeleid. De normering geldt alleen voor de categoriale regelingen zoals de langdurigheidstoeslag, de categoriale bijzondere bijstand aan chronisch zieken en gehandicapten, ouderen, mensen met schoolgaande kinderen, collectieve aanvullende ziektekostenverzekeringen, stadpassen en voorzieningen op sociaal cultureel terrein.
  • Invoering huishoudtoets. Hiervoor geldt een overgangsrecht. De huishoudtoets heeft ook gevolgen voor huishoudens met schulden. De motie-Sterk voor compensatie via de bijzondere bijstand moet nog worden uitgewerkt. De motie-Thissen over het geven van het recht op toelage/uitkering aan elk lid van het gezin met als maximumnorm de echtparenbijstandsnorm, is verworpen.
  • Alleenstaande ouders met kinderen tot 5 jaar blijven vrijgesteld van de sollicitatieplicht. Nieuw voor hen is een scholingsplicht. Daarnaast mogen ze meer bijverdienen met werken in deeltijd zonder dat de uitkering wordt gekort.
  • Introductie van de mogelijkheid om de verplichting op te leggen om maatschappelijk nuttige werkzaamheden te verrichten als tegenprestatie voor bijstand.
  • Jongeren tot 27 jaar moeten eerst 4 weken zelf actief op zoek gaan naar werk en een opleiding voordat zij een uitkering of ondersteuning kunnen aanvragen. Als na 4 weken blijkt dat de jongere terug kan naar school of dat hij zich onvoldoende heeft ingezet om aan werk te komen, bestaat er geen recht op een bijstandsuitkering.
  • Gelijktijdig met dit wetstraject is er een verordeningsplicht voor kinderparticipatie geïntroduceerd en wordt de dubbele heffingskorting afgebouwd.

Zie de volledige wettekst, hoe deze tot stand is gekomen en uitleg op het Gemeenteloket van SZW.

Op het gemeenteloket van SZW vind je een ondersteuningspakket voor gemeenten. Zie ook tijdelijk abonnement aanscherping Wwb (stimulansz) en de publieksfolder ‘Zo zit het met wijzigingen in de Wet werk en bijstand in 2012’.

De VNG heeft een Meldpunt nieuwe Wwb. Gemeenten kunnen via dit meldpunt laten weten waar ze tegenaan lopen bij de uitvoering van de nieuwe Wwb.

Schuldhulpverlening niet langer monopolie gemeenten

Minister Verhagen van ELI wil maatregelen treffen om private schuldbemiddelaars toe te staan tegen een vergoeding schuldbemiddeling te verrichten, mits zij voldoen aan enkele strikte voorwaarden:

  1. Ten eerste zal het private schuldbemiddelaars slechts toegestaan zijn een vergoeding in rekening te brengen indien en pas op het moment dat daadwerkelijk een regeling tot stand is gekomen tussen de schuldenaar en zijn schuldeisers over de aflossing van de schuldenlast.
  2. Een tweede belangrijke voorwaarde is dat de door schuldbemiddelaars te vragen vergoedingen niet ten laste mogen komen van het vrij te laten bedrag van de schuldenaar, dat wil zeggen het minimumbedrag waarvan de schuldenaar maandelijks moet rondkomen.

De artikelen 47, 48 en 48a van de Wet op het consumentenkrediet vormen de basis voor schuldbemiddeling binnen de huidige minnelijke schuldhulpverlening. Op grond van deze artikelen mag schuldbemiddeling tegen betaling worden aangeboden door gemeenten, gemeentelijke kredietbanken en bepaalde gereguleerde beroepen zoals advocaten en notarissen. Overige private partijen is het slechts toegestaan om schuldbemiddeling aan te bieden indien daarvoor geen vergoeding wordt gevraagd.

De minister streeft ernaar een voorstel voor een AMvB in het voorjaar van 2012 ter consultatie aan de betrokken partijen voor te leggen.

lees de brief aan de Tweede Kamer. Gemeenten hebben dan niet meer het monopolie!

Beroep op eigen kracht Amsterdammers

Deze week is het Manifest Bestrijding Armoede Amsterdam ondertekend door wethouder Ossel en alle stadsdeelwethouders. De bestrijding van armoede vraagt volgens de stad Amsterdam en stadsdelen een brede aanpak waarin oorzaken en gevolgen in zijn geheel en met Amsterdammers, hun netwerk en verschillende partijen samen worden aangepakt.

De recessie en de overheidsbezuinigingen vergroten deze noodzaak. De overheid moet keuzes maken om de schaarse middelen zo efficiënt mogelijk in te zetten. Bovendien draagt zij niet alleen zelf de verantwoordelijkheid van de bestrijding van armoede, maar ook andere organisaties en burgers spelen een belangrijke rol. De gemeente wil investeren in sociale veerkracht en daarmee in de eigen kracht van mensen en in het vermogen van sociale netwerken om tegenslagen op te vangen.

Op 19 januari begeleidt Stimulansz een bijeenkomst over dit onderwerp in Stadsdeel West.

‘Rol overheid bij schuldhulpverlening beperken’

De ChristenUnie vindt dat de publieke schuldhulpverlening zich specifiek moet gaan richten op mensen met een verantwoord uitgavenpatroon. Andere mensen moeten naar de particuliere schuldhulp. 

Mij lijkt andersom meer voor de hand liggend: de overheid of een door de overheid ingeschakelde marktpartij doet de meest ingewikkelde gevallen en de ‘markt’ doet de mensen met een verantwoord uitgavenpatroon (waar nog wat aan te verdienen valt).  Lees ook de column Voor ‘straf’ naar de private schuldhulp? van Nadja Jungmann.

NB. de Eerste kamerfractie van de VVD is ook voorstander van een slanke overheid, getuige Kamervragen, maar omarmt nog niet direct het voorstel van de CU.

Al bijna drie jaar aan het knutselen

De Eerste Kamercommissie voor SZW heeft vandaag zoals aangekondigd nog enkele vragen geformuleerd voor de regering. Alleen de PvdA heeft vragen: over cijfermatige onderbouwing van de beoogde effectiviteitswinst, aanpak van de uitbuiting door de financiële sector en (monitoring van) de doorlooptijden.

De commissie bespreekt 20 december de nadere procedure. Stemming over het wetsvoorstel zal dus niet meer vóór de jaarwisseling plaatsvinden. Misschien halen we de tweede verjaardag van het wetsvoorstel dan nog. NB. de startnotitie met de eerste contouren van het wetsvoorstel dateert van februari 2009. Dus we zijn al bijna 3 jaar aan het knutselen. Het kan verkeren.

Zelfstandigen met hypotheek en financiële problemen

Kleine zelfstandigen die door de crisis in de problemen komen en plotseling zonder inkomen zitten blijven in een plan van de Kredietbank Nederland recht houden op een hypotheek.

 Lees ook:

Rivierenland lanceert webloket schuldhulpverlening

De gemeenten in de regio Rivierenland lanceren vanavond het digitale loket schuldhulpverlening. Het is bedoeld om mensen met schulden, maar vooral ook hulpverleners, te informeren over schuldhulpverlening en manieren om zoveel mogelijk zelf de problemen aan te pakken. Binnenkort worden er o.a. filmpjes toegevoegd. Dat zouden meer gemeenten moeten doen.

Ik zou eigenlijk vanavond bij de lancering aanwezig zijn, maar ik ben verexcuseerd. Dus nu wat tijd om mijn blog bij te werken, workshop voor morgen voor te bereiden en zometeen op de bank plaats te nemen (Karin Nuland, goede tip ;- ). Iets teveel avondwerk in de drukke decembermaand.

Schuldhulpverlening: Doetinchem wil meer zelf gaan doen

Vorig jaar nog stroomlijnde Stimulanz het werkproces in Doetinchem. Intake en casemanagement ging de gemeente weer zelf doen. Nu gaat de gemeente een stapje verder en onderzoekt zij of ook de schuldregeling in huis moet worden gehaald. Ook Roermond – waar ik momenteel meeschrijf aan het beleidsplan armoedebeleid – voert sinds dit jaar de schuldhulpverlening vrijwel volledig zelf uit. Zie ook ons project rond regie.

Bijeenkomst voor formulierenbrigades en thuisadministratie

Op donderdag 12 januari van 09:30 – 12.30 uur organiseert Stimulansz in Utrecht een bijeenkomst voor formulierenbrigades en organisaties die zich richten op thuisadministratie. Doel is uitwisseling van kennis en ervaringen. Thema’s zijn o.a. doelgroepbereik, schuldhulpverlening, praktische hulpmiddelen, bemensing, positionering en taakafbakening. Ook staan we stil bij actualiteiten zoals de aanscherping vande WWB en het wetsvoorstel schuldhulpverlening.  Het Landelijk Steunpunt Thuisadministratie en het Nibud leveren ook een bijdrage. Kosten: € 69 per persoon (excl. BTW). Geïnteresseerd? Mail naar info@stimulansz.nl.

Lees ook Hulp met formulieren en thuisadministratie.

Kinderen betalen mee aan schuld ouders

Staatssecretaris De Krom gaf de Eerste Kamer vorige week uitleg over de gevolgen van de aanscherping van de WWB voor de schuldhulp. Op Schuldinfo.nl wordt het nog wat preciezer uitgelegd aan de hand van een paar voorbeelden.

In de huidige situatie is het zo dat bij beslag op inkomen alleen de partner van de schuldenaar indirect meebetaalt aan de schulden. De beslagvrije voet die geldt voor het beslag op het inkomen wordt namelijk verminderd met het inkomen van de partner, tot maximaal de helft van de beslagvrije voet. Wanneer de wetswijziging wordt doorgevoerd zal ook het inkomen van meerderjarige kinderen meetellen bij de berekening van de beslagvrije voet. Zij gaan dus indirect meebetalen aan de schulden van de ouders. Lees meer.

Behandeling Wwb op 19 of 20 december

De voorstellen voor aanscherping van de WWB worden waarschijnlijk 19 of 20 december in de Eerste Kamer plenair behandeld (= in stemming gebracht).

De Krom gaf afgelopen vrijdag antwoord op Kamervragen. Hij ging o.a. in op vragen over schuldhulp en bijzondere bijstand voor gezinnen met meerderjarige kinderen. Op 7 december krijgt de regering nog meer vragen van de EK. Deze moeten op 12 december beantwoord zijn.

Zelfbewust een zelfstandige positie

EIM doet jaarlijkse onderzoek naar de economische zelfstandigheid van zelfstandigen. Daaruit blijkt deze keer, dat 33% van de zzp’ers een omzet heeft die lager ligt dan 25.000 euro. 47% van de zelfstandigen kan niet terugvallen op een alternatief gezinsinkomen. De SER berekende eerder dat 60% van de zelfstandigen na aftrek een bedrag onder een minimuminkomen overhoudt. Het onderzoek laat ook zien dat slechts weinig zelfstandigen zich verzekeren tegen ziekte (20%) of langdurige arbeidsongeschiktheid (38%). Ruim de helft van de zzp’ers reserveert wel geld voor pensioenvoorziening. Joke de Kock, voorzitter van de NVVK, zei afgelopen zaterdag in Nieuwsuur dat zij een grote toename ziet van het aantal zelfstandigen dat zich meldt voor schuldhulpverlening.

Toch kiezen de meeste zzp’ers bewust voor het zelfstandig ondernemerschap en hebben zij geen spijt van hun keuze; ondanks de huidige moeilijke economische omstandigheden zou slechts 12% kiezen voor een dienstverband als die mogelijkheid zich zou voordoen.

Toeval (?): vandaag heeft mijn vriendin haar vaste baan opgezegd en begint zij als zelfstandige.

Aanscherping WWB en gevolgen voor schuldhulp

M’n weekend is begonnen, dus ik neem even niet de moeite om het zojuist gepubliceerde antwoord van staatssecretaris De Krom op vragen van de Eerste Kamer verder samen te vatten. Ik citeer daarom:

‘In antwoord op de vragen […] moet er naar de mening van de regering onderscheid worden gemaakt tussen wie verantwoordelijk is voor de schulden en welk bedrag per maand door de schuldenaar kan worden betaald. Met de invoering van de gezinsbijstand en de huishoudinkomenstoets worden thuiswonende meerderjarige kinderen niet aansprakelijk voor de schulden van de ouder(s). De ouders zijn daarvoor, als schuldenaren, verantwoordelijk en moeten zelf de schulden aflossen. Daarin verandert niets.

Welk bedrag per maand wordt afbetaald, is afhankelijk van de afloscapaciteit van de schuldenaar. Die wordt als eerste bepaald aan de hand van het inkomen van de schuldenaar zelf. Daarnaast bepalen ook de inkomsten binnen een gezin de hoogte van de afloscapaciteit van de schuldenaar. De bepalingen met betrekking tot de beslagvrije voet als bedoeld in het Wetboek van Rechtsvordering zijn in dit wetsvoorstel consistent aangepast aan de nieuwe bepalingen van de gezinsbijstand. Dit betekent in het voorbeeld van de leden van de D66-fractie dat als de ouders schuldenaar zijn en zij hebben inkomen zij dan meer kunnen afbetalen op hun schuld van hun inkomen, als dat kind ook werkt en inkomen heeft. Het kind betaalt niet mee af. Wel wordt door beslagleggers rekening gehouden met de toegenomen draagkracht binnen dat gezin. Het gevolg is dat de schulden sneller kunnen worden afgelost. Als ouders geen inkomen hebben, kunnen zij niet aflossen. Er is immers geen afloscapaciteit. Het kind dat werkt hoeft niet de schuld te betalen. Hij is immers geen schuldenaar.

Als de ouders en het kind gezinsbijstand ontvangen, ligt de situatie anders. De ouders betalen de schuld van de gezinsbijstandsuitkering, die ook voor het kind is bedoeld. Het kind kan dit effect ontlopen door de stap naar werk te maken. Het kind is immers geen schuldenaar. Als hij gaat werken, gaat zijn salaris niet naar de aflossing van de schuld van zijn ouders.’

En nu ga ik mijn zoon ophalen van toneelles. Tot maandag!

Beleidsplan schuldhulpverlening Huizen, Blaricum, Eemnes en Laren

Huizen heeft eerder deze maand het Beleidsplan schuldhulpverlening 2012-2015 vastgesteld. Net als Delft (vorige bericht) helemaal klaar voor de nieuwe wet. Vermeldenswaardig is de relatie die wordt gelegd met andere beleidsterreinen (§2.4).

Huizen werkt samen met Blaricum, Eemnes en Laren (deelnemers van het platform schuldhulpverlening). Deze BEL-gemeenten hebben een bijna identiek beleidsplan geschreven en beslissen daarover in december.

Beleidsplan schuldhulpverlening Delft

Het opheffen- en voorkomen van problematische schulden door middel van het vergroten van de financiële zelfredzaamheid van burgers, het hanteerbaar maken van schuldensituaties en waar mogelijk de burger te laten werken aan een schuldenvrije toekomst.

Dat is de doelstelling van de schuldhulpverlening in Delft. Vorige week werd het beleidsplan unaniem aangenomen door de gemeenteraad.

Andere trefwoorden: gestandaardiseerd maatwerk, klantprofielen, wachttijden, verbinden van beleidsterreinen, samenwerking met ketenpartners, inzet vrijwilligers, re-integratie, jongeren, prestatie-indicatoren, recidive en fraude. Kortom, al helemaal klaar voor de wet gemeentelijke schuldhulpverlening.

Morgen staan veel van deze onderwerpen op de agenda van het platform schuldhulpverlening in ‘s-Hertogenbosch. Delft zit ook aan tafel.

Vanavond in ZEMBLA: Gezinnen zonder geld

Zembla gaat vanavond over de gevolgen van de ‘stapeling’ en de huishoudtoets in Tilburg. Om 21.20 uur op Nederland 2.

[gigya src=”http://media.vara.nl/player/player.swf” flashvars=”config=http://media.vara.nl/player/config_extern.xml.php?mediaid=81624″ width=”480″ height=”270″ quality=”high” wmode=”transparent” allowFullScreen=”true”]

Naschrift: de volledige uitzending is nu te zien achter deze link. Verplichte kost!

Lees ook Koopkracht Tilburg in 2012 achteruit.

Kwaliteit meten en borgen

In artikel 2 van het wetsvoorstel schuldhulpverlening zijn kwaliteitsborging en het formuleren van resultaten expliciet benoemd. Maar hoe meet je resultaten? Hoe en wat koppel terug aan het college? En hoe borg  je de kwaliteit?

Stimulansz biedt een kwaliteitscontrole systeem genaamd ‘KIC schulddienstverlening’. Dit is een nieuwe module in het door de meeste sociale diensten gebruikte systeem KIC. Met dit systeem maak je de werkprocessen transparant, breng je structuur aan in procedures en zie je in één oogopslag waar verbetering noodzakelijk is. Met een dashboard kun je live en 24/7 zien welke processen goed lopen en waar de kwaliteit te wensen over laat.

Meer info: Bart Muis of Vivian den Hartogh, telefoon: 06-83242364 of bart.muis@stimulansz.nl.

E-hulpverlening verdrievoudigd

Het aantal mensen dat via internet hulp zoekt bij psychische-, sociale-, of maatschappelijke problemen is tussen 2007 en 2010 meer dan verdrievoudigd. Dat concludeert het Netwerk Online Hulp in een onderzoek dat gisteren is gepresenteerd. Het netwerk bestaat uit organisaties als Humanitas, Juridisch Loket en de Kindertelefoon.

Mooie aanleiding om nog eens te wijzen op initiatieven als het webloket schuldhulpverlening, Berekenuwrecht en de vragenboeken waarmee gemeenten communiceren met klanten en ketenpartners.

Zorgtoeslag wanbetalers rechtstreeks naar CVZ

Wanbetalers van de zorgverzekeringspremie moeten er rekening mee houden dat zij hun zorgtoeslag niet meer zelf zullen ontvangen, maar dat deze  rechtstreeks wordt overgemaakt aan het College voor Zorgverzekeringen. Dit is een van de maatregelen die het kabinet aankondigt om het aantal wanbetalers verder terug te dringen.

Het kabinet wil daarnaast ook wat doen aan de instroom (preventie) en de uitstroom uit de wanbetalersregeling. Zorgverzekeraars hebben nu te weinig belang om wanbetalers uit de wanbetalersregeling te krijgen (eerder belang om ze er in te houden).

Huur- en kinderopvangtoeslag
Kunnen we de huurtoeslag en kinderopvangtoeslag eventueel ook direct aan de huurder respectievelijk kinderdagverblijf overmaken? Huurtoeslag niet, kinderopvangtoeslag wel. Zie wijziging van enkele belastingwetten (scherp gezien door André Moerman).

Vroegsignalering van schulden

Staatssecretaris De Krom geeft ‘de markt’ nog tot maart de tijd om met een goed systeem voor vroegsignalering van schulden te komen. Daarna overweegt hij om de regie weer meer zelf op te pakken. Dat zei hij vanmorgen tijdens een Kamerdebat. Lees ook het wat oudere bericht Partijen vechten om database voor wanbetalers (Volkskrant).

Naschrift: de NVVK stuurde daags na het debat deze brief naar de Tweede Kamer over de werkzaamheden die de initiatiefnemers van het LIS zullen verrichten om een systeem van gegevensuitwisseling tot stand te brengen.

Dat werkt!

Een positieve opstelling van de klant, gekoppeld aan een individuele en stimulerende benadering van een werkcoach, leidt tot de grootste kans op uitstroom uit de armoede.

Dat is de voornaamste conclusie uit het onderzoek Dat Werkt van de IWI. De studie beschrijft ervaringen van mensen die na langere tijd een uitkering te hebben gehad aan het werk zijn gekomen. Doel van de studie was het vinden van factoren die bijdragen aan uitstroom uit de armoede. Staatssecretaris De Krom wil de factoren die uit het onderzoek naar voren komen, breed verspreiden ‘opdat gemeenten dit kunnen inzetten bij hun armoedebeleid’. Lees de aanbiedingsbrief van De Krom aan de Tweede Kamer.