Financiële problemen bij vluchtelingen

Afbeeldingsresultaat voor vluchtelingenopvang nederlaND

Hieronder een artikel door Silvia Bunt, waarmee ik af en toe samenwerk.

Risico op financiële problemen bij vluchtelingen te groot

In een onderzoek dat ik heb uitgevoerd in Zaanstad naar maatwerk door de wijkteams, ben ik in contact gekomen met een vluchteling wiens schulden waren begonnen doordat hij zijn ziektekostenverzekering niet goed had geregeld en zijn vrouw wegens complicaties tijdens haar zwangerschap acuut naar het ziekenhuis moest. Dit had een forse ziekenhuisrekening tot gevolg die ze niet konden betalen. Sindsdien ben ik mij bewust van het hoge risico dat vluchtelingen lopen op schulden, als zij niet voldoende worden toegerust op het ingewikkelde financiële systeem in Nederland en op het omgaan met inkomsten en uitgaven. Met dit artikel hoop ik meer aandacht te genereren voor dit probleem, inzage te geven in de oorzaken en gemeenten tot actie aan te zetten.

Start van bestaan met leningen

Vluchtelingen starten hun bestaan in Nederland vaak met leningen. Om hun huis in te richten, ontvangen ze een budget voor inrichtingskosten van de gemeente. Matrassen, beddengoed, koelkast, tafel en stoelen: alles moet worden aangeschaft. Dit budget betreft in de meeste gemeenten een lening die moet worden terugbetaald. Daar komen nog kosten voor het inburgeringstraject en soms ook gezinshereniging bovenop. De lening voor het inburgeringstraject hoeft weliswaar niet te worden terugbetaald als de vluchteling op tijd zijn diploma haalt of ontheffing/vrijstelling heeft. In de andere gevallen moet deze lening echter wél worden terugbetaald, maar dat is lang niet altijd helder voor vluchtelingen.

Risico op financiële problemen is groot

De exacte omvang van financiële problemen onder vluchtelingen is nog nooit onderzocht. Maar, ter illustratie: Ruim de helft van de 345 statushouders die in 2015 in Breda werd gehuisvest heeft financiële problemen. Dat blijkt uit een analyse van de gemeente Breda in 2017. De statushouders kampen met betaalachterstanden en begrijpen vaak niet goed hoe het financiële systeem in Nederland werkt.

Oorzaken financiële problemen

Uit een recente publicatie van het Kennisplatform Integratie en Samenleving (KIS) komt een aantal specifieke redenen naar voren waardoor vluchtelingen snel in de financiële problemen komen en schulden kunnen krijgen.

Bij vestiging in de gemeente, kan de aanvraag van documenten en toeslagen vertraagd worden waardoor schulden kunnen ontstaan. Een voorbeeld hiervan is dat er verwarring kan ontstaan bij namen van Eritreeërs, die verschillend geschreven staan op de verblijfsvergunning en de bankpas, waardoor de Belastingdienst toeslagen niet toekent en er eerst een nieuwe bankpas met overeenstemmende naam moet worden aangevraagd.

Ook kunnen schulden ontstaan doordat vluchtelingen hun uitkering niet altijd direct ontvangen. Huur- en zorgtoeslag worden gemiddeld na vijf weken uitgekeerd. Bovendien worden kindgebonden toeslagen soms te laat gestort. Tot slot komt het voor dat het maximum bedrag van de huurtoeslag eigenlijk niet toereikend is. Bijvoorbeeld omdat de goedkopere sociale huurwoningen niet meer beschikbaar zijn, waardoor het verschil tussen de verkregen huurtoeslag en huurprijs relatief groot is.

Het is moeilijk voor vluchtelingen om hun inkomsten en uitgaven overzichtelijk te krijgen. Het feit dat je bijvoorbeeld een zorgverzekering betaalt, maar nog wel een eigen risico voor zorgkosten moet betalen (€385 in 2017) kan verwarrend zijn. Ook zijn vluchtelingen soms niet voorbereid op bepaalde facturen, zoals de eindnota van gas, water en licht. Mensen weten zelf vaak niet hoeveel geld ze per maand te besteden hebben en welke rekeningen er nog gaan komen. Dit heeft tot gevolg dat veel statushouders het geld dat ze van de gemeente ontvangen, direct weer uitgeven, zo gaven enkele gemeenten aan die door KIS zijn geïnterviewd.

Bij het ontstaan van financiële problemen, speelt taal natuurlijk een rol. Hoewel vluchtelingen al in het asielzoekerscentrum beginnen met taallessen, is hun niveau van de Nederlandse taal in het begin vaak niet voldoende om bijvoorbeeld belastingaangifte te doen.  Veel formulieren zijn bovendien alleen in het Nederlands verkrijgbaar. Een aantal vluchtelingen die naar Nederland komen, is analfabeet, waardoor het voor hen überhaupt lastig is om schriftelijk informatie te lezen en financiële zaken te regelen.

Vluchtelingen die zich als statushouder in een gemeente vestigen lopen kortom een hoog risico op het ontstaan van schulden. Dit komt door het lastige financiële systeem in Nederland , de grote hoeveelheid regelingen en instanties waar zij opeens mee te maken krijgen, hun (zeker in het begin) beperkte kennis van de Nederlandse taal, hun lage inkomen en de leningen waarmee zij starten.

Oplossingen

Mijn conclusie is dat statushouders, vooral de eerste tijd na huisvesting, serieuze en professionele begeleiding nodig hebben om hun financiële huishouding goed op orde te krijgen. Hiermee kunnen schulden worden voorkomen. Een serieuze investering vanuit gemeenten op dit punt, zal wel eens kosteneffectief kunnen blijken te zijn. Een driejarig traject schuldhulpverlening (minnelijk) kost immers naar schatting zo’n €4.500 (gebaseerd op de Effectencalculator).

In de publicatie van KIS staan twee voorbeelden genoemd van dergelijke ondersteuning. Als eerste het project Euro-Wijzer. In dit project helpt VluchtelingenWerk Nederland vluchtelingen om financieel zelfredzaam te worden en (verdere) schulden te voorkomen. Het project maakt gebruik van groepsgewijze trainingen en vrijwillige budgetcoaches. Hiervoor ontwikkelde het Nibud speciaal materiaal dat aansluit bij de belevingswereld en context van vluchtelingen. In de training werken mensen aan concrete doelen zoals een ordelijke thuisadministratie, omgaan met digitaal betaalverkeer, vooruit plannen in het uitgavenpatroon en aanvragen van bestaande voorzieningen. Daarnaast konden vluchtelingen terecht op regionale spreekuren. Het project zal in 2018 in verschillende gemeenten verder uitgerold worden.

Verder ontwikkelde Kredietbank Nederland een startpakket voor vluchtelingen dat op dit moment in uitvoering is in de gemeenten Tytsjerksteradiel en Leeuwarden. In Tytsjerksteradiel  krijgt de statushouder hierdoor binnen één week een woninginrichtingskrediet zodat deze binnen de gestelde termijn van twee weken kan verhuizen. Daarnaast  wordt ervoor gezorgd dat de uitkering wordt aangevraagd, dat alle statushouders over een DigiD code beschikken en dat de toeslagen juist worden aangevraagd. Vervolgens worden “tijdelijk” de huur, gas, elektra, water en de ziektekostenverzekering betaald. Er zijn zeer korte lijnen met Vluchtelingenwerk en de statushouders krijgen hulp bij het bijhouden van hun financiële administratie. De ervaringen in Tytsjerksteradiel zijn positief. Sinds dit project is gestart zijn er in de gemeente twee statushouders in de financiële problemen gekomen, terwijl er bijna 100 zijn gehuisvest.

———

Lees op dit blog ook artikelen met #migranten 

Te weinig aandacht voor financiële problemen nieuwkomers

Gemeenten houden zich druk bezig met de integratie van statushouders. De nadruk ligt daarbij sterk op werk, en minder op financiële en sociale zelfredzaamheid. Volgens onderzoek van Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS) en partners is het systeem van zorgtoeslagen, naheffingen, eigen risico en afrekeningen zo complex dat de nieuwkomers, die vaak de taal nog onvoldoende beheersen, snel schulden maken.

Het onderzoek richtte zich op drie gemeenten: Peel en Maas, Lelystad en Pijnacker-Nootdorp. Daaruit blijkt, dat nieuwkomers toeslagen meteen uitgeven en eerder geld besteden aan luxeproducten, zoals een grote tv of een elektrische fiets. EU-arbeidsmigranten komen vaak naar Nederland om geld te sparen. Zij krijgen vooral te maken met uitbuiting.

Tips voor gemeenten (§4.3):

  1. Zet in op interne communicatie en kennisdeling
  2. Neem meer tijd en leg de nadruk op preventie
  3. Ontwikkel actief beleid gericht op nieuwkomers
  4. Investeer in de dialoog met migrantenorganisaties
  5. Gebruik sociale media
  6. Lever maatwerk
  7. Zorg voor hulp bij traumaverwerking

Eerder al presenteerde KIS 12 voorbeelden van initiatieven rond schuldpreventie voor migrantengroepen. Lees ook het Casusboekje vluchtelingen in Nederland van Stimulansz.

Twee derde bijstandskinderen heeft migratieachtergrond

Sinds 2012 stijgt het aantal minderjarige kinderen in bijstandsgezinnen ieder jaar. In 2016 ging het om 78.000 kinderen, bijna 10.000 (2,1%) meer dan in 2015. Twee derde van alle bijstandskinderen heeft een niet-westerse migratieachtergrond, zo meldt het CBS. De stijging in 2016 kwam vooral door instroom van vluchtelingen uit Syrië en Eritrea in de bijstand. Het aantal bijstandskinderen uit Somalië of Afghanistan was wat lager dan in 2015.

Het aantal kinderen in gezinnen die 3 jaar of langer een bijstandsuitkering ontvangen, nam in 2016 toe met 4.400 tot ruim 114.000 kinderen. Dat is de helft van alle kinderen in bijstandsgezinnen.

Op de website van het CBS vind je onderaan een kaart met cijfers per gemeente.