Afgelopen vrijdag informeerden minister Van Hijum en staatssecretaris Nobel van SZW de Tweede kamer over de hervormingsagenda inkomensondersteuning. Lees de brief en 6 bijlagen. Deze agenda vervangt het programma met de citroen frisse naam Vereenvoudiging Inkomensvoorzieningen voor Mensen (VIM).
“Te vaak zijn regelingen binnen het huidige stelsel van inkomensondersteuning onvoorspelbaar, ontoegankelijk of onrechtvaardig. Dat komt doordat de wetgeving door de jaren heen steeds complexer is geworden. Het zorgt voor onzekerheid in mensen hun bestaanszekerheid en voor problemen bij uitvoerders als UWV, SVB en gemeenten.” Duidelijk is dat de komende jaren ‘werk’ centraal moet staan en ‘meer moet lonen’ en dat de bijstand binnen de agenda als sluitend vangnet ‘een activerend karakter’ moet hebben en dat de hoogte van de bijstand ‘het noodzakelijke niet te boven gaat’.
Politieke besluitvorming
De haalbaarheid en uitvoerbaarheid van de hervormingsagenda zullen per stap worden getoetst, en de voorstellen moeten vervolgens gewogen worden in het (volgende) kabinet en de Kamer, inclusief de budgettaire randvoorwaarden. Jaarlijks zal de stand worden opgemaakt binnen welke trajecten vereenvoudigingsopties gereed zijn voor de voorjaarsbesluitvorming.
7 sporen
De agenda volgt 7 sporen:
Spoor 1 is voor (gemeentelijk) armoedebeleid het meest relevant:
In spoor 1 herhaalt SZW wat ze eerder al schreven in o.a het Nationaal Programma Armoede en Schulden over gemeentelijk armoedebeleid:
- Kabinet wil aantal gemeentelijke regelingen verminderen en komt met model-beleidskader om uniformiteit en effectiviteit te verbeteren. Tegelijk moet er ruimte blijven voor maatwerk.
- In de hervormingsagenda wordt niet gerept over centralisering van gemeentelijke regelingen (maar we weten dat Nobel gecharmeerd is van de voorstellen van IPE om bijvoorbeeld de kinderopvang-, laptop- en meerkostenregelingen en de studietoeslag, collectieve zorgverzekering en individuele inkomenstoeslag te centraliseren. De studietoeslag wordt overigens waarschijnlijk sowieso al gecentraliseerd in vervolg op een aangenomen motie).
- Gemeenten, UWV en SVB gaan samenwerken aan loketten met (vooringevulde) aanvragen en gegevensdeling. Er komen experimenten met gegevensdeling voor betere (proactieve) dienstverlening in gemeenten die koploper willen zijn.
- Op middellange termijn verkent SZW waar automatische toekenning mogelijk en wenselijk is, te beginnen met gemeentelijke minimaregelingen, de Toeslagenwet en de kwijtschelding van gemeentebelastingen. (Ambtshalve toekenning IIT mag vanaf 1-1-2026).
- Specifiek voor de kwijtschelding van gemeentebelastingen voor mensen met een Wajong- of WIA-uitkering is aan lokale overheden gevraagd de eerder gecommuniceerde, tijdelijke oplossing te continueren.
Toereikendheid sociaal minimum
Het kabinet heeft de analyse van de Commissie sociaal minimum uit 2023 geactualiseerd op basis van de nieuwe armoededefinitie van het CBS, Nibud en SCP en de onderliggende minimum voorbeeldbegrotingen. Daaruit blijkt dat huishoudens in principe voldoende inkomen hebben voor minimaal noodzakelijke uitgaven, als zij de uren werken waar zij toe in staat zijn, alle landelijke regelingen aanvragen waar zij recht op hebben, goed met geld kunnen omgaan en geen onvermijdbare hoge uitgaven hebben. Een aantal huishoudtypen heeft ook enige ruimte om tegenvallers op te vangen, al is deze ruimte beperkt. De financiële situatie van veel huishoudens rond het sociaal minimum is verbeterd ten opzichte van 2023, mede door de verhogingen van het kindgebonden budget en de huurtoeslag in de afgelopen jaren. Hoewel het sociaal minimum op papier dus toereikend lijkt, toont de analyse aan dat in de praktijk veel mensen niet rondkomen door complexiteit, niet-gebruik, afhankelijkheid van toeslagen en onvoorziene uitgaven.
