Site icoon MartijnSchut.blog

Opgroeien in armoede

De SER presenteerde vorige maand haar advies Opgroeien zonder armoede.  De Kinderombudsman presenteerde eerder het rapport Alle kinderen kansrijk. In haar brief van 6 april schrijft staatssecretaris Van Ark namens het kabinet dat ‘de adviezen betekenisvolle inzichten hebben gegeven die het belang van de aanpak van armoede onder kinderen onderstrepen. In lijn met deze adviezen zal het kabinet niet alleen inzetten op het compenseren van de gevolgen van armoede door kinderen mee te laten doen op school, aan sport en cultuur en aan sociale activiteiten, maar ook stevig investeren in het aanpakken van de structurele oorzaken van armoede.’

In de 19 kantjes tellende brief worden vrij uitputtend de maatregelen opgesomd die het kabinet neemt om kinderarmoede te bestrijden. Gelukkig wordt e.e.a. samengevat op p. 18/19. De meeste maatregelen kennen we al, mede omdat ze zijn genomen door het vorige kabinet. In veel gevallen wordt voor de uitvoering (van de maatregelen en opvolging van de adviezen) verwezen naar gemeenten. Ik heb een paar zaken ge-highlight en gelinkt:

VOORKOMEN VAN ARMOEDE

Meer mensen aan het werk

Werk moet lonen

Naar de mening van het kabinet past in dit verband een categoriale invulling van het armoedebeleid met vaste inkomensgrenzen niet bij het wettelijk uitgangspunt van de aanvullende inkomensondersteuning dat individueel maatwerk leidend is.

Verbeteren inkomenspositie van gezinnen met kinderen

Voorkomen en bestrijden van problematische schulden

Inzet extra middelen

TEGENGAAN VAN DE GEVOLGEN VAN OPGROEIEN IN EEN GEZIN MET LAAG INKOMEN

Lokaal integraal maatwerk

Samenwerking met maatschappelijke organisaties

Samenwerking met scholen

Het kabinet investeert structureel € 170 miljoen extra in een verruiming van het aanbod van voorschoolse educatie. Daarmee kunnen gemeenten peuters met een risico op een achterstand spelenderwijs meer taalvaardigheden mee laten geven. Daarnaast investeert het kabinet structureel € 15 miljoen extra in verdere versterking van de onderwijskansen. Deze investeringen komen bovenop het al bestaande budget ter bestrijding van onderwijsachterstanden. Dat betekent dat vanaf 2020 voor gemeenten in totaal structureel € 486 miljoen beschikbaar is. Voor basisscholen is structureel € 260 miljoen als onderdeel van de lumpsum beschikbaar.

Het kabinet faciliteert lokale samenwerking. Onder meer via het programma Gelijke Kansen, met daarbinnen de Gelijke Kansen Alliantie waarin gemeenten, scholen, onderwijsinstellingen, maatschappelijke initiatieven en het ministerie van OCW samenwerken. Vanuit hun lokale agenda bepalen deze partijen welke initiatieven zij gezamenlijk ondernemen om de gelijke kansen in het onderwijs te bevorderen. Het kan gaan om extra taallessen aan de ouders en kinderen, coaching en begeleiding van leerlingen of om activiteiten gericht op beroepseducatie en het trainen van sociale vaardigheden. Het ministerie van Onderwijs heeft € 2,5 miljoen beschikbaar gesteld voor cofinanciering van deze initiatieven.

Versterken van kennisopbouw en kennisdeling

Financiële ondersteuning gemeenten

MONITOREN VAN RIJKSBELEID EN GEMEENTELIJK BELEID

INZET VAN WERKGEVERS EN WERKNEMERS

Tot slot, lees ook de reacties van VNG en Divosa:

Mobiele versie afsluiten