Marije van Dodeweerd schreef een genuanceerd artikel hierover in het tijdschrift Sprank (ook te lezen op LinkedIn).
De armoedeval houdt in dat als je inkomen stijgt, je allerlei inkomensondersteunende maatregelen verliest waardoor je onder aan de streep niets of zeer weinig extra overhoudt. Ik heb vaak gezien, dat als je gaat rekenen, de armoedeval voor de meeste typen huishoudens zeer mee blijkt te vallen. Maar in de perceptie van mensen is hij heel groot. En er zijn veel misverstanden over inkomensondersteuning. Zo wordt er (ook door werkenden) nog vaak van uitgegaan dat alleen uitkeringsgerechtigden daarvan gebruik kunnen maken, getuige bijvoorbeeld dit artikel.
De armoedeval wordt flink gedempt doordat toeslagen en gemeentelijke minimaregelingen inkomensafhankelijk zijn. En we hebben de arbeidskorting. Gemeentelijke regelingen hebben overigens een relatief kleine invloed op de armoedeval, omdat de bedragen minder hoog zijn. Je kunt trouwens door het Nibud een Minima Effect Rapportage laten maken en zo de koopkracht, armoedeval en het effect van gemeentelijke regelingen in kaart brengen.
Eén van de belangrijkste dingen die je als gemeente kunt doen om de armoedeval te beperken: zorg dat werkende minima gebruik maken van toeslagen en jouw gemeentelijke regelingen. En attendeer bijstandsgerechtigden erop dat het recht op inkomensondersteuning niet direct volledig vervalt als je boven bijstandsniveau zit.
In 2008 schreef ik de handreiking Gemeentelijk Armoedebeleid. Inmiddels behoorlijk gedateerd, maar de paragraaf over de armoedeval is nog best up-to-date. Lees op mijn blog alle artikelen over armoedeval.
